Duitsland wacht gevecht over sociaal-economisch beleid

BONN, 30 JAN. Het politieke en maatschappelijke gevecht over het fiscale en sociaal-economische beleid dat Duitsland in het jaar 2.000 een halvering van het aantal werklozen (tot 2 miljoen) alsook een drastische verbetering van de industriële structuur moet opleveren is gisteren verder verscherpt.

Tussen kanselier Helmut Kohls krappe coalitiemeerderheid in de Bondsdag en de oppositionele SPD en haar meerderheid in de Bondsraad (de Duitse Eerste Kamer) zal het de komende maanden tot een grote krachtmeting komen op drie gebieden. Namelijk: de hoogte van de AOW, een belastingverlagingsplan à 34 miljard mark en de verdeling van de BTW-opbrengst tussen de regering en de deelstaten. Naar het zich laat aanzien zal dat gevecht pas over een paar maanden worden beslist in de bemiddelingscommissie (Vermittlungsausschuss) van Bondsraad en Bondsdag, die in de Duitse federale structuur bij dergelijke gevoelige patsituaties het laatste (parlementaire) woord heeft. Wat ook betekent dat de kans op een mooi parlementair spektakel straks vermoedelijk verdwijnt naar het teleurstellende politieke grijs van de deskundigen, het type grijs waar ongeduldige media vaak zo boos van worden.

Op de achtergrond spelen de vraag of de kleinste regeringspartij, de FDP, haar huidige misère kan overleven én de vraag of Duitsland zich, voorjaar 1998, op basis van zijn begrotingscijfers over 1997 kwalificeert voor toetreding tot de Europese economische en monetaire unie (EMU) een rol. Voor de probleemstelling telt tevens dat Duitsland over 1995 en - bij ongewijzigd beleid - 1996 door een te groot financieringstekort (3,6 procent) niet voldoet aan de EMU-eis (3 procent).

Mee telt ook een beginselakkoord dat de regeringscoalitie en de sociale partners vorige week sloten over CAO-matiging tot 2.000 in het belang van de werkgelegenheid en de industriële sanering van Duitsland. In het volgens de netto koopkrachtontwikkeling van de CAO-werknemers geïndexeerde sociale-zekerheidsstelsel zullen de AOW-pensioenen namelijk als gevolg van zo'n CAO-matiging ook dalen. Wat, zowel bij AOW-trekkers als bij de SPD als in vele media, al tot grote verontwaardiging heeft geleid. Minister Norbert Blüm (CDU, sociale zaken) wees afgelopen weekeinde weliswaar op de logica van de geldende systematiek, maar hij kon daarmee de opwinding over een straks zeer beperkte aanpassing van de AOW-uitkeringen niet wegnemen. De Bildzeitung, het massablad dat zijn succes mede ontleent aan de dagelijkse articulering van het geldende Volksempfinden, heeft al het aftreden van Blüm geëist.

Onder druk van de FDP en kanselier Helmut Kohl heeft minister Theo Waigel (financiën, CSU) gisteren toch ingestemd met een beperking van de zogeheten Solidariteitstoeslag per 1 juli 1997. Die in West-Duitsland onpopulaire opslag van 7,5 procent op alle directe-belastingsommen voor de opbouw van Oost-Duitsland moet dan tot 5,5 procent worden teruggebracht. Met die beperking is in '97 een bedrag van 4 miljard mark gemoeid.

Sinds de herinvoering in 1993 van de heffing, die eerder al in 1991 en '92 van kracht was, had Waigel steeds geweigerd om zich vast te leggen op opheffing of beperking ervan vóór 1998, het jaar van de volgende Bondsdagverkiezingen. Voor Waigel golden daarbij niet alleen budgettaire motieven. Hij herinnert zich nog de verwijten die de regeringscoalitie kreeg (“belastingbedrog”) nadat zij in 1990 had verzekerd dat voor de Duitse eenwording geen lastenverzwaringen nodig waren. Nadat Kohl en Waigel eind 1990 de verkiezingen hadden gewonnen gingen zij daartoe vervolgens in '91 toch over.

De noodlijdende coalitiepartner FDP, die electoraal profiel probeert te winnen als belastingverlagingspartij, had al maanden om een eerdere beperking van de Solidariteitsheffing gevraagd. Zij had daarvoor afgelopen weekeinde de steun van kanselier Helmut Kohl gekregen op een bezinningsweekeinde van de toppen van de CDU en de CSU in het Beierse plaatsje Bad Kreuth. Kohl had daar de CSU-top ervan overtuigd dat de christen-democraten om strategische redenen de FDP moeten helpen overleven als coalitiepartner, nu en ook in 1998. Kohl weigerde om zichzelf, zoals de CSU wenste, alvast als lijsttrekker van de CDU/CSU voor 1998 te laten benoemen. Zijn positie is zó sterk dat hij Waigel, en de veel verdergaande Beierse CSU-premier Edmund Stoiber, ook zonder zo'n toezegging tot een fiscale knievalletje jegens de FDP wist te krijgen. En dat in Bad Kreuth, het politieke Mekka van de CSU, waar haar vroegere chef Franz-Josef Strauss twintig jaar geleden de samenwerking in de Bondsdag met de toenmalige CDU-oppositieleider Kohl opzegde en daarvan even later nogal smadelijk moest terugkomen.

