Nieuwe pogingen tot contact met Papoea-ontvoerders

JAKARTA, 9 FEBR. Het Internationale Rode Kruis en de Indonesische Commissie voor de rechten van de mens hebben dezer dagen delegaties naar Irian Jaya gestuurd. Beide organisaties willen contact leggen met de guerrilla-groep van de Organisatie Vrij Papoea (OPM) die op 8 januari een internationaal gezelschap natuurvorsers gijzelde, onder wie twee Nederlanders. De ontvoerders hebben al twee weken niets meer van zich laten horen.

Henry Fournier, het hoofd van de Rode Kruis-afvaardiging in Indonesië, en zijn collega dr. Meyer arriveerden woensdag in Wamena, het stadje in de Baliemvallei van waaruit Indonesische legerofficieren leiding geven aan de operatie ter bevrijding van de gijzelaars en waar ook de defensie-attaché's van Nederland, Groot-Brittannië en Duitsland bivakkeren. Een derde Rode Kruis-afgevaardigde vloog donderdag naar Timika, een stadje ten zuiden van het Carstenszmassief, dat fungeert als luchthaven voor de kopermijn van de Amerikaanse firma Freeport.

Vandaag zijn de drie per helikopter naar een aantal dorpen gevlogen in het gebied van de Amungme, het Papoea-volk waar ook Kelly Kwalik toe behoort, de commandant van het OPM-legertje in het centrale bergland die de leiding heeft over de ontvoerders.

Zij verspreidden kopieën van een brief aan Kwalik, die op 24 januari, tijdens een van de laatste radiocontacten tussen het leger en de OPM-groep, onder meer een ontmoeting eiste met een vertegenwoordiger van het Internationale Rode Kruis. Die was op dat moment niet beschikbaar. “We willen weten wat hij van ons wil en wat wij voor hem kunnen doen”, aldus Fournier.

Vandaag arriveerden Albert Hasibuan en Asmara Nababan, leden van de semi-officiële Commissie voor de rechten van de mens (Komnasham), in de provinciehoofdstad Jayapura. De commissie deed vorig jaar september onderzoek naar gevallen van intimidatie en geweldpleging van het leger tegen de Papoea-bevolking in het operatiegebied van Freeport. Komnasham had toen een gesprek met twee volgelingen van Kwalik. De commissie besloot deze week om twee leden naar Irian te sturen om het verloop van de gijzelingszaak van nabij te volgen. Zij willen naar Mapnduma, het dorp waar de ontvoering op 8 januari plaatsgreep en dat de OPM-groep twee weken geleden verliet, met vooralsnog onbekende bestemming.

In en om Mapnduma wemelt het intussen van de militairen. Waarnemers in Jayapura ontvangen de laatste weken onbevestigde berichten over intimidaties van het leger jegens de Papoea-bevolking in het gebied. De woordvoerder van de strijdkrachten in Jayapura ontkent deze verhalen in alle toonaarden. De Indonesische minister van defensie, generaal b.d. Edi Sudradjat, zei gisteren dat de regering “of ze nu wil of niet de gijzelaars moet bevrijden via de weg van de overreding, om te voorkomen dat er slachtoffers vallen”.