Debat hergebruik oude films

ROTTERDAM, 1 FEBR. In het kader van het 25ste International Filmfestival Rotterdam vond gisteren in zaal De Unie een ronde-tafelgesprek plaats over het hergebruik van bestaand filmmateriaal. De in dit verband vaak gebezigde term found footage ('gevonden filmmateriaal') blijkt tot verwarring aanleiding te kunnen geven. Een filmmaker als de Oostenrijker Gustav Deutsch zoekt letterlijk naar stukjes celluloid, die niemand meer hebben wil, in vuilnisbakken of bijvoorbeeld op straat in Casablanca. Wat er op die film staat is toevallig en van minder belang dan de vondelingstatus van dit verwaarloosde materiaal.

Ook voor het Italiaanse paar Jervant Gianikian en Angela Ricci Lucchi, die zich gespecialiseerd hebben in de hermontage van onbekend documentair materiaal uit de eerste twintig jaar van de filmgeschiedenis, is het van groot belang dat zij de filmrollen letterlijk bezitten. Volgens Gianikian willen de meeste archieven alleen geconserveerde kopieën afstaan en houden ze in sommige gevallen zelfs materiaal achter.

Aan de andere kant worden oude films steeds vaker ook gebruikt in een betekenisvolle context. De Duitse Roemeen Andrei Ujica, regisseur van de interessante ruimtevaartdocumentaire Out of the Present, wijst erop dat de rechten het grootste probleem vormen. In tegenstelling tot het citaatrecht in de literatuur, wordt het gebruik van oude speelfilmfragmenten ernstig belemmerd door de enorme bedragen die de rechthebbenden daarvoor plegen te vragen. Om die reden zijn filmers die zich met found footage bezig houden bijna gedwongen om zich te beperken tot home movies en stukjes film van obscure herkomst. Voormalig Filmmuseum-conservator Peter Delpeut vindt dat alle beelden eigenlijk vrij beschikbaar zouden moeten zijn, maar erkent dat dit een utopische opvatting is.

De Amerikaan Mark Rappaport trotseert met zijn sublieme collagefilm From the Journals of Jean Seberg de rechtenkwestie. In zijn vrij associërende wandeling door de filmgeschiedenis, aan de hand van leven en werk van de hoofdrolspeelster uit Saint Joan en A bout de souffle, die in 1979 mede onder invloed van vervolging door de FBI wegens haar sympathie voor de Black Panthers op 40-jarige leeftijd zelfmoord pleegde, citeert en vervormt Rappaport tientallen films naar believen. Hij ontwikkelt spannende ideetjes over mannelijke en vrouwelijke close-ups, legt visuele verbanden tussen Jane Fonda als politiek activiste, Barbarella en fitness-goeroe, monteert Barbra Streisand in plaats van Seberg op de brandstapel en gebruikt het hoofd van Clint Eastwood voor het bekende experiment van Lev Koelesjov over de veranderende betekenis van een identiek close-up gemonteerd tussen beelden met uiteenlopende lading. Rappaport betaalde geen cent: mochten er klachten komen van de rechthebbenden, dan zal hij zich op de Amerikaanse clausule van 'fair use' beroepen: hergebruik is toegestaan in het kader van kritiek, educatie, journalistiek, maar ook als parodie. From the Journals of Jean Seberg is dat alles. Maar Rappaport verwacht dat de Hollywoodstudio's wel uitkijken om hem aan te klagen, omdat dan wel eens een juridisch precedent geschapen zou kunnen worden.