Beurs: meer macht beleggers

GRONINGEN, 14 FEBR. De Amsterdamse effectenbeurs gaat een commissie van prominente ondernemers, beleggers en deskundigen instellen die snel een rapport moet presenteren over aanmerkelijke uitbreiding van invloed van aandeelhouders in bedrijven. Aan de beurs genoteerde ondernemingen die zich straks niet aan de nieuwe regels willen houden, moeten hun afwijkend gedrag plus hun argumenten daarvoor publiekelijk melden in hun jaarverslag.

Dat heeft beursvoorzitter drs. B. Baron van Ittersum gisteren gezegd na afloop van een congres in Groningen over controle op ondernemingbestuurders. Van Ittersum wil ondernemers op deze manier dwingen tot een meer effectieve dialoog met hun beleggers. Tot nu toe reageren bestuurders volgens hem afhoudend op uitbreiding van invloed van kapitaalverschaffers.

De effectenbeurs volgt hiermee het voorbeeld van de Britse beurs die deze strategie (Cadbury Committee) in 1992 heeft gebruikt om grotere openheid en externe controle op Britse bedrijven af te dwingen. De meeste Britse ondernemingen houden zich aan de nieuwe regels, al was het maar omdat publieke bekentenis van afwijkend gedrag als onacceptabel wordt beschouwd door de machtige grote beleggers, zoals verzekeraars en beleggingsfondsen.

De zeggenschap van beleggers in veel Nederlandse bedrijven is beperkt en dat is de Amsterdamse beurs al jaren een doorn in het oog. De nieuwe prominentencommissie moet onder meer adviseren over uitbreiding van de zeggenschap van beleggers over besluiten als het jaarlijkse dividend, uitgifte van nieuwe aandelen en de invoering van een revolutionair systeem van stemrecht per volmacht.

“De commissie moet medio dit jaar rapport uitbrengen”, zei Van Ittersum gisteren in de wandelgangen. “Drie leden van de commissie zullen uit het bedrijfsleven komen, drie uit de beleggerswereld en drie deskundigen, bijvoorbeeld een accountant of een jurist.” Wie de voorzitter wordt, wilde hij niet zeggen.

Volgens van Ittersum is het mandaat van de commissie ruimer dan dat van het Britse Cadbury Commitee dat in 1992 verstrekkende voorstellen deed voor de intensivering van het toezicht op het Britse bedrijfsleven. De benoeming van de commissie vloeit in Nederland voort uit afspraken tussen de beurs en de Vereniging van Effecten Uitgevende Ondernemingen (de beursfondsen) over gedeeltelijke afbraak van bescherming van bedrijven tegen ongewenste vijandige overnames. Politieke besluitvorming over deze beperking van de bescherming is tot ongenoegen van enkele grote bedrijven en beleggers ernstig vertraagd.

    • Menno Tamminga