Potentaatjes

Thijs Libregts is tegenwoordig technisch-directeur bij het Rotterdamse Sparta. Van huis uit is hij zeker geen geboren Spartaan, want zijn wieg stond bij Excelsior, waar zijn vader vele jaren secretaris was. Toen Thijs 16 jaar was, drong hij al door tot het eerste elftal. Hij kon inderdaad (zo schrijft mijn geheugen mij voor) zeer behoorlijk voetballen. Wat hij miste was het heilig vuur. Hij deed mee, vervulde zijn taak en viel niet op. Een dienende speler heet dat tegenwoordig. Aangezien die er ook moeten zijn trok Feyenoord hem aan, waar hij Eddy Pieters Graafland, Gerard Kerkum, Hans Kraaij, Cor van der Gijp en Coen Moulijn trof. Na een handvol jaren ging hij terug naar Excelsior - de sfeer op Woudestein verschilde aanmerkelijk van die in de Kuip, waar alles zoveel harder was. Libregts liep eerst de HBS af, ging toen naar de Academie voor Lichamelijke Opvoeding en toen hij z'n spelersloopbaan had afgesloten, werd hij trainer bij Hillegersberg, een vierde klasse amateurclub.

Hoewel hij volgens zijn criticasters geen warmte uitstraalde, heeft hij toch als trainer/coach veel bereikt, zij het nooit voor lange duur. De sportleraar aan de Erasmus Universiteit trainde niet alleen Excelsior, maar ook PSV, Feyenoord, een paar Griekse clubs en eventjes het Nederlands elftal. In Eindhoven verhinderde zijn cynische humor hem om populair bij zijn spelers te worden. Bij Feyenoord had hij het geluk dat Johan Cruijff revanche op Ajax had gezworen en als veteraan (37 jaar) nog eenmaal kampioen van Nederland wilde worden. Eerst leek het niet te zullen lukken, want Ajax won in het Olympisch Stadion met niet minder dan 8-2, maar toen er een paar gaten opvullende spelers rond Cruijff waren geposteerd (onder anderen Stanley Brard) dirigeerde Cruyff de Rotterdammers naar de titel. In hoeverre hierbij de rol van Libregts van invloed is geweest, valt moeilijk te beoordelen. Bevrijd van Michels zal Johan het voornamelijk in zijn eentje hebben gedaan. In Griekenland was hij vier jaar lang behoorlijk succesvol. Hij was een 'meneer' en stond boven zijn spelers, wat daar goed werkte.

Maar terug in eigen land kreeg hij met lastige individualisten te doen. Als bondscoach (in 1988) kreeg hij te maken met een rebellerende Ruud Gullit, die aanvallender spel beoogde dan Libregts voor Oranje in gedachten had. In Finland barstte de bom, toen Gullit gelegenheid vroeg en kreeg om zijn medespelers duidelijk te maken, hoe hij vond dat er gevoetbald diende te worden. Kunt u zich voorstellen, dat Michels daarin berust had? Libregts vond het goed. Kort geleden, toen de voorzitter hem buiten Van Hanegem om tot technisch-directeur had benoemd, voerde de Kromme een stille oorlog tegen hem, welke uitmondde in het afscheid van Libregts. Met de media ging Thijs Libregts moeizaam om. Hij toonde weinig souplesse en kreeg van de pers ook weinig ruimte om ongestoord te functioneren. Vermoedelijk zit hij nu bij Sparta in een omgeving waarin niet voortdurend messen worden geslepen. Gemakkelijk heeft hij het echter niet, al was het maar omdat niet minder dan 17 contracten aan het einde van dit seizoen aflopen en het voor Sparta vaak gunstige transfersysteem straks geen baat meer brengt, nu het op het punt staat in de prullenmand te verdwijnen. Wie in Het Parool leest wat Libregts te melden heeft over de huidige en de te verwachten situatie, wordt geconfronteerd met een rustig redenerende man, die zijn weetje weet. Toch heeft hij het rond de top nooit kunnen maken. Is het zijn gebrek aan uitstraling en warmte geweest, dat hem noodlottig is geworden. Of was hij niet opgewassen tegen lastige potentaatjes als Gullit en Van Hanegem? Iets in die trant moet het geweest zijn.

    • Herman Kuiphof