Italianen zijn vertrouwen in rechtssysteem kwijt

ROME, 8 FEBR. Acht vrijende paartjes vermoord in de heuvels van Toscane, de vrouwen op vreselijke manier verminkt - het was voor Italië een geruststellende gedachte dat het 'monster van Florence', de man die dit allemaal op zijn geweten zou hebben, tot levenslang is veroordeeld.

De vermeende dader is een bejaarde Toscaanse boer, ruim veertig jaar geleden veroordeeld wegens doodslag, later nog een keer wegens incest. Het proces tegen hem werd anderhalf jaar geleden via de journaals gevolgd als een soap opera. De nu 74-jarige Pacciani manifesteerde zich hierin met alle ingrediënten van een driftige, bekrompen en vooral vieze oude man.

In de hoop weer te kunnen smullen en griezelen bij alle ranzige details maakte Italië zich op voor de tweede ronde, het hoger beroep. Pacciani heeft steeds volgehouden dat hij onschuldig is, maar de publieke opinie wilde daar niets van weten. Je hoeft zijn gezicht maar te zien om te weten dat hij het heeft gedaan, zeiden ook prominente tv-presentatoren. Bij opiniepeilingen stond Pacciani hoog op de lijst 'Grote Schurken'. Vorige maand kwam hij als een van de meest gehate mannen van Italië naar voren. Alleen de politici Bettino Craxi en Giulio Andreotti en mafiabaas Totò Riina bleven hem voor.

Afgelopen maandag heeft openbare aanklager Piero Tony het openingsschot gelost in het hoger beroep. Tot verbijstering van het publiek, dat steeds ongeloviger ging kijken, haalde Tony niet uit naar het 'monster' Pacciani, maar naar de rechters die hem hadden veroordeeld. Kalm maar meedogenloos verwierp hij stuk voor stuk de gronden waarop Pacciani is veroordeeld. Dit is niet meer dan een stapel halve aanwijzingen, vermoedens, interpretaties en deducties, was zijn vernietigende oordeel. De advocaten hadden het niet beter kunnen zeggen.

Het is niet mijn taak “een aanklacht te verdedigen, maar het recht”, zei Tony. Pacciani is een onguur type, zei hij, “iemand die een groot deel van de slechte kant van de menselijke natuur in zich verenigt.” Maar dat is niet voldoende om hem te veroordelen. Hij wil óf beter aanvullend onderzoek, óf vrijspraak.

De Italianen blijven in ontreddering achter. Wie plannen had voor een romantisch rendez-vous op een afgelegen plekje in de Toscaanse heuvels zal zich niet op zijn gemak voelen. De laatste moord is tien jaar geleden gepleegd, maar als Pacciani het monster niet is, kan die persoon nog steeds rondlopen.

Maar belangrijker is de nieuwe twijfels die deze zaak oproept over het functioneren van de Italiaanse justitie. Er blijkt maar een heel dun lijntje te liggen tussen levenslang en vrijspraak. Het is net of het muntje beide kanten op kan vallen, afhankelijk van wie je treft.

Met zijn antirequisitoir voedt Tony, bedoeld of onbedoeld, de langzaam groeiende desillusie over de justitie. In de jaren tachtig is onder regie van oud-premier Bettino Craxi een ware haatcampagne gevoerd tegen de magistraten. Door de smeergeldonderzoeken waarmee de Milanese openbare aanklager Antonio Di Pietro en zijn collega's schijnbaar onaantastbare politici hebben gebroken, is dat omgeslagen in een hosanna-stemming. De magistraten werden ineens de engelen der wrake namens een volk dat zich machteloos voelde. De rechter was je beste vriend.

Van dat gevoel is weinig meer over. Di Pietro blijkt niet zo brandschoon te zijn als veel Italianen in hun wat simplistische heldenverering hadden gehoopt. En nu is ook in de zaak-Pacciani, het Italiaanse O.J. Simpson proces, het recht zoek. Sommige magistraten zijn knoeiers, is de boodschap die bleef hangen nadat Tony dinsdag was uitgesproken.

Mediamagnaat Silvio Berlusconi lacht in zijn vuistje. Iedere kritiek op de rechterlijke macht past in zijn straatje. Hij beweert dat er in de verschillende onderzoeken tegen hem geen spat hard bewijs zit. Berlusconi roept al maanden dat het Milanese parket dat achter hem aanjaagt, niet te vertrouwen is.

Behalve het grof geschut van Berlusconi zijn eerder deze maand cijfers bekendgemaakt die grote vraagtekens zetten bij het functioneren van het Italiaanse rechtssysteem. Het onafhankelijke onderzoeksinstituut Eurispes heeft voorgerekend dat het openbaar ministerie wel erg snel mensen in de beklaagdenbank zet. In de periode 1980-1994 blijkt 44 procent van de verdachten vrijuit te gaan na een proces. Dat zijn meer dan anderhalf miljoen mensen. Het grote percentage vergissingen komt overigens niet doordat de justitie grof werkt om zoveel mogelijk zaken op te lossen. Bijna 82 procent van alle aangegeven zaken is onopgelost.

Daarbij komt de slakkengang van de justitie. Een civielrechtelijke zaak in drie etappes duurt gemiddeld acht jaar; het strafrecht werkt ietsje sneller. “Het wantrouwen dat deze toestand opwekt bij de eerlijke Italianen kan veranderen in laksheid en op haar beurt nieuw illegaal gedrag opwekken,” zo waarschuwde de nieuwe procureur-generaal bij het Hof van Cassatie, Ferdinando Zucconi Galli Fonseca in zijn nieuwjaarstoespraak. In deze omstandigheden “is het niet makkelijk noch geruststellend om van recht te praten”, zei hij.

Het zijn niet alleen meer corrupte politici die kwaadspreken van de justitie. De structurele problemen binnen de rechtspraak, met het gebrek aan personeel op de eerste plaats, zijn onverminderd blijven bestaan en eisen hun tol. Dat schept een goede voedingsbodem voor een wraakcampagne tegen magistraten die het hebben gewaagd politici en ondernemers voor te houden dat de wet ook voor hen geldt. De jacht op de magistratuur is geopend, waarschuwde de hoofdofficier van justitie in Turijn vorige maand. De zaak tegen het monster van Florence biedt nieuwe munitie daarvoor.

    • Marc Leijendekker