Gevierd romanticus

Was Ary Scheffer een groot kunstenaar? De boeiende tentoonstelling over hem, die tot 10 maart in Dordrecht te zien is, geeft op die vraag geen duidelijk antwoord. De prachtige catalogus doet dat ook niet. Misschien valt zo'n antwoord ook wel niet te geven en moet iedereen maar voor zichzelf oordelen. De tijdgenoten vonden in ieder geval van wel. Ary Scheffer was een van de meest gevierde schilders van zijn tijd. De Dordtse tentoonstelling eert hem echter niet als gevierd schilder, maar als 'gevierd romanticus'. Dat was hij zeker ook wel, maar het is toch een ander soort romantiek dan wij bij tijdgenoten als Delacroix en Géricault vinden. De religieuze schilderijen bijvoorbeeld, die zo'n belangrijke plaats in zijn werk innemen, kan men wel romantisch noemen, maar het is wel een bijzondere vorm van romantiek.

Ary Scheffer was veel dingen voor veel mensen: romantisch, moralistisch, piëtistisch en nog veel meer. Hij was echter eerst en vooral een zeer vaardig schilder, die verschillende genres met verve beoefende. Hij was in het bijzonder gezocht als portret- en historieschilder, en terecht want zijn portretten behoren tot het beste van zijn werk. Scheffer was in zijn tijd zeer beroemd, maar hij is al vrij snel vergeten en uit de mode geraakt. Zo snel en zo totaal dat men met enige verbazing leest dat zelfs Vincent van Gogh zijn werk prees en een gravure van Scheffer aan de wand had hangen.

De combinatie Van Gogh - Scheffer doet nogal vreemd aan. Het lijken twee totaal verschillende schilders. Van Gogh was dan wel geen romanticus in de kunsthistorische zin van het woord, maar hij was wel het prototype van de romantische kunstenaar. Zijn werk was zeer persoonlijk van toon en expressie, hij zocht voortdurend naar nieuwe vormen en zijn bestaan werd gekenmerkt door armoede, miskenning en rusteloosheid. Ary Scheffer was als schilder ook op zoek naar vernieuwing, maar zijn leven was toch heel anders dan dat van Van Gogh. Het werd niet gekenmerkt door miskenning maar door maatschappelijk succes. De 'gevierde romanticus' was in vele opzichten een gezeten burger.

Toch was ook zijn levensloop een zeer uitzonderlijke. Ary Scheffer was veertien jaar oud toen zijn vader en leermeester in 1809 overleed. Hij ging daarna naar de academie in Lille. Op zestienjarige leeftijd arriveerde hij in Parijs. Zijn inzendingen voor de Salon hadden eerst geen succes, maar in 1817 brak hij als schilder door. Hiernaast was hij ook actief in de politiek, dit laatste vooral onder invloed van zijn broer Arnold. Deze Hollandse jongen werd reeds in 1815, op negentienjarige leeftijd, redacteur van de Constitutionnel, een belangrijk dagblad, en schreef een indrukwekkend aantal politieke geschriften met een liberaal en nationalistisch karakter, wat hem enkele malen in moeilijkheden bracht met politie en justitie. Hij was secretaris van La Fayette, de leider van de Republikeinse groepering. Deze laatste maakte ook grote indruk op Ary Scheffer, die een vaste bezoeker van zijn salon werd. De Scheffers traden toe tot de Charbonnerie, een geheim genootschap dat, net als de Italiaanse Carbonari, streed voor de ideëen van vrijheid en volkssoevereiniteit. De gebroeders sympathiseerden met de vrijheidsstrijd van Grieken, Polen, Italianen en anderen. De Scheffers waren, kortom, vurige, gedreven, romantische liberalen en internationalistische nationalisten, zoals men ze in die tijd in heel Europa vond. Ary Scheffer zou zich uiteindelijk aansluiten bij een andere, mildere, vorm van liberalisme, die welke verbonden is met het huis Orléans, een zijtak van de Bourbons. Met dat huis onderhield hij speciale banden. Hij was namelijk in 1822 tekenleraar geworden van de kinderen van Philippe, de hertog van Orléans. Dit contact was niet alleen goed voor zijn carrière en de groei van zijn clientèle, maar werd ook het begin van een blijvende en diepe vriendschap.

In 1830 brak de Juli-revolutie uit, die het reactionaire regime van de Bourbons ten val bracht en de constitutionele monarchie introduceerde. Ary Scheffer was actief betrokken bij deze gebeurtenissen. Samen met Adolphe Thiers, de beroemde historicus en staatsman, reed hij van Parijs naar Neuilly, waar de hertog van Orléans 's zomers woonde, om hem te verzoeken het koningschap op zich te nemen. Dat deed deze en onder de naam Louis-Philippe werd hij de volgende (en laatste) koning van Frankrijk.

Tijdens de Juli-monarchie vielen Scheffers grote jaren. Hij kreeg tal van opdrachten, zowel van de staat als van de kerk, van de oude aristocratie en de nieuwe bourgeoisie. Hij bewoonde samen met zijn moeder en zijn broer een huis met twee ateliers in de rue Chaptal. Hij was ongetrouwd, maar had wel een natuurlijke dochter, wat hij lange tijd voor zijn moeder verborgen wist te houden. Hij ontving een uitgebreide kennissenkring van intellectuele, politieke en artistieke grootheden: componisten en dichters, maar ook vooraanstaande intellectuelen en politici. Zijn huis was een cultureel en intellectueel centrum van betekenis.

De Juli-monarchie, die uit een revolutie ontstaan was, zou ook in een revolutie ten onder gaan. Dat gebeurde in 1848 tijdens de Februari-revolutie. Ary Scheffer, inmiddels drieënvijftig jaar oud, was ook bij deze gebeurtenissen betrokken, maar op een andere manier dan in 1830. In februari 1848 escorteerde hij de koninklijke familie bij haar vlucht uit Parijs, zulks op persoonlijk verzoek van de koningin, die hem tijdens zijn wacht in de Tuilerieën - hij was kapitein van de nationale garde - te hulp had geroepen en verzocht haar en haar gezin buiten de stad te brengen. In juni vocht hij mee in het leger van Cavaignac, de generaal die op bloedige wijze de sociale revolutie van de Parijse arbeiders neersloeg. Scheffer was persoonlijk betrokken bij de strijd in de Faubourg St. Martin, waarbij vele doden vielen.

Het zijn maar enkele gebeurtenissen uit dit eigenaardige schildersleven, maar zij laten duidelijk zien hoezeer die tijd verschilde van de onze, hoe anders men toen dacht en leefde. Waar vindt men nog een schilder die zijn hele leven samenwoont en werkt met zijn moeder, die vertrouweling en toeverlaat is van de koninklijke familie, die betrokken is bij twee revoluties en als kapitein van de nationale garde leiding geeft bij straatgevechten? Waar vindt men nog een Nederlandse emigrantenfamilie die zo'n grote rol speelt in de Franse cultuur en politiek? Wij praten nu al vele jaren over een Europa zonder grenzen, maar in vele opzichten kende Europa anderhalve eeuw geleden minder grenzen dan nu.