Fijnaut: doorleveren harddrugs niet verbieden

AMSTERDAM, 15 FEBR. De politie moet niet worden verboden harddrugs door te laten bij de bestrijding van de zware misdaad, zoals de parlementaire enquêtecommissie opsporingsmethoden voorstelt. Dit heeft een van de belangrijkste adviseurs van de enquêtecommissie, de Rotterdamse criminoloog C. Fijnaut, vanmorgen gezegd op een congres in Amsterdam over het rapport van de commissie-Van Traa.

Volgens Fijnaut, die voor de enquêtecommissie onderzoek deed naar de ernst en omvang van de zware criminaliteit, komt uit zijn onderzoek een “te geschakeerd beeld” van de criminaliteit naar voren om een “absolute afwijzing” van het doorlaten van harddrugs te aanvaarden. De criminoloog wijst erop dat een aantal belangrijke buitenlandse misdaadgroepen - zoals Italiaanse, Chinese en Ghanese - door de politie nauwelijks zijn te infiltreren. In die gevallen kan het doorlaten van hard drugs voor de politie een noodzakelijk opsporingsmiddel zijn, aldus Fijnaut.

Volgens de criminoloog heeft de enquêtecommissie “geen coherent stelsel van criteria” ontwikkeld waarmee kan worden bepaald welke opsporingsmethoden aanvaardbaar zijn. Daardoor komen de keuzes van de commissie-Van Traa hem “willekeurig” voor. “Heeft de enquêtecommissie zich in kwesties als deze niet al te zeer laten leiden, laten misleiden, door het negatieve voorbeeld van de Haarlemse variant op de Delta-methode? Ik vind van wel”, aldus Fijnaut.