Accountant ingezet voor judogeschil

UTRECHT, 1 FEBR. Voorzitter F. Hoogendijk van de Judo Bond Nederland heeft de verdenking van fraude met bondsgeld nog niet van zich af kunnen werpen. JBN-directeur J. Post, die in een kort geding zijn schorsing aanvecht, beschuldigt de voorzitter van onoorbare declaratiepraktijken, onder meer na bezoek aan een seksclub in Rotterdam. In december stelde de bond Post op non-actief omdat hij zich niet loyaal zou hebben gedragen.

Gisteren werd in Utrecht het kort geding voortgezet. Beide partijen - Post en de judobond - kwamen overeen dat een nog nader aan te wijzen accountant onderzoek gaat doen naar het declaratiebeleid van de judobond over 1992 en '93. Centrale vraag daarbij is in hoeverre het declareren van representatiekosten door Hoogendijk daarin past. Post, ook algemeen secretaris van de judobond, wil het onderzoek laten verrichten door het kantoor Moret, Ernst & Young, Hoogendijk en de judobond geven de voorkeur aan het bureau Van der Snoek, Moelands & Co. Voor morgenmiddag proberen zij tot overeenstemming te komen. Lukt dat niet, dan zal de Utrechtse rechtbankpresident mr. H.F.M. Hofhuis een voorstel doen. Volgens de advocaat van Post, mr. A.W. Brantjes, is zo'n onderzoek ook in het belang van de belastingbetaler. De vergoedingen die Hoogendijk krijgt, betreffen namelijk deels subsidie van het ministerie van volksgezondheid, welzijn en sport. Mr. J.P. Snoek, raadsman van de voorzitter, rangschikte die uitlating van zijn confrère in de categorie “stemmingmakerij”.

Hoogendijks advocaat onderstreepte zijn weerzin tegen het vooruitzicht dat de bond de kosten van een accountantsonderzoek moet betalen, zeker wanneer blijkt dat de voorzitter brandschoon is. “Als het alleen maar lucht blijkt te zijn, kun je de verspreider van die lucht daar op aanspreken”, stelde de rechtbankpresident hem gerust. Desondanks konden beide partijen zich erin vinden dat het onderzoek voorlopig voor rekening van de bond komt. Het kort geding is voor onbepaalde tijd aangehouden.

Begin november hield het bondsbestuur een buitengewone vergadering omdat de geruchten aanhielden dat voorzitter Hoogendijk zich schuldig maakte aan declaratiefraude. Post veronderstelde destijds dat bij de representatiekosten van Hoogendijk rekeningen van seksclubs zaten. Bovendien zou Hoogendijk 'dubbel' declareren, door declaraties zowel in te dienen bij de Nederlandse bond als bij de Europese Judo Unie. Post kreeg van het bestuur de opdracht nader onderzoek naar deze vermeende fraude te doen.

In 1992 werd voor voorzitter Hoogendijk een budget vastgesteld van 18.000 gulden, plus een subsidie van het ministerie van volksgezondheid, welzijn en sport van 4.000 gulden voor representatiekosten. Dit budget van 22.000 gulden geniet Hoogendijk naast de gebruikelijke onkostenvergoeding, bijvoorbeeld voor gereden auto-kilometers.

Na de zitting gaf Hoogendijk gistermiddag voor het eerst commentaar op de beschuldiging dat hij oneigenlijk en dubbel gedeclareerd zou hebben. “Alle beschuldigingen zijn pertinent onjuist”, beweerde de voorzitter. Post vertelt volgens hem “leugens en halve waarheden, goed voor een sappig verhaal”.

Kort na zijn aantijgingen aan het adres van voorzitter Hoogendijk werd directeur Post door de bond op nonactief gesteld. Op de bestuursvergadering van 15 december werd Post gevraagd de nota's die aan zijn verslag van 15 november vastzaten opnieuw te overleggen. Toen hij de ordners opensloeg, bleken volgens Post de eerder door hem overlegde nota's - belastend materiaal voor Hoogendijk - verdwenen en vervangen door andere nota's. Nog geen 24 uur later kreeg hij een telegram met de mededeling dat hij was geschorst, “wegens het ontstaan van een ernstige vertrouwenscrisis”. Vervolgens werd hem verweten dat hij met facturen zou hebben geknoeid. Zijn beschuldigingen werden als onterecht gekwalificeerd. De judobond stuurt inmiddels aan op beëindiging van het dienstverband van Post.

Enkele bondsraadsleden zeiden gisteren na afloop van de zitting dat “Hoogendijk wel erg hoog van de toren blaast”. Zij beweerden rekeningen te hebben gezien die de voorzitter van de judobond heeft gedeclareerd. “Er klopt echt niks van.”

Ook staatssecretaris Terpstra (sport) zal binnenkort haar licht in deze affaire laten schijnen. Het Tweede-Kamerlid Sterk (PvdA) wil weten of misbruik is gemaakt van subsidies.

    • Ward op den Brouw