Het universele van dattemetoffejongenszijn; Kölle Alaaf!

Haidewitschka, alaaf, helau, papahpapah-tralatrala en andere equivalenten van buuttereedners en dansmarietjes - voor wie zo wil is carnaval een mooi en onschuldig feest, ook in het Rijnland.

De oude bisschopsstad Keulen, die zichzelf als de natuurlijke hoofdstad van het Rijnland ziet, heeft het mooiste en grootste carnaval van Duitsland. Meer nog, de Köllsche Mensch ziet in zijn carnavalstijd een vijfde jaargetijde, een hoogtepunt tussen de sombere winter en het voorjaar. Zeker, ook Mainz, de hoofdstad van Rijnland-Palts, gaat prat op zijn carnaval, dat jaarlijks laat zien hoe de stad 'zingt en lacht'. Maar er gaat in het Rijnland toch niets boven Kölle alaaf!, Fasteleer of Fastelovend, al zijn Keulenaars na een slokje van hun smakelijke plaatselijke bier (Kölsch) best bereid te erkennen dat in Aken, Düsseldorf en Bonn soms niet onverdienstelijk carnaval wordt gevierd.

Weliswaar kan iedereen in Keulen meedoen en zijn eigen hoofdrol spelen, dus ook de van buiten de stad komende bezoeker (die met gevoel voor afstand Imi wordt genoemd), maar de echte hoofdrollen onder de hondderdduizenden Jecken zijn weggelegd voor de Prinz, de Bauer en de Jungfrau. Dit regerende trio in de van oudjaar tot aswoensdag durende carnavalstijd, moet bij alle belangrijke gebeurtenissen present zijn. Zij worden gekozen door de leden van het Feestcomité, waarin tientallen plaatselijke carnavalsverenigingen samenwerken en dat honderden zittingen en bal-avonden organiseert. Büttenredner wordt men ook niet zomaar, de concurrentie moet met een proeve van bekwaamheid worden overwonnen (het woord zelf komt volgens de Keulse etymologie trouwens van de Waschbütte aan de Rijn, waar in vroeger eeuwen tijdens het schoonmaken met luide stem werd gesproken).

Carnavalszondag valt elk jaar zeven weken voor Pasen. De Donderdag ervoor, vandaag dus (Weiberfastnacht), trekken de eerste optochten door de stad, langs huizen waaraan de Nubbel (feestpop) hangt. Maar de sechs tolle Tage beginnen pas goed op zondag en hebben hun hoogtepunt op maandag (Rosenmontag). Dan trekken tientallen kilometers pronkwagens met metershoge poppen van politici, sporthelden en artiesten, fanfares, Tanzmariekes, paarden en gecostumeerde groepen die Kamellen (toffees) gooien, door de stad naar de hoge Domkerk in het centrum. Sinds Napoleons legers de viering van carnaval naar Keulen brachten, begin vorige eeuw, heet het 's morgens op Rosenmontag onder het uren van te voren wachtende publiek: 'Dr Zog kütt!' (de stoet komt eraan). Wie die stoet, die om twaalf uur op gang komt en tegen drie uur bij de Dom is, wil zien, moet er echt uren van te voren zijn. En moet weten dat de binnenstad deze zondag en maandag is afgesloten voor auto's.

Over de herkomst en betekenis van het woord carnaval woedt in Keulen al heel lang een debat. Volgens velen komt het van 'carnevale', de vleesloze periode van de vastentijd. Maar er is ook een verklaring die twintig eeuwen teruggaat, tot de Romeinse tijd, toen in het kader van de Isis-cultuur in het voorjaar de 'carrus navalis' (de scheepskar) naar de Rijn werd gereden om de winter “uit te bannen”.

Dat gebeurde toen alleen aan de 'goede' kant van de rivier, de westelijke kant dus. Want in Keulen gold de andere kant van de stad als Schäl Sick, do fängk Asien aan: de schrale of rechterzijde, waar Azië begint. Zoals oer-Rijnlander Konrad Adenauer, de eerste bondskanselier, zijn chauffeur nabij de Oostduitse grens ooit eens moet hebben gevraagd om de gordijntjes dicht te doen “want we komen nu in de buurt van Azië”. De linker- of rechterkant van de Rijn (gerekend naar zijn stroomrichting), dat maakt elders ook nog wel wat uit. Königswinter bijvoorbeeld, de plaats waar ik woon, ligt voor inwoners van Bonn aan de overkant van de rivier, dus “aan de Russische kant” ervan.

Buitenlanders, Superimi dus, zijn in Keulen welkom als carnalvalsgast. Meer dan een Pappnase (feestneus), een pruik, een hoed en een beetje schmink zijn volgens kenners niet nodig om voldoende geüniformeerd te zijn. Drügge Pitter (zwijgzame sceptische types) kunnen beter wegblijven. De echte Hollander moet oppassen als hij een café (Weetschaff, een Keulenaar zegt niet Kneipe zoals elders in Duitsland) of restaurant bezoekt. Want wie naar Reibekuchen vraagt, krijgt geen koek of gebak, maar aardappelpannekoekjes met appelmoes. Wie de plaatselijke delicatesse Blootschwoosch wenst en daartegen Blutwurst zegt, valt door de mand als een Duitser die zijn tong op 'Scheveningen' probeert.

Voorts: een Halver Hahn kost weliswaar maar 4 à 5 mark, maar is dan ook een roggeboterham met kaas. De Bovenmoerdijker die teleurgesteld kijkt, krijgt bovendien van de Köbes (kellner) nog een trefzekere vraag toe: Sie sind wohl Holländer? Het is een geregelde grap in het altijd afgeladen bierlokaal van de beste plaatselijke brouwer, Früh, aan de Domplatz, vlak bij de parkeerplaats voor toeristenbussen. Want Hollanders staan bekend als mensen die vaak jet an de Föss hebben (welgesteld zijn) maar zich nogal eens als Kniesbüggel (zuinige lui) gedragen. Voor wie niet tot deze groep behoort zijn andere aardige, min of meer authentieke café's: Blömekörvge, La päd, Malote Stüffge, Em Krützche en Zum Salzrümpchen.

Haidewitschka, alaaf, helau, papahpapah-tralatrala en andere equivalenten van het universele dattemetoffejongenszijn - voor wie zo wil is het een mooi en onschuldig jaarlijks feest, ook in het Rijnland. Maar het is veel meer, zoals blijkt uit het gevecht dat Duitse tv-stations voeren om de uitzendrechten op Rosenmontag. Deze slag is dit jaar, voor één miljoen mark, gewonnen door WDR. De publieke zender heeft daarmee, blijkens een persbericht, “het carnaval als een stuk levenscultuur en zonder reclame” op het laatste ogenblik - de camerawagens van Sat-1 en RTL stonden al in Keulen - gered uit de grijpgrage klauwen van de commerciële zenders.

“Wie carnaval financieel wil exploiteren, tracteert de Keulse ziel op de duivel”, zei ook een gewezen bestuurslid van het Keulse Feestcomité. Maar Sat-1 heeft alvast laten weten dat de duivel volgend jaar een grotere zak geld meekrijgt.