Inspecteurs fiscale recherche beschuldigd van afpersing; Politie Italië voor de rechter

ROME, 9 FEBR. Het Milanese parket heeft gisteren dertig inspecteurs van de Guardia di Finanza, een soort fiscale recherche, ervan beschuldigd systematisch ondernemers te hebben afgeperst en in feite een misdaadbende te hebben gevormd.

Deze aanklacht kan grote gevolgen hebben voor de justitiële onderzoeken tegen mediamagnaat Silvio Berlusconi, die terecht staat omdat zijn bedrijf geld heeft betaald aan de fiscale recherche, en oud-magistraat Antonio Di Pietro, die is beschuldigd door leden van dit paramilitaire politiekorps.

Officier van justitie Piercamillo Davigo heeft ongeveer een jaar onderzoek gedaan naar de individuele gevallen van afpersing door leden van de Guardia di Finanza. Hij is daarbij tot de conclusie gekomen dat dit geen incidenten waren, maar dat binnen het korps een groep handlangers in feite opereerde als een misdaadbende. Corrupte hoge officieren stuurden vertrouwelingen naar bedrijven met de boodschap dat zonder betaling alles overhoop gehaald zou worden. Ook zouden er vaste afspraken bestaan voor de verdeling van de steekpenningen.

Dat is precies wat Berlusconi steeds heeft geroepen. Aan de vooravond van het proces tegen corruptie dat vorige maand tegen hem begon, vergeleek hij de Guardia di Finanza met een groep misdadigers. Op advies van zijn advocaten moest hij die uitspraak afzwakken. Nu zegt het Milanese parket in wezen hetzelfde. “Dit is een verandering in ons voordeel” zei Berlusconi's advocaat Ennio Amodio in een eerste reactie.

Ook vijf prominente mode-ontwerpers die in Milaan terecht moeten staan omdat ze steekpenningen hebben betaald aan de Guardia di Finanza, hebben steeds volgehouden dat ze zijn afgeperst.

In totaal worden in dit onderzoek ongeveer tachtig mensen verdacht. Davigo, die het dossier heeft overgenomen van Di Pietro na diens aftreden eind 1994, heeft tegen dertig van hen een aanklacht ingediend. Hij heeft overigens geen nieuwe gevallen van corruptie ontdekt.