Westen moet verzet tegen grotere NAVO serieus nemen

Meerderheden achter een bepaald idee vormen zich lang niet altijd in het licht van de volle openbaarheid. Het proces van de opneming van Rusland in de Raad van Europa heeft weinig tot geen aandacht gekregen en nu het lidmaatschap zich aankondigt, moet dat wel een verrassing zijn.

De Tweede Kamer is tegen de opneming van Rusland in de Raad in verzet gekomen, maar een groot deel van het publiek zal het waarom van de toetreding en van het verzet ontgaan. De Raad van Europa heeft minder bekendheid dan een tweederangs popzangeres.

Dat er rondom dit weinig in de publiciteit tredende orgaan plotseling deining kon ontstaan, lag dan ook niet voor de hand. Het is een van die gebeurtenissen waar de afstand tussen de politieke besluitvorming en het publiek onoverbrugbaar moet worden genoemd.

Als de Tweede Kamer werkelijk de bedoeling heeft gehad de minister van Buitenlandse Zaken er van te overtuigen dat hij in dit geval zijn veto dient uit te spreken - de bewindsman is dat niet van plan - was een tijdige mobilisatie van de publieke opinie een voorwaarde geweest. Alleen, de Kamer mag dan wel de vertegenwoordigster van het kiezersvolk zijn, zij beschikt niet over de eigenschappen van de actiegroep en evenmin over de middelen om de natie in beweging te brengen.

Dat is ook niet de taak van de Tweede Kamer. De gangbare procedure werkt omgekeerd. Het volk mort en de Kamer reageert. Als de politici op eigen kracht morren is het effect daarvan meestal nihil.

Het is intrigerend tegen deze achtergrond kennis te nemen van het fenomeen Bolkestein. De leider van de VVD heeft een reputatie verworven als een politicus die weet hoe een brede maatschappelijke discussie aan te zwengelen.

Zijn duidelijkste succes heeft hij behaald met het debat over immigratie en inpassing van vreemdelingen. Begonnen als een outsider die de moed had een taboe te doorbreken, stootte hij met zijn thema geleidelijk door naar het middenveld waar de besluiten worden genomen die een politieke koersverlegging mogelijk maken.

De commissie-Van Traa heeft onlangs het sluitstuk geleverd met haar conclusie dat er tussen het vreemdelingenbestand en de georganiseerde misdaad een niet te ontkennen correlatie bestaat. Wat een paar jaar geleden het hele scala aan vaderlandse columnisten tot verbitterde kanttekeningen zou hebben aangezet, passeert nu als een vanzelfsprekendheid.

Bolkestein heeft de schijn op zich geladen dat hij als eenmans-actiegroep prestaties weet te leveren waartoe zijn collega-politici niet in staat zijn. Hij zou dus de uitzondering op de regel zijn. Maar wie goed kijkt, ziet dat er iets anders aan de hand is.

Met zijn bezwaren tegen de ongeremde toeloop van vreemdelingen en tegen bepaalde kenmerken van de Europese eenwording heeft Bolkestein bronnen in het openbare gemoed aangeboord die al langer gereed lagen om ontdekt te worden. Hij gaf uiting aan een algemeen ongenoegen dat totdat hij erover begon, geen stem had gekregen, althans geen stem die niet onmiddellijk wegens het onfatsoen ervan tot zwijgen kon worden gebracht.

In deze krant (3 februari) en elders heeft de voorzitter van de liberale fractie in de Tweede Kamer zich uitgesproken tegen Ruslands lidmaatschap van de Europese Raad. Maar er gebeurde niets. Behalve dan dat andere volksvertegenwoordigers hem herhaalden. Het volk wenst even niet uit zijn sluimer te worden gewekt.

De Koude Oorlog is voorbij. De Russen zijn bezig nette en welgestelde democraten te worden. Het geweld in Tsjetsjenië en de rode en bruine successen in de Russische verkiezingen tonen aan dat het niet allemaal vanzelf gaat, maar zolang Clinton en Jeltsin elkaar proestend op de schouder slaan, zal het wel meevallen. Dat is de voorlopige resultante van een reeks overigens verwarrende media-beelden. De nuances van een debat over het lidmaatschap van de Raad van Europa wegen er niet tegenop.

Het volk valt weinig te verwijten zolang Amerikaanse leiders die het weten kunnen, er koeltjes op wijzen dat hoe ook de uitslagen mogen zijn, de Russen toch maar in groten getale naar de stembus zijn geweest, en dat hoe vreselijk de Russen ook in Tsjetsjenië huis houden, er toch maar in de Russische pers kritisch over geschreven wordt.

In hetzelfde artikel in deze krant nam Bolkestein ook op een ander gebied een tegendraads standpunt in. Hij plaatste kritische opmerkingen bij het voornemen van de NAVO voormalige lidstaten van het Warschaupact in haar gelederen op te nemen.

Een intrigerende vraag is of Bolkestein hier een rijke bron aanboorde (zie vreemdelingen) of direct op een rotsachtige ondergrond stootte (zie Rusland en de Raad van Europa). Logisch zou het eerste het geval moeten zijn. Wie, aan de hand van Amerika's leiders, Rusland zijn volste vertrouwen schenkt, zou het Russische verzet tegen NAVO-uitbreiding serieus moeten nemen.

Maar de politieke werkelijkheid is niet zo simpel. Diezelfde Amerikaanse leiders die de gebeurtenissen in de Russische federatie van sussend commentaar voorzien, zijn nu juist ook voorstanders van uitbreiding van de NAVO. Zij nemen de Russische bezwaren niet serieus omdat deze niet passen in hun wereldbeeld. De NAVO, zeggen zij, is nooit een bedreiging van de Sovjet-Unie geweest en nu dus ook niet van Rusland.

Sterker: de opmars van de NAVO tot aan de (Wit-)Russische grenzen bewijst in tegendeel hoe goed de Atlantische landen het met Moskou menen. Het oude Europese motto “de NAVO houdt de Russen buiten, de Amerikanen binnen en de Duitsers eronder” moet nu worden begrepen als “de Amerikanen pacificeren met Duitse hulp en in een goede verstandhouding met Moskou het altijd roerige Oost-Europa”.

Wat de Oost-Europeanen zelf van een dergelijke voorstelling van zaken denken, moet hier maar buiten beschouwing blijven. Maar een ieder die zich realiseert hoe de geschiedenis van Europa is verlopen, kan zich samen met Bolkestein wel enkele kanttekeningen veroorloven. (Die hier niet hoeven te worden herhaald.)

Vaststaat dat de Amerikaanse benadering bijzonder veel vergt van de Russische fantasie. En al kunnen de Russen momenteel niet veel anders doen dan een grote mond opzetten, zij zullen alles in het werk stellen om als het al van een opmars van de NAVO in oostelijke richting mocht komen, dat een NAVO zal zijn met een ingrijpend gewijzigd karakter.

Ten slotte heeft het Atlantisch pact zich al verregaand moeten aanpassen om de buit van het herenigd Duitsland en de pacificatie van Bosnië binnen te halen.

Voorlopig heeft ook dit debat plaats over de hoofden heen van het Europese publiek. En het ziet er evenmin naar uit dat het ergens raakt aan de acute gevoelens en behoeften van dat volk. Maar Bolkestein heeft de verdienste er voor wat Nederland betreft, in een redelijk vroeg stadium over begonnen te zijn. Wat niet is kan dus nog komen. De regering in Den Haag is in ieder geval gewaarschuwd.