'Sport is slechts een puzzelstukje in het leven'

Het Nederlandse tennisteam speelt vanaf vrijdag de eerste ronde van het Davis-Cuptoernooi tegen India. Een vraaggesprek met oud-speler Vijay Amritraj.

ROTTERDAM, 7 FEBR. Vijay Amritraj geeft India weinig kans tegen het Nederlandse tennisteam. Amritraj, nu 42 jaar oud, leidde zijn land twee keer naar de finale van het Davis-Cuptoernooi, in 1974 en 1987, maar zijn opvolgers zijn de laatste jaren meestal in de eerste ronde van de wereldgroep gesneuveld.

Amritraj, vriendelijk en voorkomend, dankt een deel van zijn bekendheid aan zijn gastrol in de film Octopussy, waarin hij als het Indiase hulpje van James Bond met een racket de boeven op hun hoofd slaat. Maar Amritraj was ook een top-twintig speler met een lange carrière en een grote staat van dienst. Hij won onder meer zestien toernooien, speelde twintig jaar lang Davis Cup en bereikte twee keer de kwartfinale op Wimbledon in de zestien jaar dat hij meedeed.

Voor India, op gras in Jaipur, spelen waarschijnlijk Leander Paes en Mahesh Bhupathi. De andere spelers zijn Prahled Srinath en Gaurav Natekar. De Nederlandse captain Stanley Franker beschikt over Richard Krajicek, Jan Siemerink, Paul Haarhuis en Jacco Eltingh. Waarschijnlijk spelen Krajicek en Siemerink het enkelspel op vrijdag en zondag en Eltingh/Haarhuis het dubbelspel op zaterdag.

Een gesprek met Amritraj tijdens de Australian Open in Melbourne, waar Amritraj aanwezig was als commentator voor de grote Aziatische televisiezender Star TV.

Paes versloeg voor de Davis Cup onder andere Goran Ivanisevic en Wayne Ferreira. Maar hij staat niet in de top-100. De andere Indiase spelers staan nog veel lager op de ranglijst. Maakt India een kans te winnen van Nederland?

“India is zonder enige twijfel de underdog. Nederland heeft niet alleen een goed team, maar ook een breed team. Er is geen zwakke schakel waar je je op kan concentreren. Tegen Kroatië, met alleen Ivanisevic, heb je altijd een kans tegen de zwakkere speler en in het dubbelspel. Maar dit keer is Nederland favoriet in alle vijf de wedstrijden. Daardoor rust er bovendien minder druk op de schouders van de kopman, Richard Krajicek.”

Hoe goed is Krajicek?

“Hij heeft het perfecte spel voor gras. Hij zou ieder jaar goed moeten presteren op Wimbledon. Hij zou het toernooi zelfs kunnen winnen. Maar hij is mentaal niet zo sterk.”

Van Bhupati, de nummer twee van India, is weinig bekend. Hoe goed is hij?

“Hij is jong. Hij heeft voor een Amerikaanse universiteit gespeeld en is daar hard geworden. Hij is nationaal kampioen. Hij heeft een goede service, een goede volley en middelmatige groundstrokes. Maar hij is traag. Als hij 25 procent sneller zou zijn, zou hij veel beter zijn. Zowel Paes als Bhupathi hoort in de top-100. Ik vind het teleurstellend en droevig dat ze daar niet in staan, want India heeft altijd top-100 spelers gehad.”

Heeft u in India barrières moeten overwinnen om tennisser te kunnen worden?

“Ik was de eerste profsporter in India, in welke sport dan ook. Ik had geluk dat ik al op jonge leeftijd goed was, waardoor ik vroeg kon reizen. Toen tennis een profsport werd en er prijzengeld beschikbaar kwam, was mijn ranking zo hoog dat ik goed verdiende met mijn sport.

“Het was voor mij moeilijker om te slagen dan voor een Europeaan of een Amerikaan, maar de tijden zijn veranderd. Tennis nu meer een mondiale sport dan een westerse sport. Het is nu mogelijk om wedstrijden te spelen en te trainen in juiste omstandigheden. Iedereen leeft tegenwoordig in Florida of in Europa.”

U heeft twee keer de finale van het Davis-Cuptoernooi bereikt. In 1974 is de finale niet gespeeld. Wegens de apartheid weigerde India tegen Zuid-Afrika te spelen. Was dat een beslissing van de spelers?

“Het was de beslissing van de regering, maar alle spelers waren het er volledig mee eens. Als sporter was ik teleurgesteld, omdat we een goede kans hadden de finale te winnen, maar als mens stond ik er honderd procent achter.

“Sport wordt slechts een heel klein puzzelstukje als je je afvraagt waar het leven eigenlijk om draait. Sport is niet de werkelijkheid. Sport is een poging om te excelleren. Het gaat enkel om de vraag: Wie is er de beste? Als er grotere belangen spelen, vallen dergelijke vragen in het niet.

In 1987 verloor u in Göteborg met 5-0 van Zweden.

“Zweden was veel te sterk en ze hadden ook nog een gravelbaan neergelegd om ons te verslaan. Maar we waren trots dat we de finale hadden bereikt. Ik stond aan het einde van mijn loopbaan. We versloegen Rusland. We versloegen Argentinië nadat we twee matchpoints hadden overleefd. En we wonnen van Israel en Australië.

U heeft een tennissschool in Madras, waar u vandaan komt. Hoe werkt die?

“Dat is het Britannia Amritraj Tennis, het BAT-programma. We kiezen de besten in iedere leeftijdsgroep. Er zijn nu acht jongens. We vinden dat ze voor hun sport en hun land moeten kiezen - als ze goed genoeg zijn, moeten ze Davis Cup spelen - maar dan is de opleiding ook gratis: de coaching, de huisvesting, hun scholing. Ik ben daar minimaal één keer per maand. Paes en Natekar hebben het gevolgd, en andere Davis-Cupspelers. We hebben jongens opgeleid die met een volledige beurs naar de universiteit in de Verenigde Staten konden.”

Heeft u het tennis populair gemaakt in India?

“Zeker. Toen ik begon, speelden er op mijn club twintig jongens en twee meisjes. Vandaag kan je gen lid meer worden. Ze hebben de inschrijving gesloten bij tweeduizend. Er zijn in India niet genoeg faciliteiten, niet genoeg banen en ballen. Maar de belangstelling is overweldigend.

“Het is niet te geloven hoeveel kinderen tennissen, zowel jongens als meisjes. Het was een sport voor de upper class, maar het is veel toegankelijker geworden voor veel meer mensen.”

Zal tennis in India ooit net zo populair worden als cricket?

“Nee. Tennis is een sport, cricket is een passie.

    • Remmelt Otten