Tadzjiekse rebellen krijgen snel hun zin

DOESJANBE, 5 FEBR. Het gevaar voor een nieuwe burgeroorlog in Tadzjikistan lijkt iets te zijn geweken nu onder druk van rebellerende commandanten diverse hoge leiders van het communistische bewind zijn opgestapt.

President Imomali Rachmonov ontsloeg zijn eerste vice-premier, zijn stafchef en de gouverneur van een zuidelijke provincie. Die ontslagen waren door de twee rebellerende commandanten geëist. Het Tadzjiekse parlement heeft de ontslagen bekrachtigd. Aanvankelijk hadden de rebellen ook het ontslag van de minister van defensie geëist, maar die eis werd later ingetrokken.

De opstandelingen hebben beloofd hun wapens in te leveren en hun troepen naar de kazernes terug te sturen als aan hun eisen zou zijn voldaan. Er waren vandaag tot het middaguur nog geen aanwijzingen dat ze die belofte inderdaad nakomen.

De crisis in Tadzjikistan brak uit toen vorige week twee militaire commandanten tegen het “corrupte en incompetente” bewind in opstand kwamen, de controle over twee belangrijke steden in handen namen en opmarcheerden naar de hoofdstad Doesjanbe. President Rachmonov sprak in het parlement van het gevaar van een nieuwe burgeroorlog. Hoewel de Tadzjiekse legerleiders lieten weten sterk genoeg te zijn om de opstand neer te slaan, ging Rachmonov wel in op de eisen van de stakers.

Het motief van de opstandelingen lijkt vooral te liggen in het ongenoegen van diverse militaire commandanten over economische privileges in Tadzjikistan. Ze eisten de controle over een grote aluminiumfabriek en een deel van de katoenoogst, de belangrijkste bron van inkomsten van het land. Volgens de opstandelingen heeft de clan van de Koeljabi - de stam waartoe president Rachmonov behoort - het monopolie over de hele Tadzjiekse economie in handen. De katoenoogst was het exclusieve domein van de nu weggestuurde eerste vice-premier. De opstandelingen zelf waren afkomstig uit de grote Oezbeekse minderheid in Tadzjikistan, die slechts in geringe mate profiteert van de overwinning die hun leiders samen met president Rachmonov hebben geboekt in de burgeroorlog van 1992. (Reuter)