Veel moet veranderen, maar Van Traa is geen interim-manager

DEN HAAG, 2 FEBR. De conclusies van het rapport van de commissie-Van Traa: er moet heel veel veranderen bij politie en justitie. Dus alle korpschefs, PG's en justitie-ambtenaren moeten weg? En ook minister Sorgdrager? Commissievoorzitter Van Traa ergerde zich gistermiddag bij de presentatie van zijn eindrapport aan dat soort vragen. Er is sprake van een diepe crisis, zei hij, maar de parlementaire commissie opsporingsmethoden is “geen interim-manager van het ministerie van justitie”.

Het is aan de politiek om consequenties te trekken uit de conclusies in het rapport, verduidelijkte Van Traa. Eventuele personele maatregelen zijn voor rekening van kabinet en Tweede Kamer. Wel merkte hij op dat het “volstrekt duidelijk is dat de problemen niet zijn opgelost met het vertrek van één procureur-generaal”.

Een eigen oordeel wilde hij niet vellen. “Er staat wat er staat in het rapport”, zei de voorzitter. “Tot het tegendeel bewezen is” heeft minister Sorgdrager voldoende gezag en vertrouwen om de broodnodige reorganisaties van het openbaar ministerie, en haar eigen departement, te voltooien, aldus Van Traa.

Het rapport, waarin de enquêtecommissie kritiek leverde op vrijwel alle betrokken instanties, moet volgens Van Traa niet leiden tot een “oorlog” tegen de criminaliteit. Bij zo'n strijd eindigt de overheid als verliezer, aldus Van Traa. Ook waarschuwde hij ervoor dat bij de opsporing te veel aandacht kan komen te liggen bij de jacht op de top van criminele organisaties. Het “middenkader” van misdaadbendes is de “top van morgen”, en mag niet worden overgeslagen.

Van Traa onderstreepte nog eens de noodzaak van een reorganisatie in het opsporingsapparaat. “Anders zit er over drie jaar opnieuw een enquêtecommissie.” Het openbaar ministerie moet beter worden uitgerust. “Er zijn in Nederland maar 446 officieren van justitie en ruim 40.000 politiemensen. Weinig mensen beseffen dat.” Hoeveel die personele versterking van Justitie gaat kosten, kan Van Traa niet becijferen.

Verder vindt Van Traa het van belang dat er meer aandacht komt voor het financieel-economisch rechercheren. De commissie heeft geconstateerd dat er bij justitie en politie te weinig kennis voorhanden is om ingewikkelde financiële constructies te ontrafelen. Ook de etnische criminaliteit is een punt van zorg. Bij de politie bestaat door cultuur- en taalbarrières te weinig affiniteit met het bestrijden van misdaad door groepen in allochtone gemeenschappen, aldus de enquêtecommissie.