'Kansenzone' moet treurwijk omtoveren tot bedrijvig hart

Treurwijken in grote steden moeten 'kansenzones' worden, waar startende ondernemers graag investeren. Staatssecretaris Kohnstamm (Binnenlandse Zaken) kwam deze week met zijn voorstel.

AMSTERDAM, 7 FEBR. Een ondernemende geest die in de stad zijn bedrijf wil beginnen, zal veel van zijn energie onderweg kwijtraken. Geld en ruimte is schaars en er is een scala van regels waaraan de startende ondernemer moet voldoen. Een milieuvergunning aanvragen in Amsterdam vergt een procedure van zes maanden, waarin omwonenden bezwaar kunnen maken.

De regels zijn niet gemaakt om ondernemers te pesten. Elke regel voor zich dient een weloverwogen doel, maar allen tezamen zijn ze een jungle voor beginnende bedrijven. De Kamer van Koophandel in Amsterdam presenteerde in oktober een onderzoek naar de 'knelpunten in de regelgeving'. Daaruit bleek dat een kwart van de ondernemers last had van alle regelingen. Milieuregels en verkeersregels (met name het parkeerbeleid) worden zelfs door bijna de helft van de Amsterdamse ondernemers als belemmerend ervaren. Eenderde van hen heeft problemen als het gaat om het (ver)bouwen van hun bedrijf.

Geen wonder dat de grote steden de versoepeling van de regelgeving toejuichen, die staatssecretaris Kohnstamm (Binnenlandse Zaken) deze week heeft aangekondigd. Hij heeft met de departementen van Financiën, Sociale Zaken en Economische Zaken afspraken gemaakt over steun aan beginnende bedrijven in wat hij 'kansenzones' in de grote steden noemt.

Het gaat daarbij om wijken die met veel problemen tegelijk te kampen hebben en waar van een economische impuls veel wordt verwacht. Omdat dit tegelijk ook de gebieden zijn waar investeerders uit zichzelf niet snel naartoe trekken, moeten de maatregelen van Kohnstamm hen aanlokken.

Om investeringen en bedrijfsvestigingen in deze wijken te stimuleren, stelt het kabinet voor de bestaande wet- en regelgeving te verruimen. Met Financiën is overeengekomen dat startende ondernemers in deze wijken fiscale voordelen krijgen. Particulieren en banken die een ondernemer geld lenen om een bedrijf te beginnen, mogen de rente die hij hun betaalt, aftrekken van de belasting. Deze reeds bestaande regeling wordt verruimd voor de kansenzones.

Een andere regeling schenkt werkgevers de loonbelasting die zij zouden moeten afdragen, wanneer zij langdurig werklozen in dienst nemen. Dat levert jaarlijks zo'n 4.500 gulden per wernemer op. In de kansenzones is een werkzoekende al na een half jaar 'langdurig werkloos', in plaats van na een jaar.

Bovendien suggereert Kohnstamm dat de steden zelf soepeler moeten omspringen met hun milieuregels. “Dat betekent niet dat de regels worden versoepeld”, zegt een woordvoerder van het ministerie er met nadruk bij. Ook een nieuw bedrijf in een arme wijk zal zich aan hinderwetgeving moeten houden. Er zal vooral gestreefd moeten worden naar 'afstemming' van de verschillende regels en een snellere afwikkeling. “Eigenlijk”, zegt W. van der Kolk, secretaris van de Amsterdamse Kamer van Koophandel, “zijn dat maatregelen die je voor de hele stad zou moeten invoeren.”

Voorlopig gebeurt dat niet, want Kohnstamm zal slechts in twee van de vier grote steden een kansenzone instellen. Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht moeten voor 1 mei een probleemwijk aanwijzen en daaruit zal hij twee projecten kiezen waar een proef wordt gehouden.

Het is niet voor het eerst dat de grote steden met elkaar moeten strijden voor een probleemwijken-project. Anderhalf jaar geleden nodigde Binnenlandse Zaken hen uit hun ellendigste wijk voor te dragen voor een Europese subsidie. De Bijlmer in Amsterdam werd in Brussel beloond met zo'n 40 miljoen gulden. De wijk had de meeste problemen maar kennelijk ook de beste kansen op verbetering met een kapitaalinjectie.

Door Binnenlandse Zaken is het geld verdeeld en aangevuld tot ook Utrecht, Den Haag en Rotterdam 20 miljoen extra kregen voor hun probleemwijk. “We zijn tot nog toe steeds samen opgetrokken”, aldus een woordvoerder van de gemeente Den Haag. “Dat we van Kohnstamm plotseling een competitie moeten aangaan, is jammer.”

Daarbij komt dat de proef, die op 1 juli moet beginnen, vier à vijf jaar zal duren. Gelijksoortige experimenten in Frankrijk en de Verenigde Staten hebben bewezen dat het zo lang duurt voor de maatregelen effect hebben. De steden die hierbij niet aan bod komen, zullen zolang moeten wachten.

    • Bas Blokker