Verhoor officieren kan weken duren

DEN HAAG, 14 FEBR. Het VN-tribunaal voor oorlogsmisdaden in voormalig Joegoslavië zal enkele weken nodig hebben om vast te stellen of de twee Bosnisch-Servische officieren die gisteren van Sarajevo werden overgebracht naar Den Haag, schuldig zijn aan oorlogsmisdaden en aangeklaagd zullen worden.

Dat heeft een woordvoerder van het tribunaal gisteren bekendgemaakt. De twee officieren - generaal Djukic en kolonel Krsmanovic - gelden vooralsnog alleen als verdachten. Ze zullen door onderzoekers van het tribunaal worden verhoord over hun activiteiten tijdens de oorlog. Beide officieren waren verantwoordelijk voor transport in het Bosnisch-Servische leger, dat onder commando staat van generaal Ratko Mladic, die door het tribunaal formeel in staat van beschuldiging is gesteld. De woordvoerder van het tribunaal sloot niet uit dat Djukic en Krsmanovic vrijgelaten zullen worden. In dat geval zouden ze toch kunnen optreden als getuigen in een proces tegen Mladic. Het tribunaal kan de officieren zo lang vasthouden als het noodzakelijk acht.

De officieren werden gisteren bezocht door plaatsvervangend aanklager Graham Blewitt, afkomstig uit Australië, die hen informeerde over hun rechten. Verdachten mogen zich laten bijstaan door een advocaat en hebben recht op een vertaler, zodat ze zich in hun eigen taal kunnen verdedigen. De voertalen van het tribunaal zijn Engels en Frans. Generaal Djukic had afgelopen zondag, toen hij nog door Bosnië werd vastgehouden, de Servische advocaat Toma Fila gevraagd hem bij te staan in zijn verweer tegen mogelijke beschuldigingen.

Fila is een bekende advocaat in Servië en staat op de lijst van het tribunaal met advocaten die verdachten en aangeklaagden mogen verdedigen. Fila zei gisteren de verdediging van Djukic op zich te hebben genomen “omdat ik een Serviër ben en het mijn plicht acht het te doen”. Fila trok de objectiviteit van het tribunaal in twijfel. Het tribunaal had volgens hem met alleen de Bosnische Serviër Dusko Tadic in hechtenis geen reden van bestaan. Met “de beschikking over een generaal en een kolonel” is daar volgens hem verandering in gekomen. Fila vindt het tevens “onfatsoenlijk” dat het tribunaal aan de Servische president Milosevic vraagt om generaal Mladic en de Bosnisch Servische 'president' Karadzic uit te leveren. “Dat moeten ze aan de Bosnische president Izetbegovic vragen. Ze bevinden zich namelijk in Bosnië.”