Offshore uit dieptepunt door lastenverlichting

ROTTERDAM, 7 FEBR. De vooruitzichten voor winning van olie en gas op het Nederlandse deel van de Noordzee en voor de offshore industrie zijn aanzienlijk verbeterd door het pakket lastenverlichtingen dat vorig jaar door de regering is afgekondigd.

Dit jaar worden in Nederland 16 nieuwe proefboringen naar olie- en gasvelden verwacht, hoofdzakelijk op de Noordzee, tegen een dieptepunt van 9 boringen in 1995. Dat bleek gisteren op een bijeenkomst, georganiseerd door de Amerikaanse uitgever van vakbladen in de oliesector - Gulf Publishing Company - in samenwerking met de Nederlandse offshore branchevereniging IRO. Het aantal proefboringen wordt beschouwd als een goede graadmeter voor de toekomstige ontwikkeling in de olie- en gaswinning. Gulf Publishers verzamelt elk jaar in samenwerking met het Texaanse onderzoeksbureau Simmins gegevens bij de olie-industrie over de voorgenomen boringen.

G.J. Kramer, voorzitter van de IRO, prees de lastenverlichtingen van de regering als “een goed pakket dat onze industrie stimuleert. De laatste onderdelen moeten nog goed door de betrokken ministeries worden ingevuld, maar ik zie geen reden om aan te nemen dat dit niet zal gebeuren”. Volgens Kramer is de lastenverlichting, die de offshore-industrie “uit het dieptepunt” heeft gehaald, vooral van belang om de exploitatie van kleine, zogenoemde marginale gasvelden op de Noordzee de komende jaren op gang te brengen.

De laatste jaren was het aantal banen in de Nederlandse offshore-sector (de aannemers die boor- en produktieplatforms bouwen en installeren) door een sterke inkrimping van de thuismarkt met duizenden gedaald. Kramer ziet op dit moment nog geen opleving, maar verwacht die wel en voorspelt dat de werkgelegenheid niet verder zal dalen dan de huidige 20.000 manjaren.

Sinds 1992 namen de meeste ondernemingen die in Nederland actief zijn in de olie- en gaswinning mede als gevolg van de lage olieprijzen een afwachtende houding in, tot per 1 juni vorig jaar het pakket stimulerende maatregelen voor de sector van kracht werd. Het aantal proefboringen naar nieuwe gasbellen was sterk teruggelopen: van 45 in 1991 tot 20 in 1992, 12 in 1993, 10 in 1994 en 9 vorig jaar.

Het pakket lastenverlichtingen behelst minder strakke regels voor de minimaal te produceren hoeveelheid aardgas per etmaal en de snelheid waarmee een gasveld mag worden leeggehaald, verlaging van belasting voor kleine velden in periodes van een lage olieprijs, een lagere participatie van de staat in produktievergunningen en vervroegde fiscale afschrijving van kosten.

Robert W. Scott, bestuursvoorzitter van de Gulf Publishing Company, zei dat de afgelopen tien jaar tweederde van de sterk gegroeide energievraag kon worden gedekt door het heropenen van oude oliebronnen. In de komende jaren stijgt de vraag naar energie in de wereld exclusief Oost-Europa met bijna 3 procent per jaar en is een veel grotere bijdrage van nieuwe olie- en gasbronnen nodig. Dat betekent extra werk voor de offshore-sector, waarvan Nederlandse bedrijven die veel voor de exportmarkt werken, sterk kunnen profiteren. Boorplatforms zijn nu al volop bezet, waardoor de prijzen stijgen. De komende vijf jaar kunnen de meest interessante worden in de geschiedenis van de olie-industrie, aldus Scott.