Drentse groep Skik zingt over het weer en het eten in de moerstaal die heel anders is; 'Ik hou van jou' kan gewoon niet in het Drents

De cd van Skik is uitgebracht door Silvox (sil 007). De groep is te zien: 15/2 IJselhal (voorprogramma Van Dik Hout); 19/2 De Boogie Bar, Emmen; 8/3 Patronaat, Haarlem (voorprorgramma van Rowwen Hèze).

De weg van Erica naar Emmen ligt als een rechte streep door de bouwlanden. Er staan een paar boompjes langs en ongeveer halverwege is een kleine bult. Het is een laatste stuip van de Drentse Hondsrug, maar wie niet goed oplet ziet niet eens dat het een bult is. Als Daniël Lohues, de zanger van de Drentse groep Skik, 's avonds over de weg fietst, stopt hij hier om een sigaret te roken en naar de sterren te kijken. “Dat doe ik al zo lang ik rook”, zegt hij. Het bultje is inmiddels vereeuwigd in het nummer Tomme: 'Ik stop even om een peuk te pieren, altied de zölde plek/ Altied goa'k 's nachts even zitten hier, het is misschien wel wat gek'.

Het trio Skik uit Erica is een van de Nederlandse groepen die er tegenwoordig voor kiezen om in de eigen taal te zingen. En dan niet in het Nederlands maar 'plat', in de eigen streektaal. Zo zingt Rowwen Hèze in het Limburgs, Klinkhamer in het Fries, Osdorp Posse in het Amsterdams en Höllenboer in het Sallands.

Het Drents van Skik klinkt zacht en zangerig. Het is opvallend hoe veel meer het op Engels lijkt dan bijvoorbeeld het dialect van Osdorp Posse. De teksten op de titelloze debuut-cd die enkele maanden geleden verscheen, zijn niet altijd duidelijk te verstaan. Niet alleen omdat ze in een afwijkende taal zijn maar ook doordat de zang op een onnadrukkelijke manier in het klankbeeld verwerkt is. Skik speelt gewoon popmuziek maar dan toevallig in het Drents.

De muziek is gevariëerd, van een opgewonden punkschreeuw tot een doordrenzende quasi-protestsong à la Bob Dylan, er zitten uitgeproken meezingers tussen en meer introverte beschouwingen. Hoogtepunten zijn het droevige lied over een man aan de bar, De Man, en het loflied op worst, Dreuge Worst.

De bekering tot het Drents gebeurde ongeveer anderhalf jaar geleden toen Daniël Lohues nog als gitarist in de Engelstalige groep The Charlies speelde. Ten behoeve van die groep was hij van Erica naar Utrecht verhuisd. Lohues droeg geen repertoire aan voor The Charlies maar schreef wel eens een nummer. “Dat ging dan in het Engels. Ik zocht in het woordenboek naar moeilijke woorden, maar vaak wist ik zelf niet waar het over ging.” De voornaamste reden dat Lohues toen het Drents eens uitprobeerde was heimwee. Het eerste nummer dat hij schreef heette Naor Huus.

“Ik had een kamertje gehuurd boven een shoarma-tent in Utrecht. Het moest een groot avontuur worden natuurlijk. Maar de eerste nacht kon ik meteen niet slapen, ik dacht: 'wanneer gaan die mensen toch eens naar huis?' De volgende ochtend om zes uur waren ze beneden nog aan het shoarma bakken. Toen had ik al spijt, ik ben er nooit gewend.”

Samen met bassist Maarten van der Helm en Marlen Davers op drums begon Lohues zijn eigen composities uit te voeren. Het eerste optreden als Skik ('Schik') had plaats op een Festival voor Streektaal-muziek in Emmen. Vervolgens werd er een cd opgenomen en uitgebracht door de kleine platenmaatschappij Silvox, die veel aandacht besteedt aan streektaalmuziek.

Volgens Lohues is het voor het Drentse publiek bevrijdend dat er ook eens in de moerstaal gezongen wordt. Zoals Cuby & The Blizzards ooit bewezen dat je om in het hele land beroemd te worden niet per se naar Amsterdam hoeft te verhuizen, zo geeft Skik het Drents de status van 'poptaal'. “Ik denk in het Drents, plat”, zegt Lohues. “Soms, als ik iets in het Nederlands wil zeggen moet ik even nadenken. Ik heb op school natuurlijk Nederlands geleerd, maar thuis en met mijn vrienden praatten we Drents. Drents is echt een andere taal, met een andere zinsbouw en andere woorden. Wij zeggen bijvoorbeeld niet 'woningen' maar 'wonings'. Sinds kort is het erkend als aparte taal, als een variant van het Nedersaksisch, net als het Veluws of het Achterhoeks.

Vorige week kwam de cd van Skik, die in het westen van het land nog niet eens te krijgen was, binnen op nummer 6 van de Moordlijst, de door critici en dj's samengestelde hitlijst. “Veel mensen hier in Drente hebben een minderwaardigheidscomplex over hun accent. Dat vind ik niet nodig, het is echt onzin. Toch merk ik dat ik er zelf ook last van heb. Als ik nu zie dat onze plaat in de Moordlijst staat, dan denk ik 'hoe is het mogelijk, Erica in de Moordlijst'. Dat vind ik fantastisch.”

Skik zingt over twee onderwerpen die in popmuziek niet vaak voorkomen: eten en het weer. In een ademloze scheldkannonade behandelt Lohues het klimaat in Klotenweer: 'De diek! 'n gat! de polder! weer nat!'. En in de bijna soul-achtige ballade Dreuge Worst bezingt hij deze typisch Oost- en Noord Nederlandse snack. “Vroeger op school gingen we al rond met blokjes kaas en stukjes droge worst. Toen ik in Utrecht ging wonen had ik me niet gerealiseerd dat dat daar niet te krijgen zou zijn”, zegt Lohues.

Zijn er onderwerpen waarover in de eigen taal moeilijker te zingen is?

“Op de cd staat een liefdesliedje en dat heet Als ik joe nie had. Iets als 'ik hou van jou' zal ik niet zo snel zeggen. Maar dat zeg je ook niet in het Drents, volgens mij is daar gewoon geen zin voor. Je zegt hoogstens 'als ik joe nie had, dan weud 't nooit meer wat'. Er zijn bepaalde dingen die je in het Drents gewoon niet zegt, ik zal niet snel praten over enge ziektes of over vreselijke wonden. Dat zal ik altijd omzeilen.

“Over andere dingen zing ik in mijn eigen taal juist weer makkelijker. In het Engels zou ik het niet zo snel over worst hebben. Het is in het algemeen not done om over eten te zingen. Het is natuurlijk ook belachelijk.”

Toch is Lohues' verwoording van de liefde voor worst bijna nog hartstochtelijker dan die voor de geliefde uit Als ik joe nie had: 'Dreuge worst, dreuge worst/ 'k zol nie weten wat ik zunder mos'.

    • Hester Carvalho