Valkenburg heeft wel geld voor casino, niet voor kasteel

Het vervallen Kasteel Oost Valkenburg staat al jaren te koop. Heeft de gemeente geen geld voor een gedegen restauratie of geeft ze voorrang aan moderne projecten, zoals Thermae 2000 of het nieuwe casino?

VALKENBURG, 6 FEBR. De laatste en tevens bekendste adellijke bewoonster was barones Van Schrader, alias Alide Villers de Pité. Bijna heel haar leven was ze hofdame bij vier keizers, drie Duitse en een Franse. Ze stierf in 1941 op 94-jarige leeftijd. Het staat geschreven op een bord bij de ingang van Kasteel Oost in het Zuidlimburgse Valkenburg.

Het is stil bij de toegangspoort, waar twee reusachtige leeuwen de bezoekers vanuit de hoogte aankijken. Een steenworp verderop, niet ver van het riviertje de Geul, staat het van 1340 daterende, gele kasteel te glimmen in de zon. Links ligt een hoeve, rechts een vleugel met daarin vier woningen. Achter de boerderij is café-restaurant Het Koetshuis gevestigd.

“Alle gebouwen zijn in gebruik”, zegt beheerder H. Dreessen, “behalve het hoofdgebouw. Dat staat bijna altijd leeg. Het is nu een slappe tijd, maar als het warmer wordt, zijn er weer wat trouwerijen. De mensen komen daarvoor van alle kanten, zelfs van Holland.” De benedenverdieping van Kasteel Oost krijgt momenteel een bescheiden opknapbeurt. “Dat was heel hard nodig”, vertelt J. Kuijpers, die de eenmansfractie van de VVD in de gemeenteraad vormt, “want bruid en bruidegom kregen de stukken kalk op hun kop. B en W hebben 35.000 gulden voor de restauratie uitgetrokken. Dat is niks. Er zijn vele miljoenen nodig. Het gebouw zakt bijna in elkaar.”

“Zo erg is het nu ook weer niet”, werpt Dreessen tegen, terwijl hij naar het nog natte schilderwerk kijkt. “Nee, dit is geen bouwval. Het wordt echt heel mooi hier beneden.” Het zicht is prachtig: men kijkt er uit op de kabbelende Geul, een openbaar wandelgebied en een dierenpark. Wie de eerste etage en de zolder betreedt, treft een aantal verslonsde ruimten aan. Lekkages hebben toegeslagen, in sommige muren zitten gaten en helemaal boven tocht het. Burgemeester C. Nuytens geeft toe dat er sprake is van “flink achterstallig onderhoud”. “We proberen het kasteel al jaren te verkopen”, legt hij uit, “maar dat moet op een verantwoorde wijze gebeuren. Wij willen van het stelselmatige beheer en het onderhoud af. Dat zijn geen kerntaken voor een gemeente.”

Lang niet iedereen is het met die opvatting eens. Het raadslid C. Eurlings van het CDA denkt namens veel inwoners van de toeristenplaats te spreken als hij zegt dat “Valkenburg wat meer prioriteit bij de historische aanblik van het stadje moet leggen”. “Dat heb ik ook in de raad geroepen”, vervolgt hij. “Het frappeert me dat B en W nooit over Kasteel Oost willen praten. Zo van: wat is de functie ervan, welke vorm geven we eraan? Ze schermen alleen maar met potentiële kopers. De mensen hier zijn ontzettend gehecht aan dat kasteel. Toen vorig jaar het verhaal ging dat er een groot hotel van zou worden gemaakt, bracht dat veel teweeg. Het gebouw is romantisch, Valkenburg moet het in eigendom houden.”

Volgens Eurlings is dat haalbaar. “Investeer een miljoen gulden en het is weer toonbaar”, meent hij. “B en W moeten niet zeggen dat dat geld er niet is. Als er maar een wil is.” Hij laat het woord casino vallen. Onlangs kon men burgemeester Nuytens op de televisie op de Cauberg zien ronddolen, om de stand van zaken rond dat nieuwe gokhuis toe te lichten. Eurlings: “De gemeente heeft pas 2,5 tot 3 miljoen gulden op tafel moeten leggen, omdat er bij de bouw van dat casino complicaties waren. De ondergrond moest verstevigd worden. Bovendien kost het casino de gemeente jaarlijks sowieso een half miljoen, veertig jaar lang, voor de aanleg en onderhoud van het aangrenzende park en de uitkoop van mensen die er nog grond hebben.”

Het kuuroord Thermae 2.000 vroeg eveneens een financieel offer van de gemeente, vult Eurlings aan, “want er moest een goede infrastructuur komen. Het binnenhalen van de Tour de France, een paar jaar geleden, was prachtig, maar eiste heel wat guldens. Ik zeg niet dat Valkenburg door al dat swingende een patserig imago heeft gekregen, maar het moet daarvoor wel oppassen. Laat het ook oog hebben voor zijn historie, voor zijn kastelen.”

Nuytens vertelt dat hij binnenkort gesprekken voert over een mogelijke subsidie van monumentenzorg voor Kasteel Oost. Maar ook al komt die er, dan wil hij het complex verkopen. “Maar hoe het ook afloopt”, zegt hij, “de nieuwe eigenaar zal de trouwerijen moeten blijven toestaan, anders stellen we hier te veel mensen teleur.”

“Ik ben benieuwd wat de gemeente ermee wil”, zucht beheerder Dreessen bij de buitendeur. “Verkopen zou jammer zijn. Laatst was er een projectontwikkelaar hier, die wilde alles hebben. Hij vroeg alle bewoners van de vleugel en de hovenier in de boerderij of we niet wilden verhuizen. Daar voel ik weinig voor, ik zit hier al 25 jaar.” Bij de toegangspoort wijst hij op het bord met de korte geschiedenis van Kasteel Oost. Er staat geschreven dat de naam Oost mogelijk is afgeleid van het Keltische oss, hetgeen waterloop betekent.

A. Corten, bestuurslid van de Stichting Limburgse Kastelen, meldt stellig dat die uitleg onjuist is. “Oost is een verbastering”, verduidelijkt hij. “Het komt van Van Oos, of van Van Eisch - wat eigenlijk Van Aix (Aken) is. Dat was een adellijke familie die hier eeuwen geleden huisde. Het kasteel beleefde zijn glorietijd in de achttiende eeuw, toen Spaanse en Oostenrijkse overheersers het innamen.”