Waar was de container gebleven?

'Vervolgens werden op de afgesproken wijze verschillende partijen drugs Nederland ingevoerd. Begin 1994 verloor het observatieteam een partij van meer dan 2000 kilo softdrugs uit het oog die vervolgens in het milieu terecht kwam.' Nader verklaard: bij het invoeren op de 'afgesproken wijze' werd een container gebruikt die door de agenten van politie op een auto werd geladen. Toen kwamen er andere agenten die de container vervoerden naar een door weer andere agenten gecontroleerde loods. Deze container werd door nog andere agenten onderzocht op de inhoud (alleen soft drugs). Toen alles in orde was bevonden kwamen er auto's van de informant om de handel mee te nemen. Het laden werd weer door agenten voor hun rekening genomen. Opnieuw andere agenten schaduwden of observeerden het transport. Uiteindelijk zou het dan moeten uitlopen op een Pik ik heb je, of Jij bent er gloeiend bij vader! waarna de gearresteerde stamelde: Bos, ik heb je onderschat. Maar het observatieteam verloor de partij van 2000 kilo uit het oog. Zo staat het op pagina 135 van Inzake opsporing, Enquetecommissie opsporingsmethoden, het verslag van de commissie-Van Traa.

Toen het Donner-rapport over de handelsrelaties van hooggeplaatste landgenoten met de vliegtuigfabrieken Lockheed en Northtop verscheen, in 1976, heb ik voorgesteld dat het driemanschap van het onderzoek, de heren Donner, Holtrop en Peschar de P.C. Hooftprijs zou worden gegeven. Het proza dat zij hadden geschreven is van de beste onderkoelde soort. Om één onvergetelijk voorbeeld te geven: hoe een directeur van de KLM, misschien op zoek naar de Bijbel, in de la van zijn nachtkastje in het Hilton Hotel opeens 25.000 dollar vond. Hoe zou je zoiets als romancier beschrijven? Alle toegevoeging en opsiering maakt het zwakker. Hij trok de la open, in de stellige verwachting dat daar het Boek der boeken zou liggen, maar hij trof 25.000 dollar aan. Wat hebt u daarmee gedaan? Ieder antwoord doet afbreuk aan het absurdistische van de situatie; immers, tien tegen een dat het uitgeven normaler is dan het aantreffen.

Het objectief-maatschappelijk nadelig bijverschijnsel van dergelijke schandalen - Lockheed, RSV of de Opsporingsmethoden - is dat ze na afloop iets lachwekkends krijgen, of meer dan dat. Zo absurd is het, deze dragers van het opperst fatsoen in de berm te zien raken dat je bereid bent in een onbedaarlijke lach te schieten. Het observatieteam heeft een container - hoe groot is zo'n ding - met tweeduizend kilo hasj uit het oog verloren. Terzijde van alle vraagstukken die de grote criminaliteit opwerpt: dit is voorbeeldig proza. De mededeling volstaat.

Wat had een auteur van speurdersromans ervan gemaakt? Moeilijk. Verdomme, beet inspecteur De Bruin brigadier Wiereman toe. Daarnet zag ik hem nog! Wat inspecteur? De container! De container met die 2000 kilo wiet. Een container vol wiet uit het oog verliezen terwijl je er met z'n tienen naar staat te kijken. De lezer gelooft het niet. Maar in dit verslag van de commissie Van Traa ben je bereid, het gekste voor waar aan te nemen. Nog eens: voor een niet gering deel is dat te danken aan de constaterende, zeer simpele manier waarop het allemaal is opgeschreven.

De lectuur maakt veel wakker. Hoe komen al die helden uit de tragikomedie aan zulke op het lijf geschreven namen? Van Gemert, Karstens, Stoffelen, Wortel, Rouvoet, Bruinsma. Had F.R. Eckmar al niet een personage dat Bruinsma heette, en Ivans, Havank, Roothaert? Bij Alfred Mazure, de schepper van Dick Bos was Bruinsma de commissaris - een ouderwetse, de Nederlandse voorloper van Maigret, wijs, onkreukbaar en nooit een container uit het oog verliezend.

Voor Stendhal aan zijn creatieve schrijven begon las hij altijd een paar bladzijden uit de Code Civil, het burgerlijk wetboek dat Napoleon heeft nagelaten. Het proza waarin het is geschreven beschouwde hij als het scherpste, het misverstanden uitsluitende. In een dergelijke stijl is dit rapport geschreven, in zoals Stendhal zei: Un style simple.

Ik besef wel dat een schrijver van detectives ook aandacht moet schenken aan de omgeving, het emplacement met de glimmende kinderhoofdjes, de hoorbare ademhaling van de brigadier die op de container let, het gieren van de autobanden als de agenten ontdekken dat het omvangrijk lokaas uit het oog verdwenen is. Maar dat is afgezien van al het andere het mooie van dit rapport: je moet het er zelf bijdenken. Het voordeel van de simpele stijl.

    • H.J.A. Hofland