Olijk stuk over gruweldaad

Voorstelling: Marietje Kessels door ONS-Theaterprodukties. Tekst: Pietjan Dusee; regie: René Jagers; vormgeving: Hedy Grünewald; muziek: Jacques Palinckx en Tjerk van der Ham; spel: Maria Fonken, Rob van Gestel, Dianne Krijnen, Willem Westermann. Gezien: 1/2 Plaza Futura Eindhoven. Tournee t/m 16/3.

'Marietje in kerk verkracht vermoord' meldt de extra editie van De Tilburgse Koerier in schreeuwende letters naast foto's van het meisje en een van de verdachten. De moord op de 11-jarige Marietje Kessels uit Tilburg was in 1900 voorpaginanieuws en dat is het nu weer dank zij ONS, het Tilburgse gezelschap dat de voorstelling Marietje Kessels vergezeld doet gaan van het door hen uitgegeven 'Weekblad voor het hart van Brabant' dat geheel is gewijd aan 'den gruweldaad'.

Toch is het stuk niet louter een historische reconstructie, hoewel schrijver Pietjan Dusee wel is uitgegaan van de gebeurtenissen op die bewuste woensdag 22 augustus 1900 en van het boek Moordhoek dat Ed Schilders in 1988 over de kwestie publiceerde. In dat boek doet Schilders een poging de raadsels rond de moord, die officieel nooit is opgehelderd, te ontrafelen en de dader te achterhalen. De koster en de schilder die op dat moment in de kerk aanwezig waren en een tijd lang onder verdenking hebben gestaan kunnen het zijns inziens niet geweest zijn. De geruchten die in die dagen al de ronde deden en in de richting van de pastoor wezen blaast Schilders nieuw leven in: de clericus is naar alle waarschijnlijkheid de schuldige, meent hij.

Deze gegevens heeft Dusee gebruikt in een voorstelling die is opgezet als een soort openbare repetitie waar de vier acteurs de sleutelfiguren in het drama tot leven roepen maar ook regelmatig uit hun rol stappen en zichzelf spelen ('Hallo, ik ben Maria Fonken. Ik kom uit 's-Hertogenbosch (...) Ik ben, nou ja, ik speel Mia Kessels'). Het spel wordt door de acteurs op die momenten onderbroken door discussies over de personages, over hun motieven, over waarheid en over wat voor seksuele fantasieën men er zelf eigenlijk op na houdt. De voorstelling blijkt dan plots een oefening in zelfonderzoek waaraan ook het publiek zich dient te onderwerpen.

Voortdurend legt Dusee een connectie tussen het verleden en de actualiteit waarbij hij moraliseren niet uit de weg gaat. Dat leidt tot een pijnlijke scène waarin 'een echte brief, dus geen toneelbrief' wordt voorgelezen van een pedofiel die omstandig zijn orgiastische uitspattingen met een 10-jarig meisje op de Filippijnen beschrijft.

De onaangename stilte die daarop volgt in de zaal en op het podium is uitzonderlijk: een moment van bezinning in een voorstelling die over het algemeen het karakter heeft van een vrolijke sketch, compleet met live uitgevoerde orgelmuziek om de stemming erin te houden. De losse collage-achtige vorm van het stuk heeft de acteurs aangezet tot een al even losse speelstijl waarbij veelvuldig gebruik wordt gemaakt van een olijke toon en plat Tilburgs. Die combinatie is in dit geval niet zo dodelijk als het klinkt - regisseur René Jagers heeft de luchtigheid goed gedoseerd, de spelers behoeden hun spel voor gênante lolbroekerij en de voorstelling houdt vaart. Zo blijkt de dood van Marietje Kessels bijna honderd jaar na dato toch nog aanleiding te kunnen zijn tot een vermakelijke avond.

    • Noor Hellmann