Toevallige uitvinder piepschuim overleden

Ray McIntire, de uitvinder van polystyreen, is vorige week vrijdag in de Verenigde Staten overleden. Hij stierf op 77-jarige leeftijd in zijn huis te Midland (Michigan) aan een longziekte. Polystyreen, ook wel piepschuim, tempex of Styrofoam geheten, is een veel gebruikte kunststof, vooral in gebruik als isolatiemiddel in de bouw en in de verpakkingsindustrie. De naam tempex is eigenlijk overgenomen van geëxpandeerde kurkplaten die in de bouw als isolatiemateriaal werden gebruikt (temp en ex van expansie). In de jaren zestig wist polystyreen de kurkplaten vrijwel volledig uit de bouw te verdringen.

McIntyre vond polystyreen in het begin van de jaren '40 bij toeval uit toen hij een rubberachtig polymeer wilde ontwikkelen dat kon dienen als isolator. Hij gebruikte daarvoor styreen en isobutyleen. Hij was niet de enige die dat probeerde: styreen-butadieenrubber is later inderdaad de belangrijkste synthetische rubber geworden.

Maar bij McIntyre verliep de reactie anders dan hij had verwacht. Er ontstonden blazen van gepolymeriseerd styreen. Het was behoorlijk sterk en erg licht. Hij herkende de eigenschappen en octrooieerde het materiaal. Dow Chemical bracht het na de oorlog uit als Styrofoam en het werd onmiddellijk een groot succes. Styrofoam werd in de Angelsaksische wereld van een merknaam al gauw een soortnaam voor piepschuimachtige materialen.

Polystyreen zelf is een glasachtige, brosse kunststof die wel enkele toepassingen heeft. Maar het meeste polystyreen wordt gepolymeriseerd terwijl het 'geblazen' wordt met een blaasmiddel. Een bekend blaasmiddel werd gevormd door CFK's omdat deze onbrandbaar waren. Maar dit gebeurt niet meer, omdat CFK's de ozonlaag aantasten.