Waigel: Fiscale rol deelstaten groter

BONN, 6 FEB. De Duitse minister van Financiën, Theo Waigel, wil de zestien deelstaten grotere bevoegdheden geven om zelf belastingen op te leggen en te innen. Hij denkt daarbij ook aan een “eigen” aandeel van de Länder in de inkomsten- en vennootschapsbelasting.

Tot nu toe worden die belastingen in Bonn vastgesteld en onder nationale regie geïnd, daarna vloeit een deel ervan via afgesproken verdeelsleutels naar de deelstaten.

Voor zo'n duidelijker op het federale model van de Bondsrepubliek toegesneden hervorming van het belastingstelsel bestaan al plannen op het ministerie van Financiën in Bonn. Waigel, die ook voorzitter van de Beierse CSU is, zei dat gisteren in München, na een gesprek met zijn partijgenoot Edmund Stoiber, de premier van Beieren.

De financiële adviesraad van Waigels ministerie, een groep van 35 hoogleraren en andere fiscale specialisten, had al eerder gepleit voor een “ontvlechting van de belastingverantwoordelijkheden” van Bonn en de Länder. Volgens die adviesraad draagt de nationale overheid een veel groter deel van de kosten van de Duitse eenwording dan de deelstaten. Die lastenverdeling moet evenwichtiger worden en de verhouding tussen de aanspraken van de nationale overheid en de deelstaten dient te worden verduidelijkt, aldus die adviesraad.

De politieke adder onder het gras is natuurlijk dat de aanbevolen uitbreiding van regionale bevoegdheden zou meebrengen dat veel zichtbaarder wordt welke belastingoffers deelstaten, die in meerderheid door de SPD worden geregeerd, zelf van hun burgers (kiezers) verlangen. Of, zoals Waigel het gisteren zei: deelstaatregeringen die mij steeds verzekeren dat zij hun problemen door hogere belastingen zouden kunnen oplossen, kunnen zulke belastingen dan zelf opleggen. Dat mocht ook worden verstaan als een steek onder water naar Oskar Lafontaine, SPD-voorzitter en premier van Saarland, dat de grootste schuld per hoofd van de bevolking in Duitsland kent.

Dat Waigel juist gisteren zijn hervormingsplannen ter sprake bracht had vast ook te maken met zijn conflict met de deelstaten over de financiering van de verlaging van de Solidariteitsheffing per 1 juli 1997. De deelstaten, ook Stoiber gisteren, weigeren daarvoor drie miljard mark af te staan uit hun aandeel in de BTW-opbrengst. Maar Waigel blijft erbij dat zij in 1993 uit die opbrengst tijdelijk 7 procentpunten extra hebben gekregen voor hun bijdrage in de kosten van de Duitse eenwording en dat zij nu die kosten lager worden dat extra geld via een verlaging van de Solidariteitsheffing aan de burgers moeten teruggeven. Waigel zei er gerust op te zijn dat er in deze kwestie straks nog wel een compromis zal worden gevonden, namelijk na de deelstaatverkiezingen van 24 maart in Baden-Württemberg, Rijnland-Palts en Sleeswijk-Holstein. En zo niet, dan zou Bonn financiële compensatie kunnen weigeren voor het regionale aandeel in de eind dit jaar wegvallende vermogensbelasting, voegde hij daaraan toe.

De Duitse belastingopbrengst over 1995 is met 4,2 procent gestegen tot een totaal van 765,37 miljard mark. Dat is vooral te danken aan een 6,1 procent hogere opbrengst van de loonbelasting, waarvan het aandeel in de totale fiscale jaaropbrengst sinds 1990 is opgelopen tot 34,5 procent (meer dan een verdubbeling). De SPD heeft kritisch gereageerd op deze lastenverzwaring voor lonen.

    • J.M. Bik