Rente vertoont wisselvallig beeld

AMSTERDAM, 31 JAN. De rente vertoont de laatste week een wisselvallig beeld. Dit geldt speciaal voor de Nederlandse kapitaalmarkt, waar na een aanhoudende daling in de voorgaande weken, op maandag een rentestijging tot 5,9 procent ontstond.

Op de geldmarkt kon, na een aanvankelijk daling vorige week, later een stijging worden waargenomen. Het tarief voor leningen met een looptijd van een, drie en zes maanden is uiteindelijk ongeveer 5 basispunten lager uitgekomen, op respectievelijk 3,18 procent, 3,10 procent en 3,09 procent. Maar het twaalfmaands tarief bevindt zich weer op het niveau van vorige week (3,15 procent).

De Deutsche Bundesbank en De Nederlandsche Bank hebben hun beleid van dalende tarieven duidelijk voortgezet. DNB verlaagde vorige week donderdag de beleningsrente opnieuw, van 3,3 tot 3,2 procent, nadat de Bundesbank woensdag de vergelijkbare reporente had verlaagd tot 3,55 procent. Vanochtend maakte de Bundesbank bekend dit tarief verder te verlagen tot 3,40 procent. DNB zal morgen wel volgen. Dit lijkt bovendien een voorbode van een verlaging van het Duitse disconto op afzienbare termijn.

Kijkend naar de weekstaat blijkt dat de geldmarkt de afgelopen week wat verkrapte doordat de inhoud van de Schatkist met ruim 1,5 miljard gulden toenam. Onder andere de storting op Dutch Treasury Certificates bracht geld in het laatje. Het verruimende effect van de afname van de hoeveelheid bankbiljetten in omloop, met 89 miljoen gulden, viel hierbij in het niet. Aan de verkrapping werd deels tegemoet gekomen doordat DNB 0,9 miljard gulden meer aan speciale beleningen toewees. Dat dit echter niet voldoende was bleek uit de post voorschotten in rekening courant, waarop ruim 0,7 miljard gulden meer werd getrokken dan een week geleden. Op maandag jongstleden liep dit beroep zelfs op tot boven het gemiddeld toelaatbare beroep in deze contingentsperiode. In de voorgaande dagen was daarentegen juist een relatief gering gebruik gemaakt van de voorschotfaciliteit, zodat per saldo de besparing op het contingent toenam van 0,2 tot 0,6 procent, nadat 12,1% van de periode was verstreken. De kasreserve bleef in de afgelopen week onveranderd, op circa 8,4 miljard gulden. De nieuwe kasreserve, die sinds gisteren tot 8 februari moet worden aangehouden bij DNB, is 2,4 miljard gulden lager vastgesteld. Dit is opmerkelijk, aangezien de schatkist vandaag voor 5 miljard gulden terugbetaalt op vervallende DTC's en ook de reguliere uitgaven aan het eind van de maand op de rol staan, hetgeen eveneens verruimend werkt. Duidelijk is dat DNB rekent op forse belastingafdrachten in de lopende week, omdat daarin de hoge btw-opbrengsten van de verkopen van de feestmaand december zitten en afdrachten voor het vierde kwartaal van vorig jaar. Op vrijdag wordt overigens een nieuwe speciale belening verstrekt, waarmee de geldmarkt nog wat kan worden bijgestuurd.

Bron: Economisch Bureau ING Groep