Passages uit het eindrapport; Criminelen wassen met gokkasten hun zwart geld wit

DEN HAAG, 1 FEBR. De horeca-branche is sterk geïnfiltreerd door de georganiseerde criminaliteit. Dat concludeert de Enquêtecommissie Opsporingsmethoden in haar eindrapport. De sector is volgens de commissie “doelwit van crimineel wit te wassen geld, investeringen van criminele vermogens en afpersingspraktijken”. Witwassen wordt vooral met gokkasten gedaan, waar zwart geld in wordt gegooid dat er wit en belastbaar weer uit komt.

De horecabranche is een uitzondering, want er is volgens de enquêtecommissie geen sprake van structurele verwevenheid van de legale 'bovenwereld' met de onderwereld. Wel is er voor verschillende branches “een flinterdunne scheidslijn tussen ondernemers die binnen hun legale beroep of bedrijf illegaal handelen en georganiseerde criminaliteit”.

Een viertal branches is volgens de commissie-Van Traa gevoelig voor bemoeienissen van de georganiseerde misdaad. In de conclusies van het eindrapport wordt de kwetsbaarheid van de transportsector voor smokkel van illegale goederen 'opvallend' genoemd. Verder is “de gelegenheidsstructuur van de afvalbranche, de autobranche en de bouwnijverheid verontrustend”. Voor alle branches geldt dat de commissie geen conclusies durft te trekken over de omvang en de aard van de, al dan niet georganiseerde, misdaad.

Bij de transportbedrijven is de misdaad erin geslopen nadat hun jarenlange positieve bedrijfsresultaten overgingen in de malaise die de transportsector momenteel beleeft. Malafide organisaties kopen noodlijdende transportbedrijven op om daarmee zwart geld wit te wassen, heeft de commissie geconcludeerd. Daarnaast worden vrachtwagens massaal ingezet om illegale goederen zoals drugs te transporteren.

Onderzoek naar autodiefstal krijgt weinig aandacht van politie en justitie, zo stelt het eindrapport. Daardoor is weinig concreets bekend over de betrokkenheid van criminele organisaties binnen de branche. G. Bruinsma, hoogleraar bestuurskundige criminologie die op 7 september voor de commissie moest verschijnen, schatte de schade aan het aantal “weggebleven” auto's op “ongeveer 85 tot 120 miljoen gulden aan personenwagens en een vergelijkbaar bedrag aan vrachtwagens, in totaal dus zo'n 220 miljoen per jaar”. De enquêtecommissie gaat er van uit dat het stelen van vrachtwagens per definitie door 'professionele dieven' gebeurt.

Doordat 'milieucriminaliteit' pas sinds kort tot de aandachtspunten van politie en justitie behoort, heeft de commissie-Van Traa nauwelijks een beeld kunnen krijgen van deze vorm van al dan niet georganiseerde misdaad. Complexe wet- en regelgeving werkt die criminaliteit in de hand, omdat de handhaving van de regels gebrekkig is. Volgens de commissie zijn de hoge winstmarges en de geringe pakkans dan ook de belangrijkste motieven voor illegale activiteiten, maar de commissie houdt het er, samen met hoogleraar Bruinsma, op dat er nu nog geen sprake is van “zware, georganiseerde criminaliteit”.

Er gaat in de bouw zoveel geld om dat de branche erg aantrekkelijk lijkt voor de georganiseerde misdaad. Toch gelooft de commissie niet dat die kwetsbaarheid tot gevolg heeft dat “criminele groepen zich innestelen” in de bouw.