Maria McKee veroorzaakt lawine van emoties

Concert: Maria McKee (zang, gitaar) met Bruce Brody (toetsen), Martyn LeNoble (bas) en Rick Frank (drums). Gehoord: 5/2 Paradiso, Amsterdam. Herhaling: 20/4 Melkweg Max, Amsterdam.

Intens is een te zacht woord voor de muzikale séance die Maria McKee gisteren hield in het volle bovenzaaltje van Paradiso. Het breekbare zangeresje van de Californische countryrockgroep Lone Justice dat zo lief kon zingen over Soap, Soup & Salvation, heeft zich in de elf jaar sinds haar plaatdebuut ontwikkeld tot een hartstochtelijke furie met een stem om het glaswerk van een middelgroot café met één hoge noot aan scherven te zingen. Met country heeft haar muziek niets meer te maken en zelfs de nummers van haar soloplaten Maria McKee (1989) en het pas drie jaar oude You Gotta Sin To Get Saved liggen schijnbaar voorgoed achter haar.

McKee maakte het haar publiek niet makkelijk, want ze zong vrijwel alleen werk van haar nieuwe cd Life Is Sweet die pas volgende week in de winkel ligt. Dat ze toch een ovationeel applaus in ontvangst mocht nemen, dankte ze aan de aan fanatisme grenzende bezieling waarmee ze het nog onbekende materiaal ten doop hield. Uitgedost als een schooljuf in een streng zwart mantelpak, hield ze haar gehoor bij de les met een dwingende en zuivere stem die in schril contrast stond met haar vervormde gitaarspel.

Maria McKee wil een Edith Piaf van de post-punk zijn, die de geest van Kurt Cobain naar de kamer lokt waar Van Morrison ooit door het heilig vuur werd gedreven om zijn meesterwerk Astral Weeks op te nemen. Sinds ze een tijdlang doorbracht in de omgeving van de Ierse zanger Gavin Friday, heeft McKee de présence van een diva uit een ouderwets vaudeville-theater. Haar muziek is doordrongen van een zeldzame bezetenheid, beteugeld door het aardse spel van haar begeleiders. De van oorsprong Nederlandse bassist Martyn LeNoble (ex-Porno For Pyros) is een aanwinst, wegens de koelbloedige manier waarop hij McKee de instrumentale ruggegraat geeft om vrijelijk boven het geweld van haar knerpende gitaar uit te galmen. Haar nieuwe nummers zijn ambitieus van opzet, hoewel de fraaie violen en cello's van de plaat op het podium werden geïmiteerd door een blikkerige synthesizer.

Wie Maria McKee kende van haar pophits Show Me Heaven en het door Feargal Sharkey uitgevoerde A Good Heart, was geenszins voorbereid op de lawine van intense emotie die in Paradiso werd losgemaakt. In This Perfect Dress bezong ze haar seksuele obsessies terwijl ze met priemende ogen de zaal in speurde. Haar uitdagende podiumpresentatie hield ze vol tot aan het verraderlijk zachtmoedige slotnummer Life Is Sweet, dat eindigde in een heksenketel van aanzwellend rocklawaai. Ze liet zien dat ze de gitaarriffs van Mick Ronson, David Bowie's gitarist ten tijde van Ziggy Stardust, vlijtig heeft bestudeerd. Toch was ze het best op dreef in het aan Sinéad O'Connor opgedragen I'm Not Listening, het enige nummer waarin ze haar stoere Gibson-gitaar aan de kant zette. Het was een gedenkwaardige avond, maar wat zou het mooi zijn om Maria McKee nog eens met echte cellisten en violisten te zien optreden.

    • Jan Vollaard