De SPD en veel Duitse media kritiseren het gisteren genomen coalitiebesluit als een opportuun geschenk aan de FDP, die 24 maart in voor haar existentiële deelstaatverkiezingen in Rijnland-Palts, Baden-Württemberg en Sleeswijk-Holstein boven de kiesdrempel (5 procent) moet zien te blijven. Maar er is méér dat de SPD dwars zit. Want Waigel maakt de komende beperking van de Solidariteitsheffing afhankelijk van de bereidheid van de Duitse deelstaten om in 1997 drie miljard mark van hun aandeel in de opbrengst van de BTW terug te geven. Want zoiets is, benadrukte hij gisteren, afgesproken in 1993 toen het BTW-aandeel van de deelstaten (op dit moment 49,5 procent) werd verhoogd op voorwaarde dat zij overeenkomstig zouden bijdragen aan het Fonds voor de Duitse eenheid.

De deelstaten, die in West-Duitsland overwegend door de SPD geregeerd worden, hebben gisteren al gezegd financieel niet in staat te zijn daaraan te voldoen, mede omdat Waigel enkele regionaal geheven bijzondere bedrijfsbelastingen wil afschaffen in het kader van een algemene belastinghervorming. Maar ook CDU-premiers als Bernhard Vogel, Bernd Seite en Kurt Biedenkopf van de Oostduitse deelstaten Thüringen, Mecklenburg-Vorpommern en Saksen wezen beperking van de Solidariteitsheffing af. Zij het dat zij daarvoor een ander motief gaven, namelijk dat de toestand van de Oostduitse economie dan een beperking van de bestaande Westduitse fiscale offers nog niet toelaat. Ook Vogel sprak voor de televisie over een “verkiezingsgeschenk” aan de FDP.

Naast de aangevochten “geïndexeerde” logica van de Duitse regeringsplannen inzake de AOW, waarover de Bondsdag komende zomer nog een oordeel moet vellen, is er meer dat een rol speelt voor het nu behoorlijk op scherp geraakte Duitse economische saneringsproces. Zo is het bijvoorbeeld de vraag of een door FDP-minister Günter Rexrodt (economische zaken) ontworpen programma van 34 miljard mark aan belastingverlaging, onder meer door verlaging van de tarieven bij een gelijktijdig schrappen van vele aftrekposten, goed valt bij het electoraat van de regeringscoalitie. Een vraag is ook of het Kohls “CSU-onderpand” Waigel zal lukken om daarnaast, bijvoorbeeld op politiek gevoelige subsidieterreinen als de landbouw, de kolenmindustrie en de scheepsbouw, de besparingen door te voeren die nodig zijn. Het grote Duitse politieke gevecht over zulke kwesties is eigenlijk nu pas goed begonnen. Te vroeg? Te laat? Dat zal nog blijken.

4. De aasvis vertoont tekenen van onrust. De ervaren hengelaar ziet dit aan de dobberbewegingen. Recent is door Engelse onderzoekers aangetoond dat van een schooltje karperachtige prooivissen "verkenners' uitgaan die op nog onbekende wijze informatie verzamelen en doorgeven over de aanwezigheid en de "plannen' van een roofvis. Verkenners en school reageren daarna adequaat. Op grond van dergelijke nieuwe gegevens is het verantwoord aan te nemen dat de levende aasvis het gevaar van een roofvis waarneemt. Daarbij passend gedrag wordt echter tegengewerkt door de vislijn. En door de hengelaar: die zal de aasvis op deze plek nog eens verslepen, uit het water halen, weer ingooien enz. Daarbij moeten we bedenken dat de meeste prooivissen sociale dieren zijn. Juist onder bedreiging wordt de neiging sterk een beschermende school te vormen. Dat de levende aasvis de mogelijkheid wordt onthouden deze drang te volgen zal een extra belasting voor het dier zijn. Het vissen op snoekbaars met twee spieringen, door de staart aan één haak geslagen zoals recent beschreven en afgebeeld in Het Visblad, biedt in dat opzicht uiteraard geen verbetering, daar normaal zwemmen de aasvissen vrijwel onmogelijk is gemaakt.

    • J.M. Bik