'Ik wil er geen kraker achteraan gooien'; Van Traa over rapport enquêtecommissie:

DEN HAAG, 3 FEBR. Op het hoofdkwartier van de enquêtecommissie hangt een dag na de presentatie van het rapport 'Inzake opsporing' de sfeer van een lerarenkamer in de zomervakantie. Secretariaatsmedewerkster Loes Peters legt in het kantoortje van het Eerste Kamergebouw de laatste hand aan een fotoboek. Het is een presentje voor griffier Nicole Coenen die deze avond een borrel organiseert.

En er belt een meneer uit Maasbree om zich te beklagen over het eindrapport. Waarom heeft de commissie in het rapport geen aandacht besteed aan zijn onrustbarende informatie over smokkel van radio-actief melkpoeder? Het onderzoekswerk gaat bijna uitsluitend over drugshandel, moppert de beller. Hij wordt charmant afgepoeierd.

Even verderop ontvangt Van Traa de zoveelste journalist. Hij kijkt nors, maar dat is gewoonte. De voorzitter is namelijk dik tevreden. Het is hem reuze meegevallen dat de eerste reacties op de enquêterapporten bijna onverdeeld enthousiast zijn. “Dat het zo positief zou worden beoordeeld, had ik niet verwacht”.

Maar de tevredenheid neemt niet weg dat de voorzitter behoedzaam is. Hij loopt het hele gesprek op eieren. “Ik heb geen zin er een kraker achteraan te gooien”, zegt Van Traa. De zorgvuldige nuanceringen in het eindrapport mogen niet teniet worden gedaan.

De commissie heeft geen oordeel willen vellen over het lot van bekritiseerde gezagsdragers. Maar het lijkt erop dat in het strafrechtelijk apparaat vooral de trap van onderaf wordt schoongeveegd?

Absoluut niet.

Alleen uitvoerders als Langendoen of Van der Putten zijn gestraft voor hun handelen, andere collega's zitten ziek thuis. Op PG Van Randwijck na zitten alle verantwoordelijke commissarissen of magistraten nog op hun stoel. Is dat geen klassejustitie?

Ik kan al die individuele gevallen niet beoordelen. Het gaat om de vraag wie er verantwoordelijk is. Wij zijn geen interim-managers maar zeggen wel dat het probleem niet is opgelost met het vertrek van één procureur-generaal. Wij zijn niet verantwoordelijk voor wat er met personen gebeurt. Het is aan de politiek en bestuurlijk verantwoordelijken dat te doen. Dat er dramatische persoonlijke situaties zijn, weet ik ook.

In Haarlem en op andere plekken waar vooral de 'rekkelijke' misdaadbestrijders werken, bestaat de mening dat U als voorzitter partijdig was. U zou de rekkelijken als verdachte en de overigen als getuige hebben gehoord?

Dat vind ik jammer als men dat denkt. Wij zijn geen rechterlijk college. Ik neem kennis van de kritiek maar heb me naar eer en geweten opgesteld.

Eén commissielid verweet u een “variatie in geduld” te tonen?

Ik zeg niet dat het onzin is. Ik heb me als normaal mens gedragen. Dat kan heel gezond zijn in een periode van twee maanden van verhoren. Maar ik ga mijn eigen optreden achteraf niet recenseren. Het viel me wel soms op dat er vanuit het openbaar ministerie de houding te bespeuren was: we zullen het die jongens eens uitleggen. We moesten ons gezag verwerven ten opzichte van mensen die dat niet gewend zijn.

Waarom wordt ex-minister Hirsch Ballin als hoofdschuldige aangewezen?

Zo heb ik dat niet gelezen.

Wat bedoelt u er dan mee dat hij een “onverantwoorde situatie” creëerde?

Het is een oordeel dat blijkt uit de feiten die zich eind 1993 en begin '94 voordeden. Het bestaat uit twee elementen. Het feit dat de IRT-methode doorging én dat er door de Haagse politie cocaïne werd doorgelaten zonder dat iemand het wist.

