Griekenland-Turkije: Grieken negeerden op Imia de wetten van de vlag

ATHENE, 3 FEBR. Zonder het neerstorten van de Griekse helikopter met drie inzittenden zou het incident van deze week rond de twee rotseilandjes in de Aegeïsche Zee als een farce kunnen worden ervaren. “Laten de geiten op Imia een referendum houden of ze tot Griekenland of Turkije willen behoren” was een reactie in de Engelse krant Independent, overigens uit de mond van een niet bij name genoemde Griekse “zegsman in Ankara”.

Deze laatste vormde dan wel een grote uitzondering, want de Grieken die ik ken hebben stuk voor stuk loodzwaar getild aan de hele affaire, van het begin af aan. De Turken ook natuurlijk, maar hun loodzwaarte mondde ten slotte uit in een orgie van nationalistisch feestgedruis. De Grieken daarentegen konden na enkele dagen terugzien op een fiasco, even smadelijk als de verloren oorlog tegen de Turken die precies een eeuw eerder losbarstte en waarover Griekse kinderen op school zo weinig leren.

De Griekse premier Simitis die in het parlement sprak van een succesvolle afloop voor de Grieken en zelfs van een nederlaag voor de Turken - omdat de status quo was hersteld - was ook al een uitzondering. Twee dagen tevoren was door de schrijver van de humoristische rubriek “Het Zwarte Gat” in het dagblad Eleftherotypia voorspeld: “Ik ben bang dat ze ons straks de onderbroek afnemen en dat ze dan gaan roepen dat we nudisten zijn”. Daar deed Simitis' commentaar aan denken. De status quo had hij wel terug, maar de vlag was weg.

Griekenland is een van de laatste landen landen in Europa waar de symbolische betekenis van de vlag zo intens wordt beleefd. In Turkije is dat nog sterker, en één van de fouten die de Grieken hebben gemaakt is, dat ze dat niet genoeg hebben beseft. Zij plantten hun vlag om defensieve redenen. Turken denken bij hun vlag aan verovering, een woord dat op de scholen nog wordt verheerlijkt en gecultiveerd. Het uit de grond stampen van een probleem rond een rotseilandje - bijna een halve eeuw nadat dat aan Griekenland was toegewezen, ook volgens Rome dat het afstond - gaat onbewust terug op die cultivering, iets wat in Europa en Amerika onvoldoende wordt beseft.

De Griekse fout was, dat men begon met vlagvertoon ten overstaan van een tegenstander die daarop reageert als een stier op een rode lap (geen goede vergelijking, gezien het blauw van de vlag). De vlag, hoe 'verouderd' ook als instituut in onze ogen, stelt haar eigen wetten. De burgemeester van het eiland Kalymnos die met een groepje vissers de vlag plantte midden op Imia, had moeten bedenken dat deze nooit onbeheerd mag blijven. Ook de Griekse autoriteiten hadden daaraan moeten denken.

Nu kwamen er Turkse journalisten van de Hürriyet die zonder tegenstand de vlag inhaalden (niet verbrandden, zoals veel Grieken denken) en verwisselden voor een Turkse. Daarop begingen de Grieken hun tweede fout. Ze kwamen nu met commando's op het eilandje - inmiddels door oorlogsschepen omgord - en verwisselden op hun beurt de Turkse weer voor de Griekse. Ze hadden er de Europese naast moeten zetten, aldus Europarlementariër Alavános later.

Wat ze werkelijk hadden moeten doen was, de Turkse vlag weghalen en er géén Griekse voor in de plaats zetten. Dan had Simitis immers zijn “status quo” terug gehad waar hij het in zijn parlementaire toespraak over had. De Griekse vlag die nu bleef waaien leidde tot het nachtelijke Turkse ultimatum dat de Grieken hebben moeten inwilligen, vooral ook onder druk van het feit dat Turkse commando's kans zagen, in noodweer een Turkse vlag te planten op het zwaarbewaakte 'zustereilandje' vlak naast Imia. Dat dit kon lukken, was een derde fout van de Grieken, geen tactische maar een strategische. De Griekse kern-ministerraad besloot ter elfder ure: geen oorlog voor een vlag. De Turken, nog zekerder van een overwinning, zouden zo'n oorlog wel hebben geriskeerd.

Het was misschien een van de laatste keren dat de vlag haar symbolische rol zo dramatisch vervulde. De eerste dagen leek het wel of de Grieken bedroefder waren over dit verlies dan over dat van de helikopter met de drie officieren, van wie er twee nog niet zijn gevonden. Pas gisteren, rondom de begrafenis van de derde, kwam het tot hevige smartbetuigingen maar ook uitingen van woede om dit verlies, dat “geheel voor niets” zou zijn geweest, zoals de vader in zijn afscheidstoespraak jammerde.

Optimistisch en dialectisch ingestelde Grieken bestrijden dit laatste. Deze vernedering is zo verpletterend, zeggen zij, dat ze nooit meer kan worden herhaald. Een volgende keer zullen de Grieken “tsabouká” (assertiviteit) moeten vertonen. En de Turken, die een ander bestel van de Egeïsche Zee nastreven, zullen zeker terugkomen - ook Imia zelf had voor hen een symboolfunctie.

    • Frans van Hasselt