Referendum liever over roestige brug

Als 31-jarige jongeling kreeg de CDA'er R. Smit in 1990 de Rotterdamse haven en de regiovorming in de schoot geworpen. Smit deed het goed, bleef vorig jaar aan als havenwethouder en kreeg Financiën er nog bij.

Dit weekeind liet Smit weten af te treden als de stadsprovincie dinsdag door de Tweede Kamer van tafel wordt geveegd. Hij weet dan “echt niet meer hoe het verder moet”, zegt hij vanaf Schiphol, op weg naar mogelijk zijn laatste dienstreis naar Roemenië. “Het is dramatisch dat er kennelijk geen beweging is te krijgen in ons binnenlands bestuur. Dit jaar beslissen we in de Rijnmond gezamenlijk over investeringen van 700 miljoen gulden. Juist nu het slecht gaat met de haven en bedrijven hun investeringen steeds sneller willen terugverdienen, wordt de overheid een steeds loggere bureaucratie.”

Zo trekt het referendum over de stadsprovincie acht maanden na dato nog steeds zijn sporen door de plaatselijke politiek. Indertijd werd het een 'tijdbom' onder het college van B en W genoemd, maar dat lijkt erg mee te vallen. Fractieleider Dekker van de CDA - een mogelijke opvolger van Smit - koerst niet aan op een breuk binnen het college. De huidige situatie is a-typisch, zegt hij. Er is geen conflict binnen de raad, tussen coaltiepartijen of collegeleden. “Het gaat om iemand die eenzijdig zegt: ik ga weg.” Collega Ter Kuile van de VVD meent op haar beurt dat Smit “als een van de zes kapiteins het zinkend schip niet moet verlaten”. Wethouder Van de Muijsenberg (VVD), die ook met zijn portefeuille heeft gerammeld, moet gewoon blijven zitten waar hij zit.

Het college zal dus ook zonder Smit voortmodderen op de puinhopen van de stadsprovincie. Eind deze maand wacht een raadsbesluit over een Rotterdamse referendum-verordening. Ten opzichte van eerdere plannen is naar aanleidingen van het 'experiment' van 7 juni het een en ander aangepast. Het college spreekt zich bijvoorbeeld niet langer uit over de vraag welke onderwerpen in de toekomst nog 'referendabel' zijn. Minister Dijkstal kondigde in december aan zaken waarover de landelijke politiek beslist van lokale referenda te willen uitsluiten. Wat blijft er dan over? De Hef, de overbodig geworden spoorbrug over de Koningshaven, zou heel geschikt zijn als toekomstig referendum-onderwerp, denkt Ter Kuile van de VVD. Is dit industriële monument de Rotterdammers jaarlijks zes ton aan onderhoud waard?

Voorts suggereert het college dat het het raadzaam kan zijn van een referendum af te zien als een deel van de raad zich niet aan de uitslag wil binden. Dat was het geval bij het referendum over de stadsprovincie, waar zowel de VVD als het CDA niets van wilden weten. bpRotterdam heeft zijn lessen getrokken uit zijn eerste referendum. De politiek ging leven en de democratie zegevierde. Maar voortaan zal men de volkswil toch liever laten triomferen over de sloop van een roestige spoorbrug.

    • Coen van Zwol