Sorgdrager was voor die doorlating als procureur-generaal in Den Haag verantwoordelijk maar wist net als Hirsch Ballin van niets. Waarom heeft zij geen “onverantwoorde situatie” geschapen?

Sorgdrager krijgt ook een oordeel als lid van het college van procureurs-generaal. Het oordeel over haar is in het algemeen gegeven. En het was haar voorganger Addens die toestemming heeft gegeven voor de doorlating van cocaïne. Zij had het moeten weten maar het is haar niet verteld.

Op haar parket lagen stukken “om onnaspeurbare redenen” in de kluis. Bij Hirsch Ballin niet.

Ja goed, maar we weten niet hoe die stukken daar kwamen. En uit de reconstructie die we hebben gemaakt van de kwestie Blok-Sorgdrager blijkt dat ze niet op de hoogte was van die doorlating. Dat is geen speciale behandeling.

Dus de term “onverantwoorde situatie” is geen politiek oordeel?

Juist. En hij is alleen toegeschreven aan de minister van justitie die daarvoor verantwoordelijk was. Het gaat over de situatie op het departement.

Maar waarom krijgen de PG en de minister dan een verschillende beoordeling?

Omdat de minister leiding geeft aan de vergadering van PG's.

Waarom oordeelt U dat Sorgdrager “het dus niet geweten heeft” dat de Haagse hoofdofficier Blok haar verteld zou hebben over het doorlaten van cocaïne? Terwijl u vaststelt dat hun lezingen diametraal tegenover elkaar staan.

Ik heb die zin zelf geformuleerd. In de rechtszaal komt het toch voor dat mensen elkaar tegenspreken en de rechter zijn oordeel velt zonder een van de twee voor leugenaar uit te maken? Ik vind het heel goed voorstelbaar dat Blok 't heeft gezegd en dat Sorgdrager dat absoluut niet heeft opgepikt.

Maar door de vaststelling dat Sorgdrager van niets wist, kiest u impliciet partij tegen Blok?

Ik kies niet tegen Blok. Ik geloof Blok en ik geloof Sorgdrager. En verder moeten er geen intenties achter de formuleringen worden gezocht.

Hoeveel waarde hecht u aan de aanbeveling dat het doorlaten van hard drugs in principe niet meer mag?

Wij vinden het heel belangrijk dat aan deze opsporingsmethode paal en perk wordt gesteld.

Sorgdrager zei in haar verhoor dat ze het doorlaten van cocaïne acceptabel acht.

Dat heeft ze gezegd ja. We zullen zien wat het oordeel van de regering in het debat is.

Waarom hebt u op dat punt geen oordeel over Sorgdrager gegeven?

Het is toch aan de Kamer als geheel om daarover te oordelen? De enquêtecommissie rapporteert de Kamer en controleert de minister. Wij zijn niet de controleur van de huidige minister. Ik hoop natuurlijk dat de regering mijn aanbeveling overneemt.

Dus U vindt dat Sorgdrager moet terugkomen op haar oordeel over de toelaatbaarheid van het doorlaten van cocaïne?

Dat spreekt vanzelf. Ja.

Heeft de commissie geprobeerd politieke kwalificaties in haar beoordelingen te vermijden?

We hebben opgeschreven wat we vonden. Het is niet zo dat we tijdens het schrijven al nadachten: dat valt zus-of-zo. Je kijkt of je de zaak recht doet.

Volgens de meeste kranten zijn dat vooral “keiharde” oordelen?

Ik zou liever willen spreken van: duidelijke conclusies.

U zei op de persconferentie nadrukkelijk dat de commissie vooral beoogde de “IRT-strijdbijl” te helpen begraven. Dat was toch niet de taak van de commissie?

Gaandeweg ons onderzoek bleek dat het absoluut noodzakelijk is een punt achter de IRT-affaire te zetten wil er binnen politie en justitie een nieuwe start worden gemaakt en goed samengewerkt worden.

Kunnen de hoofdrolspelers nog samenwerken?

Dat is wel te hopen.

    • Marcel Haenen
    • Tom-Jan Meeus