Gevangenisarbeid: 150 grenen kasten per maand

Op de Vakbeurs voor Toeleveringsbedrijven was deze week ook het ministerie van Justitie present. Het gevangeniswezen op zoek naar werk.

UTRECHT, 3 FEBR. Trots toont hij de schelpentegels, een nouveauté van de gevangenis van Esserheem. In de stand van het ministerie van Justitie op de Vakbeurs van Toeleveringsbedrijven liggen ze naast een stuk veevoederbak in de beton-etalage. Even verderop is textiel tentoongesteld dat de gevangenissen produceren. Oranje leeuw-hemdjes (“met het EK hebben we daar dui-zen-den van gemaakt”), pyama's, vaantjes van Ajax èn Feyenoord (“de ene dag leggen we Ajax bovenop, de andere dag Feyenoord”) en reflecterende sportovergooiers met het logo van Veilig Verkeer Nederland.

J. van Tuyl is een van de trotse 'Hoofden Arbeid' die, getooid met justitiestropdassen, op de Vakbeurs het ministerie vertegenwoordigen, in het bijzonder de veertig gevangenisbedrijven. De hoofden zijn hier vooral om “dat imago van die wasknijpers” op te poetsen. “Dat willen we kwijt. We willen laten zien dat we goede werknemers hebben en goede producten.”

De laatste jaren is de arbeid in de gevangenissen sterk toegenomen. In de nota 'Werkzame detentie' introduceerde ex-staatssecretaris Kosto twee jaar geleden de 26-urige werkweek voor gevangenen. Dit jaar zal dit 'standaardregime' in de helft van alle gevangenissen zijn ingevoerd.

“Het is een manier om gedetineerden discipline aan te leren”, zegt hoofd justitiële inrichtingen van het ministerie L. Elting. “En er zit een leerelement in.” Soms kunnen de gevangenen een vakopleiding krijgen, maar “de groep die met een diploma de gevangenis verlaat is niet zo groot”, erkent Elting. “Maar je moet ook kijken naar de populatie: vaak zwaar drugsverslaafd, psychisch gestoord, allochtoon.” Het gevangeniswerk is nog niet kostendekkend. “Vaak moet er nog geld bij. Vooral de toezichthouders zijn erg duur.”

Door 'Werkzame Detentie' kregen gevangenissen en huizen van bewaring er een taak bij: arbeidsvoorziening. Directeur H. Vermeulen van de penitentiaire inrichting Zoetermeer in oprichting heeft gemerkt dat de acquisitie niet vanzelf gaat. “Je moet daadwerkelijk de boer op en dan stuit je op de bekende vooroordelen. Men denkt dat gevangenen alleen maar geheel verzorgd op cel zitten en verder niets doen.”

Van het adviesbureau Twijnstra Gudde kreeg Vermeulen het advies zich vooral te richten op hout, metaal en recycling. “Maar dan moet je uitkijken dat je je niet op een markt gaat bewegen waar al veel concurrentie is, ook van de andere gevangenissen.” Hij heeft besloten zich te richten op 'metaal' en recycling van 'bruingoed' (radio's, computers en dergelijke). Veel opdrachten zijn er nog niet, maar wel “genoeg om het eerste jaar door te komen”.

Het huis van bewaring van Almelo, waar Van Tuyl de scepter zwaait over de arbeid, heeft 120 werkwillige gevangenen en 24 weigeraars. Weigeren mag, want in tegenstelling tot in de gevangenissen (waar de langgestraften verblijven) is de arbeid in de huizen van bewaring vrijwillig. Werkwilligen verdienen maximaal 40 gulden per week. “Dat hangt af van het aantal uren dat ze werkelijk aanwezig zijn.” Onder leiding van vijftien 'werkmeesters' wordt gewerkt in een meubelmakerij (productie onder meer: 150 spiegellijsten per dag, 150 grenen kasten per maand) en in elektromontage, houtmontage en textiel.

Volgens Van Tuyl is het niet bezwaarlijk dat de gevangenen tijdens hun werk in het bezit zijn van “de meest gevaarlijke beitels, scharen en messen”. “De sfeer is heel goed. Die jongens hebben buiten wel wat uitgevroten, maar tegen ons hebben ze niets. Natuurlijk is er strikte controle. Als ze tussen de middag naar 'huis' gaan en er is een schoevendraaier vermist worden ze allemaal gedetecteerd en gecontroleerd.”

Johan van Roosmalen is een van de gedetineerden in Almelo die niet mag werken, wegens 'vluchtgevaarlijkheid'. Ook heeft hij het geld niet nodig, zegt hij, en geniet hij liever computeronderwijs of iets dergelijks. “Werk zou productief zijn als je er ook buiten iets mee zou kunnen doen. Maar hier worden pallets gemaakt en tuinhekken met een boogje erin gezaagd. Wat heb je daar nou aan.”

Op de vakbeurs is het ministerie van Justitie een opvallende aanwezige tussen de circa 600 bedrijven die zijn gespecialiseerd in zaken als 'pneumatisch ondergronds afvaltransport'. “Ik begrijp niet wat die hier kunnen doen”, zegt een gereedschapsmaker, overbuurman van Justitie, perplex. Hij heeft nog geen gelegenheid gehad om even te gaan kijken.