Gruwelijke geheimen in een buldog-villa

Rindert Kromhout, Rare vogels. Ill. Jan Jutte, Uitg. Leopold, 111 blz., vanaf 9 jaar, ƒ 24,90.

'Ach Magdalena, wat ging je weer prachtig dood vandaag,' zegt een ram tegen een kip. Beide beesten maken deel uit van een toneelgroep. Samen met een fazant, een konijn, een varken (het manusje van alles) en een buldog die directeur is reizen zij rond en voeren onderweg in dorpen hun toneelstuk 'Moord op de schone maagd, een spannend verhaal vol liefde en droefenis' op.

Over dit bonte gezelschap gaat Rare vogels van schrijver Rindert Kromhout en illustrator Jan Jutte. Rare vogels werd vorige week in de categorie jeugdliteratuur genomineerd voor een Gouden Uil.

Rare vogels doet qua sfeer denken aan de eerdere, succesvolle boeken die Kromhout en Jutte samen maakten, zoals Peppino (Zilveren Griffel 1991) en De Paljas en de vuurvreter. Kromhout heeft af en toe hinderlijk veel bijvoeglijke naamwoorden nodig om het landschap en zijn personages te beschrijven, maar op dat kleine bezwaar na is zijn stijl losser en minder gekunsteld geworden. Daardoor past hij steeds beter bij zijn illustrator. Zijn taalgebruik en de tekeningen van Jan Jutte hebben dezelfde vaart en humor. Juttes dieren zijn wat rommelig geschilderd. Ze hebben lieve hoofden, op de barse buldog Socrates na die lelijk en een beetje angstaanjagend is.

Afwisselend spelen de hoofdstukken zich af bij de toneelspelers en in de villa van Sofie, een buldog die de zus is van Socrates die de toneelgroep leidt. Eenzaam leeft zij temidden van haar personeel in een villa. Zij eet, zij rookt en zij verveelt zich.

Gelukkig zal haar broer aan het begin van de winter bij haar terugkeren. Hij neemt zijn voortreffelijke toneelspelers mee die hij een eigen kamer met bediende in de villa belooft. Vooral het behaagzieke konijn Elsa verheugt zich op hun verblijf bij Sofie, al is ze onderweg even in de verleiding te blijven hangen in de sprookjesachtige rood verlichte club van de marmot madame Zaza.

Terwijl Socrates en de acteurs naar haar toe reizen, neemt Sofie een nieuwe huisbediende in dienst, het stekelvarkentje Stefano. Stefano is nog jong en heeft heimwee, maar moet werken voor zijn hongerende ouders en zes zusjes. Hij is bang voor zijn bazin, al lijkt ze soms nog zo gastvrij en hartelijk.

Er komen af en toe dieren langs die op doortocht zijn, zoals twee hazen die naar het leger op weg zijn omdat ze willen sterven voor het vaderland ('We zijn ook bereid om te blijven leven, hoor.') Ze worden gastvrij onthaald om vervolgens spoorloos te verdwijnen. Als de vrouw van Blauwbaard waagt Stefano zich uiteindelijk in de verboden kamer van de villa en ontdekt het gruwelijke geheim van Sofie en haar broer Socrates.

Natuurlijk vermoedt de lezer al lang dat de buldogs kwaad in de zin hebben, maar het verhaal blijft boeien. Lange tijd is onduidelijk wat er precies aan de hand is en hoe het zich gaat oplossen. Langzaam groeien de verhaallijnen en de ontknoping naar elkaar toe. Daarnaast behoeden Kromhouts humor en de uiteenlopende karakters van de personages het verhaal voor saaie voorspelbaarheid.

Het mooiste personage is de nurkse vleermuis Vladimir. Hij is het liefst alleen, hangend aan het plafond op zolder van Sofies villa. Hij laat zich uit principe met niemand in: 'Bemoeien geeft drukte en ik houd niet van drukte,' maar krijgt een zwak voor Stefano, die hem beschouwt als zijn enige vriend in het kille huishouden. Vladimir wordt geheel tegen zijn zin de held van het verhaal.

Het knappe en aantrekkelijke van Rare vogels is dat het overtuigt. Niemand zal tijdens het lezen gehinderd worden door de vraag of het wel kan, dieren die praten en toneel spelen. Meteen vanaf de eerste bladzijde komen Kromhouts dieren tot leven, al zijn enkele vooral de belichaming van menselijke eigenschappen zoals in traditionele fabels.

Voor wie wil is Rare vogels te beschouwen als een waarschuwing tegen autoritaire regimes, maar bovenal is het een uitstekend voorleesboek met welgekozen 'cliffhangers' aan het eind van elk hoofdstuk. En wat zou ik die kip graag eens zien sterven, op het podium.