Paul Cox

T/m 24 feb. Carin Delcourt van Krimpen, Fokke Simonszstraat 8, Amsterdam. Do t/m za 13-17u. Prijzen ƒ 4.500,- tot ƒ 30.000,-

De installatie van Boezem bij RAMgalerie ademt een sacrale, nostalgische, sfeer. De drie ronde wasbakken in zachtgeel granito die Paul Cox (1962) bij Carin Delcourt van Krimpen in Amsterdam heeft geïnstalleerd, roepen bij de toeschouwer dezelfde stemming op. De bakken die in het midden een zuiltje voor kranen hebben, zijn gevuld met blauw water. In de jaren vijftig en zestig trof je dergelijke wasbekkens wel aan in kleedkamers van scholen, sporthallen of bedrijven. Een foto van Cas Oorthuys op de uitnodiging voor de tentoonstelling herinnert aan die tijd. Hierop staat een vrolijk groepje jonge vrouwen met gebloemde schorten en een permanent wave in het haar hun handen te wassen bij zo'n bak.

Ook in eerder werk van Cox is de mens steeds impliciet aanwezig. Hij gebruikt vaak tweedehands bedden, stoelen, oude deuren of trappen. Soms zijn de meubels doorgezaagd, gekanteld of op elkaar gestapeld en bedekt met dikke lagen gips, beton of stukken asfalt. In deze assemblages confronteert Cox de privéruimte van het huis met het publieke domein van de stad. Hij wil de grenzen tussen openbaar en privé verkennen en de verschillende manieren waarop de mens deze ruimtes ervaart. Terwijl de assemblages van Cox door de combinatie van materialen vaak juist de rauwe, onaangename kanten van industriële samenleving tonen, krijgen de wasbakken die hij nu exposeert in het gedempte licht van de galerie iets sacraals - in een moderne kerk zouden ze als doopvont niet misstaan.

De romantische titel van de installatie, Der Horizont ist keine Grenze, lijkt vooral te verwijzen naar de film- en diaprojecties op de wanden. Naast deze roerloze bekkens met stilstaand water, tonen de geprojecteerde beelden een schimmige, vluchtige wereld in voortdurende beweging: golven op het strand, containerschepen, snelwegen en reizigers die per trein of bus onderweg zijn naar een onbekende bestemming.

    • Din Pieters