Rentetarieven op geldmarkt tot rust gekomen

AMSTERDAM, 14 FEBR. Na de relatief forse rentemutaties een week geleden, was er op de geldmarkt in de verslagweek nauwelijks sprake van een verandering van de tarieven. Naar het lijkt, maken handelaren een pas op de plaats, in afwachting op nadere berichten uit Frankfurt. De aanhoudend sombere vooruitzichten voor de conjunctuur in Duitsland lijken een verdere verlaging van het disconto daar te rechtvaardigen. Anderzijds zijn er signalen die wijzen op een te hoge groei van de Duitse geldhoeveelheid. Ten opzichte van de referentieperiode van oktober-december 1995 moet voor januari rekening worden gehouden met een stijging van de Duitse geldhoeveelheid die uitgaat boven de doelzone van 4 tot 7 procent, zoals die voor dit jaar is gesteld. Hierbij moet dan nog in aanmerking worden genomen dat door de grotere volatiliteit van de geldgroei op korte termijn, die zone in vergelijking met het vorig jaar aan de bovenkant met 1 procentpunt (een honderste van één procent) is opgehoogd. Ondanks dat de inflatie geen tekenen van acceleratie vertoont, staat dit een discontoverlaging in de weg. Evenals het Nederlandse driemaands interbancaire tarief, bleef het Duitse gedurende de verslagweek roerloos liggen, zij het op een wat hoger niveau van 3,25 procent.

Op de Nederlandse geldmarkt werden geen opzienbarende gebeurtenissen waargenomen. De afname van de bankbiljettencirculatie met 108 miljoen gulden en de intering op het tegoed van het Rijk met 2.150 miljoen gulden, hadden een verruimende werking, evenals de verlaging van de verplichte kasreserves met 468 miljoen gulden. Hiertegenover stond echter dat op de verslagdatum banken uit hoofde van speciale beleningen 2.881 miljoen gulden minder ter beschikking hadden, zodat de post voorschotten in rekening courant 200 miljoen gulden hoger uitkwam dan een week geleden. Dit neemt evenwel niet weg dat, met uitzondering van afgelopen donderdag, de voorschottn in de verslagweek steeds onder het voor deze contingentsperiode vastgestelde gemiddeld toelaatbare bedrag van 4.141 miljoen gulden zijn gebleven. De contingentsbesparing kon daardoor toenemen tot 1,9 procentpunt. Nu 27,5 procent van de tijd is verstreken, is 25,6 procent van het krediet verbruikt.

Morgen wordt, voor een periode van 14 dagen, een nieuwe kasreserveperiode van kracht met een verplichting die 4,2 miljard gulden hoger ligt dan de huidige. Dan wordt ook een verruiming van de geldmarkt verwacht vanuit de schatkist in verband met omvangrijke rentebetalingen en aflossingen op staatsschuld. Een deel hiervan zal in de schatkist terugvloeien als gevolg van stortingen op in het verleden nieuw uitgegeven DTC's (Dutch Treasury Certificates). Verder loopt morgen de nu nog op de weekstaat geactiveerde speciale belening af, zodat De Nederlandsche Bank zo nodig via maatwerk de geldmarktrente kan sturen.

Bron: Economisch Bureau ING Groep