Advies: meer houderschapsbelasting

DEN HAAG, 15 FEBR. De zogeheten houderschapsbelasting voor auto's die op benzine en diesel rijden moet worden verhoogd; het rijden op LPG moet fiscaal aantrekkelijker worden gemaakt. Via fiscale prikkels moet de overheid automobilisten aansporen lichtere auto's te kopen.

Dat adviseert de werkgroep-Van der Vaart, genoemd naar het voormalig PvdA-Kamerlid en inmiddels topambtenaar op Financiën, in een advies aan minister De Boer (Milieu) en staatssecretaris Vermeend (Financiën).

De werkgroep heeft nog geen definitieve beslissing genomen over de verhoging van de belastingen. Staatssecretaris Vermeend komt binnenkort met definitieve adviezen in een brief aan de Tweede Kamer.

In een van de varianten gaat de werkgroep uit van een verhoging met 130 gulden (nu 20 gulden) voor elke 100 kg gewicht boven de 600 kg (nu 900 kg). De fiscus moet dieselauto's nog hoger aanslaan. Voor een auto op LPG moet de automobilist per jaar 240 gulden minder gaan betalen. Daar staat een verhoging tegenover van de LPG-accijns met 8,5 cent per liter, zodat het voordeel verdwijnt naarmate iemand meer rijdt.

De commissie pleit verder voor introductie van een chipkaart om de automobiliteit te ontmoedigen. De werkgever kan zijn werknemer naast een auto van de zaak ook zo'n kaart geven. De werknemer kan dan binnen bepaalde grenzen zelf kiezen op welke dag hij gebruik maakt van de auto van de zaak danwel van het openbaar vervoer. De commissie rekent op een daling van de zakelijke kilometers van tien tot vijftien procent.

Als de werknemer zich houdt aan gestelde grenzen, kan hij zonder inkomensbijtelling voor loon in natura gebruik maken van door de werkgever vergoed vervoer. Op dit moment is de onbelaste auto van de zaak beperkt tot mensen die daar privé minder dan duizend kilometer mee rijden; dat aantal kilometers zou fors omhoog kunnen gaan.

De belangenorganisaties Bovag en RAI vinden dat de commissie dieselrijders discrimineert. Personenauto's met dieselmotor kunnen aan vrijwel dezelfde milieu-eisen voldoen als benzinewagens. Zij zijn echter vijftien tot twintig procent zuiniger en leveren zo een bijdrage aan energiebesparing.