Commissie rechten mens wil gijzeling Irian Jaya volgen

JAKARTA, 2 FEBR. De Indonesische Commissie voor de Rechten van de Mens, een semi-officieel college, heeft de strijdkrachten toestemming gevraagd de voortgang van de gijzelingszaak in Irian Jaya door waarnemers ter plaatse te laten volgen.

De commissie rapporteerde in september over gewelddadige excessen van het leger tegenover de Papoea-bevolking, niet ver van de plaats waar de Organisatie Vrij Papoea (OPM) al wekenlang twaalf mensen in gijzeling houdt. Naar verluidt heeft de commissie een brief ontvangen van Kelly Kwalik, de commandant van het OPM-legertje in het Centrale Bergland van Irian Jaya, waarin deze zijn motieven voor de actie uiteenzet. Marzuki Darusman, vice-voorzitter van de commissie, zei vanmorgen dat hij en enkele andere leden de gijzelingszaak hebben besproken met generaal Feisal Tanjung, chef-staf van de Indonesische strijdkrachten.

In Mapnduma, het gehucht waar de ontvoering op 8 januari plaatshad, is de rust weergekeerd. De gijzelaar Naftali, een Nduga-Papoea die de afgelopen weken in opdracht van de OPM-groep de radio bediende, is achtergelaten in het dorp, met de zender. Hij heeft zich gemeld bij de dichtstbijzijnde legerpost en heeft toestemming om in Mapnduma te blijven. De OPM-ontvoerders en de twaalf resterende gijzelaars, onder wie twee Nederlanders, zijn spoorloos verdwenen. De militairen ter plaatse pogen hen te lokaliseren, volgens een woordvoerder “om het onderhandelingsproces te heropenen'. Dominee Van der Bijl, die dertig jaar zielzorger was onder de Nduga en de afgelopen weken namens het leger onderhandelde met de OPM-groep, keert morgen terug naar Mapnduma. Waarnemers ter plaatse verwachten dat deze stap de dorpsbewoners, die na de actie het bos in zijn gevlucht, het vertrouwen geeft dat ze bij terugkeer geen represailles zullen ondervinden van het leger.