Beleggers en bedrijven botsen over machtspositie

GRONINGEN, 14 FEBR. “Ik moet aan een Gronings spreekwoord denken: men wil het meel in de mond houden en tegelijk blazen.” Botsende opvattingen van beleggers en ondernemers over zeggenschap in ondernemingen en de controle op directeuren kon prof. J. Bouma nog vangen in lokale termen.

Maar Wall Street en de City kennen geen Gronings en dus is de titel van het congres van de studentenvereniging RISK: Corporate governance. Wie controleert de managers die ondernemen met het geld van hun aandeelhouders, wie controleert deze bedrijfscontroleurs en hoe kunnen kapitaalverschaffers ingrijpen als het beleid hen niet zint? “De discussie over corporate governance is mede ontstaan omdat de professionele beleggers waar voor hun geld willen”, zegt algemeen directeur C. van Rees van het Shell Pensioenfonds onomwonden.

Vragen over macht en controle daarop zijn van alle tijden en van alle plaatsen. De overheid werkt ook met andermans geld en moet, meer nog dan bedrijfsdirecteuren, verantwoordelijkheid koppelen aan verantwoording.

Achter de discussie over rendement en zeggenschap van beleggers gaan diepere politieke keuzes schuil. Corporate governance is ook een gospel, een blijde boodschap dat de dynamische Angelsaksische samenleving het verstarde Europese continent en Japan de weg kan wijzen naar meer welvaart en ambitieuze banengroei. Europa en Nederland voelen soms al gure wind uit het Westen, van beleggers uit Amerika en Engeland die duidelijkheid eisen over de - in hun ogen - mistige, informatieschuwe en van familie- en vriendenkliekjes aan elkaar hangende colleges van bestuurders en commissarissen.

Welke kant gaat het Nederlandse bedrijfsleven op? Naar een meer Angelsaksisch systeem, waarin de belangen van de aandeelhouders een centrale plaats hebben (shareholder economy)? Of overwint het vertrouwde Rijnlandse model dat een baaierd van belangen, van werknemers en beleggers tot leveranciers en samenleving, wil verenigen (stakeholder economy)?

De wereld is in verwarring. Daimler-Benz saneert in het hart van het Rijnlandse model met harde hand zijn wijd vertakte conglomeraat (Fokker, AEG). De Britse oppositieleider Blair propageert juist de stakeholder economy als remedie voor een revitalisering van de Britse samenleving en economie.

Het groeit naar elkaar toe, zegt Akzo Nobel bestuurder S. Bergsma. “En het tempo gaat vrij snel”, voegde financieel adviseur P. Koster (accountants Coopers & Lybrand) toe. Nee, het gaat meer in de richting van een shareholder economy, denkt directeur aandelenbeleggingen J. Mensonides van het ambtenarenpensioenfonds ABP. Hij ziet het Angelsakische model verder oprukken, al zal het wel worden ingebed in de Nederlandse cultuur. Het Rijnlandse model van overleg en spreiding van belangen heeft goed gefunctioneerd in de na-oorlogse wederopbouw in Europa en Japan, maar de dynamiek en de intenisteit van de concurrentie tussen bedrijven en regio's is nu te heftig geworden. Bedrijven reageren te traag en dreigen overvleugeld te worden door de slagkracht van de Angelsaksisch gedreven ondernemingen.

De opvattingen van het ABP, een reus met 185 miljard gulden beleggingen, onderstrepen de nieuwe waakzaamheid van de grote beleggers over hun belangen in het bedrijfsleven. “Wij worden aangesproken op ons rendement”, zegt Van Rees van Shell Pensioenfonds, die de helft van het vermogen van 18 miljard gulden in aandelen heeft belegd. De beleggers eisen rendement omdat hun opdrachtgever (het pensioenfonds of beleggingsmaatschappij) dat wil. En die wil het omdat een hoger rendement de pensioenpremies (een kostenpost) verlaagt en zo de concurrentiekracht versterkt.

Professionals als Mensonides steken steeds meer geld in de aandelenmarkt omdat deze beleggingen op langere termijn een superieur resultaat bieden. Maar wat moeten zij als een belegging minder presteert dan verwacht. Hun aandelen verkopen? Dat is kostbaar. De grote beleggers zijn zo groot dat hun verkoopopdracht de beurskoers ontwricht. Het beleid van de ondernemingsleiding bijsturen, wat sommige Amerikaanse pensioenfondsen (zoals het Californische ambtenarenfonds Calpers) proberen? Van Rees is huiverig voor zoveel activisme. Hij wil meer zeggenschap, maar eigenlijk alleen om misstanden te corrigeren: niet functionerende managers en commissarissen wegstemmen.

De roep om grotere zeggenschap van de beleggers wekte bevreemding bij H. Langman, oud-ABN(Amro)-bestuurder, ooit minister van Economische Zaken en tegenwoordig commissaris (Vendex, Getronics), maar altijd scherpzinnig jurist. Hij somde verschillende machtsmiddelen op die aandeelhouders nu al hebben, maar die zij zelden of nooit gebruiken. Als beleggers vinden dat een commissaris niet functioneert, laten zij dan de koppen bij elkaar steken en - met de wet in de hand - bezwaar maken bij de Ondernemingskamer van het Amsterdamse gerechtshof, de specialist in vennootschappelijke conflicten. Dat zou wel eens heel effectief kunnen zijn, voorspelde hij. Welke commissaris en welk bedrijf wil dat de vuile was op die manier naar buiten komt?

    • Menno Tamminga