Senaat en Ziektewet

BIJ HET DEBAT in de Eerste Kamer over de Ziektewet dat vandaag zijn apotheose bereikt, gaat het niet over een beetje meer of een beetje minder aandacht voor de zieke werknemer, maar over macht. De macht van de gevestigde orde in de sociale zekerheid, die wordt bedreigd door het kabinetsvoorstel om de uitvoering van de Ziektewet uit handen te halen van de georganiseerde werkgevers en werknemers en de verantwoordelijkheid grotendeels over te dragen aan de afzonderlijke ondernemingen en aan particuliere verzekeraars. Het gaat om de introductie van marktwerking in de collectieve sector die bestuurd wordt door de bedrijfsverenigingen.

Een indrukwekkende processie van belangenbehartigers heeft zich gekeerd tegen de kabinetsplannen, die waren opgenomen in het regeerakkoord en inmiddels zijn goedgekeurd door de Tweede Kamer. Als laatste dwarsligger heeft zich de PvdA-fractie in de Eerste Kamer gemeld. Deze fractie bestaat uit een aantal politieke coryfeeën die weliswaar in de marge van de dagelijkse politieke arena opereren, maar nog altijd veel macht achter de schermen hebben. Prominente aanwezigheid uit een vorige kabinetsperiode van direct verantwoordelijken voor de stroperige aanpassingen in de sociale zekerheid maakt de PvdA-fractie in de senaat natuurlijk een remmende factor. Anderzijds blijft het ook zaak rem-gedrag te scheiden van eventueel serieus te nemen bezwaren van algemenere aard.

IN DE POLITIEKE escalatie van het conflict over de Ziektewet dreigen de redenen voor de veranderingen uit het zicht te verdwijnen. Die zijn indertijd glashelder ontleed door de parlementaire enquêtecommissie onder leiding van PvdA-Kamerlid Buurmeijer over de uitvoering van de sociale zekerheid. In breder verband gaat het over een Europees probleem. Niet alleen Nederland, maar heel West-Europa kampt met de grenzen van de naoorlogsewelvaartsstaat, en privatisering van de sociale zekerheid is een dringende noodzaak.

Uit talrijke internationale studies blijkt dat landen met een groeiende economie een beperkte collectieve sociale zekerheid hebben en lage sociale premies. West-Europa is het hoge-lastengebied in de wereld en dat kost, met de huidige internationale concurrentieverhoudingen, werkgelegenheid. De werkgelegenheidsgroei in de industrielanden doet zich uitsluitend voor in de Verenigde Staten. Europa heeft, zoals dit weekeinde op het jaarlijksemanagementsymposium in Davos werd vastgesteld, “de afgelopen twintig jaar geen banengroei te zien gegeven”.

Nederland is met het links-liberale kabinet begonnen met de aanpassing van de sociale zekerheid door deze uit handen te halen van de bedrijfsverenigingen. Dat proces moet niet stuiten op automatische behoudzucht.