In de klem van het succes

RAY PAHL: After success. Fin-de-Siècle Anxiety and Identity

219 blz., Blackwell Publishers 1995, ƒ 82,80 en ƒ 26,95 (pb)

Het hebben van succes betekent niet dat iemand op zijn lauweren kan gaan rusten. Integendeel, in veel gevallen begint het harde werken dan juist. Dit verschijnsel kan verklaard worden met een verwijzing naar het arbeidsethos (men werkt hard, omdat dat nu eenmaal zo hoort), maar Ray Pahl, hoogleraar sociologie aan de universiteit van Kent en Sussex, was niet tevreden met dit antwoord. In zijn boek After Success probeert de schrijver inzicht te verschaffen in hoe succes, bezorgdheid (anxiety) en identiteit zich met elkaar verhouden tegen een achtergrond van hard werken.

Hij voerde hiervoor gesprekken met tien personen die ieder op hun werkterrein als zeer succesvol gekenschetst kunnen worden. Zo interviewde hij mensen uit het bedrijfsleven, een rector magnificus, een sociologe, een generaal, eentelevisie-producent en een kunstenares. Eén van Pahls gesprekspartners is een miljonair die beweert dat hij pas hard ging werken nadat hij erg gemakkelijk al veel succes had geboekt. Die miljonair is overigens een van de weinige personen in dit boek die ontspannen overkomen. Dat wil niet zeggen dat de andere gesprekspartners geen positieve ervaringen aan hun werk overhouden. Maar het lijkt vaak zo te zijn dat de mensen op de één of andere manier gevangenen zijn van hun werk en dus ook van hun succes. Zij vallen samen met hun werk.

Deze twee-eenheid van werk en identiteit heeft een prijs en zo verschijnt ook de genoemde bezorgdheid op het toneel. Bij de generaal uit zich dat in onzekerheden na de val van de Muur, als het werk ineens van inhoud en perspectief verandert. Voorts zien we meer dan eens hoe moeilijk het is een balans te vinden tussen werk en privéleven. De vraag komt op of de kosten altijd tegen de baten van werk en succes opwegen. Die vraag moet vooral worden gesteld in het geval van de computerspecialist. Pahl spant zich erg in om op deze man vat te krijgen. In zijn analyse speelt hij daartoe zelfs leentje-buur bij de psycho-analyse. Maar de man blijft ongrijpbaar, hij is niets méér dan zijn werk.

Pahls boek werpt een schril licht op de eisen die in de toekomst worden gesteld aan iedereen die werkt. Zo haalt hij een OESO-rapport aan, waarin gesteld wordt dat mensen bereid moeten zijn een leven lang dingen bij te leren en zich steeds weer aan te passen aan nieuwe omstandigheden. Dit klinkt allemaal erg dynamisch, maar de nadelen van deze flexibiliteit dringen zich al snel op. Dat zien we bijvoorbeeld in het gesprek met de sociologe. De universiteit verlangt van haar dat ze cursussen geeft die de nodige inkomsten genereren. Zelf wil ze echter vooral aan het debat op haar vakterrein bijdragen. Ze ziet kans haar werk op een zodanige wijze te organiseren dat ze aan beide eisen kan voldoen.

Deze vrouw wordt dus zeker gekenmerkt door flexibiliteit en ondernemerschap. Toch komt ze uit dit gesprek niet naar voren als iemand die tevreden is over haar succes, ze lijkt vooral oververmoeid van het jongleren met eisen, mogelijkheden, wensen en ambities.

Een andere implicatie van de flexibilisering op de arbeidsmarkt is een toenemende bestaansonzekerheid. Werk en identiteit zullen steeds meer van elkaar losgekoppeld worden. De eerste aanzet hiertoe ziet men al in dit boek, waar verschillende respondenten de indruk wekken in hoog tempo te worden opgebruikt. Pahl ziet in deze tendens nog wel iets positiefs, wanneer hij beweert dat “de oude, door mannen gedomineerde manier van succes hebben via carrière en macht” op z'n laatste benen loopt. Hij stelt dat “mannen van vrouwen kunnen leren, omdat die laatsten beter in staat schijnen om werk en gezinsleven met elkaar in evenwicht te houden”. Identiteit (het samenvallen van persoon en werk) zou in zijn visie dan opgevolgd worden door evenwicht (het balanceren van werk en privé-leven).

Onderklasse

In dit boek gaat het over mensen bovenaan de maatschappelijke ladder, mensen die in ieder geval over genoeg geld beschikken om eventuele 'evenwichtsproblemen' op te lossen. Het is de vraag of het nieuwe evenwicht waar Pahl voor pleit in de middenklasse, laat staan in de onderklasse, veel betekenis zal hebben. Flexibilisering van de arbeidsmarkt zal de tweedeling van de maatschappij verder verscherpen. Het opnemen van meer vrouwelijkheid in de masculiene cultuur van de werkvloer zal daar niets aan veranderen.

Bovendien, als de Timmers van deze wereld gelijk hebben, zal in de wereldwijde competitie de wet van de jungle gelden. De waarschuwingen van de topman van Philips duiden er op dat we in die mondiale concurrentieslag de boot dreigen te missen, met als gevolg dat ons een heel andere tweedeling te wachten staat. Dat zou betekenen dat zelfs de bovenkant zich nauwelijks de luxe kan veroorloven om na te denken over de door Pahl aangesneden thema's. Mede op grond van het door Pahl zelf gepresenteerde materiaal denk ik dat in die economie van morgen voor zowel de boven- als de onderkant van de samenleving dat evenwicht een mooie droom zal blijven.

    • Kees Verhaar