Dansen op foto vastgelegd

Michel Huet & Claude Savary (tekst): Africa Dances 172 blz., Thames & Hudson 1995, ƒ 73,35

Het vastleggen van dans is niet de gemakkelijkste opgave voor een fotograaf. Dans draait tenslotte om beweging, en die kan door de fotografie per definitie slechts gesuggereerd worden, of je zou moeten kiezen voor letterlijk bewogen (dus: onscherpe) foto's. Maar ja, wat zie je dan feitelijk? Geen wonder dus dat de ruim honderd dansfoto's die de Fransman Michel Huet verzamelde in Africa Dances ondanks het opstuivende zand, de gebogen lijven en uitgestrekte armen soms een beetje statisch ogen. Want behalve de rituele dansen (voor de viering van de seizoenen, bij initiaties, geboorte en dood) wilde de etnografisch geïnteresseerde Huet uiteraard ook graag de veelal verbijsterend mooie uitdossingen van de dansers laten zien; de kleding, maskers, sieraden en de kunstige patronen van aangebrachte littekens.

Dat neemt niet weg dat zijn boek volstaat met hier en daar even intrigerende als betoverende foto's, zoals deze van een 'olifanten-masker', gedragen door een danser van het Bamileke-broederschap in West-Kameroen.

Huet (1917) reisde tussen 1945 en 1985 menigmaal dwars door het Afrikaanse continent, van Senegal tot Tanzania, van Mauretanië tot Zaïre. De eerste twintig jaar werkte hij in zwartwit, later gebruikte hij kleur. En al is dat een welkome toevoeging, ook zijn eerste foto's laten weinig te raden over de pracht en praal waarmee de rituele dans in Afrika gepaard gaat.

Oudere en meer recente foto's worden in het boek per lokatie afgewisseld om de verschillen (vaker: overeenkomsten) tussen vroeger en nu te illustreren. Daardoor duurt het even voor je in de gaten krijgt dat er eigenlijk iets ontbreekt in het onbekommerde om niet te zeggen pastorale beeld. Een horloge of bril valt nergens te bespeuren, laat staan een fourwheeldrive vol toeristen. Maar dat komt ongetwijfeld voort uit zijn wens de oorspronkelijke tradities van 'nog niet in onze westerse vooruitgang meegesleepte volken' te documenteren, aldus Huet in zijn inleiding.

    • Eddie Marsman