British Gas wordt in tweeën gesplitst om miljardenstrop

LONDEN, 6 FEBR. Het Britse energiebedrijf British Gas dat tien jaar geleden is geprivatiseerd, wordt in tweeën gesplitst. De ene firma richt zich op winning, toevoer en internationale activiteiten. De andere onderneming legt zich toe op verkoop en service aan de 18 miljoen Britse huishoudens die door British Gas van gas worden voorzien.

Het concern heeft dat vandaag bekend gemaakt. De opdeling dient om de lucratieve exploratie- en distributietak te vrijwaren van een mogelijke strop van 1,5 miljard pond (3,8 miljard gulden) die de verkooppoot bedreigt. Al voor de privatisering had British Gas afnamecontracten met gasproducenten gesloten voor een periode van 25 tot 30 jaar. De prijs die daarbij werd overeengekomen, is in sommige gevallen twee keer het huidige marktniveau.

Het bedrijf kondigde vandaag ook de vervroegde pensionering aan van presidentdirecteur Cedric Brown. Voor veel beleggers, personeelsleden en klanten geldt Brown als het symbool van alles wat er mis is bij British Gas. Op de laatste jaarvergadering werd hij door aandeelhouders uitgemaakt voor “de meest vraatzuchtige zeug van het westelijk halfrond”.

British Gas boekte vorig jaar een brutowinst van 900 miljoen pond bij een omzet van 5,4 miljard pond. Het bedrijf is bezig met een ingrijpende reorganisatie, vooruitlopend op een liberalisering van de particuliere gasmarkt in 1998. Die operatie heeft in grote delen van de Britse samenleving tot ontevredenheid geleid. Het aantal klachten van klanten is de laatste twee jaar met meer dan de helft gestegen. Investeerders hekelden de slechte leiding van het bedrijf.

Die kritiek werd vorig jaar ongewild nog versterkt door het besluit van British Gas om Cedric Brown een loonsverhoging van 71 procent toe te kennen. Die aankondiging viel samen met de mededeling dat er 25.000 banen moesten verdwijnen en dat er op veiligheidscontroles zou worden bespaard. Ruim 4.600 aandeelhouders kwamen bij de laatste aandeelhoudersvergadering opdagen om een eind te maken “aan die schaamteloze demonstratie van mateloze hebzucht”, zoals de leider van de campagne 'Stop de volgevreten katten' meldde. Zij eisten het vertrek van het voltallig bestuur.

Institutionele beleggers hielden de bedrijfstop in het zadel maar achter de schermen stelden ze wel een ultimatum. Brown diende 'vrijwillig' op te stappen als niet binnen een jaar voldoende vooruitgang was geboekt.