Hal Hartley schetst drie melodrama's in 'Flirt'; Grote liefde is overal gelijk

Flirt. Regie: Hal Hartley. Met: Bill Sage, Martin Donovan, Dwight Ewell, Geno Lechner, Miho Nikaidoh, Toshizo Fujisawa. In 7 theaters en op het Film Festival Rotterdam.

Bijna een halve eeuw geleden publiceerde Raymond Queneau Exercices de style, een studie in wat je zou kunnen noemen 'Opperfranse letterkunde'. In het boekje, dat in 1978 bewerkt en vertaald werd door Rudy Kousbroek, wordt eenzelfde simpele gebeurtenis op 99 manieren verteld: als blijspel en als flaptekst, in potjeslatijn en in sonnetvorm, met anagrammen en met onomatopeeën, telegrafisch en meetkundig, kort, lang, makkelijk, moeilijk, je-kunt-het-zo-gek-niet-bedenken.

In zijn nieuwe film Flirt, een uitbreiding van een korte film die vorig jaar op het Filmfestival van Rotterdam werd vertoond, doet de Amerikaanse regisseur Hal Hartley iets dergelijks: hij ensceneert drie keer eenzelfde melodrama met verschillende personages in verschillende wereldsteden, en gebruikt daarbij deels dezelfde dialoog. En zo zien we drie maal een vergelijkbare liefdesvijfhoek: eerst onder geblaseerde yuppies in New York, vervolgens onder homoseksuelen uit de art scene van Berlijn, en ten slotte onder butohdansers in Tokio.

Variatie nummer 1 is veruit de aardigste. In de stijl die hij perfectioneerde in films als Trust en Simple Men - droogkomische dialogen, extreme close-ups, minimal music en absurdistische visuele details - vertelt Hartley het verhaal van de onverbeterlijke flirt Bill, die moet kiezen tussen twee van zijn minnaressen en die uiteindelijk per ongeluk in het gezicht wordt geschoten door een rivaal in de liefde. De Hartley-oudgedienden Bill Sage en Martin Donovan maken er een aanstekelijke zestien minuten van, die veel beloven voor de rest van de film.

Maar het beste is dan al achter de rug. De twee volgende episodes duren onnodig lang (30 en 35 minuten) en zijn op een enkele scène na ronduit saai; in 'Berlin, October 1994' wordt bovendien (opzettelijk?) amateuristisch geacteerd. Het lijkt erop dat het Hartley aan fantasie ontbrak om zijn basisidee naar behoren uit te voeren. De enige, overigens hilarische scène die in alle drie de episodes goed gevarieerd uit de verf komt is die waarin een aantal wildvreemden als een Grieks koor commentaar levert op de dilemma's van de hoofdpersoon. In New York zijn dat bezoekers van een urinoir, in Tokio gearresteerde prostituées, en in Berlijn geschoolde arbeiders.

“In gelijke situaties handelen alle mensen hetzelfde, ongeacht in welk milieu ze zich bevinden,” poneert een van de filosofische bouwvakkers in Berlijn. Hal Hartley is het waarschijnlijk volmondig met hem eens. Dat is natuurlijk zijn goed recht, maar bij een film die is opgezet als een serie variaties wordt het een probleem. Flirt had beter kunnen blijven wat het vorig jaar al was: een film van minder dan een half uur waarin één verhaal goed wordt verteld.

    • Pieter Steinz