Condooms op achterbank gehate 'cab'; New York City verhoogt tarief taxi's 20 procent om kwaliteit te verbeteren

NEW YORK, 30 JAN. Dit is geen zeldzaamheid. Je staat in Manhattan op straat met twee koffers en een taxi stopt. Je stapt in en zegt: “John F. Kennedy Airport.” De chauffeur drukt de meterknop in en geeft gas. Bij de volgende straathoek stopt hij en zegt: “Neemt u alstublieft een andere taxi want ik weet niet of ik het haal.”

De taxiservice of het gebrek eraan zijn een voortdurend onderwerp van gesprek in New York City. En niet alleen omdat New-Yorkers altijd kankeren. Vorige week besloot de Taxi- en Limousinecommissie dat per 1 maart de tarieven van taxiritten met 20 procent omhoog kunnen maar dat dan ook de kwaliteit van de voertuigen moet verbeteren. Ook zal eind juni een vast bedrag van 30 dollar voor vervoer vanaf JFK gaan gelden, om woekerprijzen op dat traject een halt toe te roepen.

Het is voor het eerst in zes jaar dat de tarieven stijgen, zodat de gemiddelde New-Yorkse taxirit nu 6,60 dollar zal kosten, in plaats van 5,50 dollar. Een andere voorwaarde is dat de auto's beter moeten worden geïnspecteerd. Ook mogen ze maar niet onbeperkt blijven rijden maar moeten ze na drie of - voor kleine eigenaars die alleen rijden - na maximaal vijf jaar worden vervangen. Ook vorige week besloot de gemeenteraad dat het aantal taxi's in New York met 400 stuks kan worden uitgebreid tot 12.187. Het was de eerste toegestane groei van de New-Yorkse taxivloot sinds 1937.

Het is niet zonder slag of stoot gegaan. Broadway was vorige week woensdag nog het toneel van een lang lint van protesterende chauffeurs die vooral bezwaar hadden tegen regelmatige vervanging van hun wagens. Veel New-Yorkse taxi's zijn overgespoten, afgeragde politie-auto's. Het is armoe troef voor de chauffeurs, die de eerste acht uren van hun dag werken om de huur voor de taxi te betalen en pas daarna beginnen te verdienen. Geen wonder dat de allerarmste immigranten in taxi's te vinden zijn.

De rijvergunning, medallion geheten, gaat tegenwoordig voor soms wel 200.000 dollar van de hand. Oudere taxichauffeurs zijn dan ook fel tegen de groei van de taxivloot omdat ze hun pensioen in gevaar zien komen. Jarenlang hebben ze gerekend op de verkoop van hun rijvergunning voor omtrent de twee ton. De nieuwe rijvergunningen worden bij opbod verkocht en zullen volgens kenners minder dan 200.000 dollar opbrengen.

De yellow cab, net zo New-Yorks als het vrijheidsbeeld, is beroemd en berucht. Dankbaar onderwerp voor films, zoals 'Taxi Driver' en 'Night on Earth', en tv-series, 'Taxi', is de New-Yorkse taxi in werkelijkheid nog veel kleurrijker, gruwelijker en fantastischer dan op het witte doek. Het is waar dat veel chauffeurs nauwelijks Engels spreken zodat een examen Engels is ingevoerd. Ook een examen 'Basisgeografie van Manhattan' staat op het lesprogramma. Het is eveneens waar dat veel taxi's bedompt kunnen ruiken zodat nu verplichte air-conditioning wordt ingevoerd. Op de achterbank of op de bodem van een taxi kun je interessante dingen vinden, zoals paraplu's, koffiebekers, bankbiljetten en condooms. De New-Yorkse taxi's zijn echter ook zo goedkoop dat als je met drieen bent de taxi voor korte ritten op Manhattan goedkoper is dan de subway. Kost een taxirit van ongeveer vijf kilometer in Amsterdam al gauw twintig gulden, in New York betaal je voor dezelfde afstand volgens het nieuwe tarief elf gulden (6,50 dollar). Het wachttarief is 35 cent per minuut en de avondtoeslag is 85 cent per rit.

Het is helaas ook waar dat er jaarlijks enkele tientallen chauffeurs bij berovingen worden vermoord, zodat taxichauffeurs volgens de sterftecijfers gevaarlijker beroepen uitoefenen dan politie-agenten en brandweerlieden. De reactie daarop van taxichauffeurs is dat ze gevaarlijk uitziende passagiers weigeren, met als gevolg dat veel chauffeurs de klanten met een niet-blanke huidskleur langs de weg laten staan.

Paradoxaal genoeg heeft de meerderheid van de chauffeurs zelf ook een niet-blanke huidskleur. Er zijn hoge percentages Haitiaanse, Latijns-Amerikaanse, Afrikaanse, Indiase en Pakistaanse chauffeurs. Verder zie je veel Oosteuropese chauffeurs. Als de chauffeurs de vaste rijders van de wagen zijn veranderen ze het interieur, al naargelang hun herkomst. In de auto van een chauffeur uit Ecuador klinkt Spaanstalige muziek en aan een sleutelhanger hangt een vlaggetje van het land. Een chauffeur uit India die van het vliegveld LaGuardia naar de stad rijdt, voert een heftig gesprek in zijn eigen taal via een bakkie waarin de term Brooklyn-Queens Expressway bijzonder vaak voorkomt. Weet hij de weg wel? Hij schreeuwt als een moeddzin in zijn microfoon.

En zoals waarschijnlijk overal zijn ook de chauffeurs in New York om een praatje verlegen. Een oudere Rus vertelt in bedroevend slecht Engels dat hij al zestien jaar in New York woont. Hij denkt dat de gehele VS eruitziet als New York en bij navraag blijkt dat hij inderdaad nooit ver buiten de stad is geweest. Een andere taxichauffeur, afkomstig uit Afghanistan, wist kort na de bomaanslag op het World Trade Center te vertellen dat de dader geen landgenoot van hem kon zijn, want, zei hij met stelligheid “dan had het WTC er niet meer gestaan.”

    • Lucas Ligtenberg