Roet en zand als excuus redt Sandra Zwolle

ASSEN, 29 JAN. “Het enige wat ik kan bedenken is dat ik op dit ijs niet goed weg kwam.” Sandra Zwolle, een van Nederlands beste sprinters, leek lange tijd hetzelfde lot beschoren als haar vroegere buurjongen Falko Zandstra. De Fries slaagde er onlangs op het NK allround niet in zich bij de eerste drie te rijden. Hij kwalificeerde zich daardoor niet voor het Europees kampioenschap, dat uitgerekend in zijn geboorteplaats Heerenveen werd gehouden. Sandra Zwolle begon zaterdag aan het NK sprint in Assen in de gedachte dat ze bij de eerste drie zou eindigen. In dat geval zou ze zich plaatsen voor het WK sprint, over drie weken eveneens in Heerenveen. Zwolle reed slecht en eindigde op een vierde plaats. Toch verschijnt ze in haar woonplaats aan de start op het WK.

Waar de NK sprint bij de mannen niet meer dan een verplicht nummer was en Gerard van Velde gemakkelijk kampioen werd, zorgde Sandra Zwolle er voor dat het kampioenschap bij de vrouwen verrassend verliep. Op het natuurijs in Assen, waar alle schaatsers op de eerste dag door de harde wind, zand en roet uit het Ruhr-gebied op de baan slechte tijden reden, eindigde ze op de 500 meter als vierde en op de 1.000 meter als vijfde. Commentaar wilde ze op die eerste wedstrijddag niet geven. Tranen, geplengd wegens de vooruitzichten van een WK voor de televisie, maakten woorden overbodig.

Als vierde in het tussenklassement begon Zwolle aan de tweede dag, waarop dezelfde afstanden (500 en 1.000) meter nog een keer werden gereden. Op de tweede 500 meter slaagde ze er weer niet in zich bij de eerste drie te rijden. Opnieuw gingen Annamarie Thomas, Andrea Nuyt en Christine Aaftink eerder over de streep. Maar op de 1.000 meter was er weer iets van de oude Zwolle terug. Ze eindigde als tweede, waardoor in het eindklassement de verschillen met nummer twee Aaftink en nummer drie Nuyt minimaal bleven. Aan die betrekkelijk goede 1.000 meter en haar knappe prestaties dit seizoen tot Assen dankt ze haar startbewijs op het WK in Heerenveen.

Annamarie Thomas reed naar eigen zeggen “vier slechte wedstrijden”. Toch was ze drie keer de concurrentie te snel af en werd ze net als vorig jaar Nederlands kampioene. Ze profiteerde in Assen nog van resterende adrenaline die de tweede plaats op het Europees kampioenschap in Heerenveen haar vorige week had bezorgd. Thomas had deze week nog op een buitenbaan getraind, als voorbereiding op het NK in De Smelt in Assen, een (half-overdekte) buitenbaan.

Zwolle was de hele week binnen gebleven, in Thialf. Zonder wind, zonder zand, zonder roet. Thomas had geen goed woord over voor Zwolle, die het ijs als oorzaak van haar wanprestatie aanvoerde. “Belachelijk. Ik vind dat een zwak excuus. Al een jaar is bekend dat het NK in Assen gereden wordt. Ze had hier gewoon een week van tevoren moeten trainen. Je moet je optimaal voorbereiden en dat heeft zij niet gedaan.” Thomas, over een pregnant verschil tussen Thomas en Zwolle: “Ik presteer en zij doet dat niet.”

Zwolle vond het maar gek. Dat je je op een buitenbaan dient te selecteren voor een (wereld)kampioenschap dat binnen gereden wordt. Wat dat betreft had ze velen aan haar zijde, onder wie Leen Pfrommer, bondscoach van de vrouwensprinters en diens collega bij de mannen, Floor van Leeuwen.

Klagers vonden elkaar wanneer de kwaliteit van het ijs ter sprake kwam. Het zand maakte het schaatsen vooral op de eerste dag moeilijk. En dan was er nog de bruine roetlaag op het ijs. “Zaterdag was het om wanhopig van te worden, zo slecht. Eigenlijk te slecht om een NK op te houden”, oordeelde Pfrommer. “Je had het schaatspak van Erik Bouwman moeten zien na zijn val op de 500 meter. Het was één grote baggerzooi.”

Tussen de wedstrijden door draaide ijsmeester Jaap Middel trouw zijn rondjes op de dweilmachine. Hij heeft al zestien jaar de zorg voor het ijs in De Smelt. “Maar nog nooit was het ijs als gevolg van het zand zo slecht als de afgelopen week. Als ijsmeester doe je daar niks aan. Direct nadat er geveegd was, lag er weer een laag zand op het ijs.”

De beslissing van de bond om Zwolle naar het EK af te vaardigen en niet Nuyt, betekende uiteraard een teleurstelling voor de 21-jarige Goudse uit de sprintkernploeg. “Ze had er begrip voor”, zei Pfrommer. Als troostprijs mag ze als reserve mee naar het WK. “Andrea was in een bloedvorm en heeft een gigantisch NK gereden”, aldus Thomas.

Bij de World-Cupwedstrijden in het Italiaanse Baselga di Piné stelde Carla Zijlstra weer teleur. Op de EK in Heerenveen slaagde ze er niet in zich te plaatsen voor het WK. Desondanks achtte de KNSB haar matige optreden, mede het gevolg van ziekte, voldoende voor een startbewijs op het WK allround dat aanstaand weekeinde in het Zuidduitse Inzell wordt verreden. Barbara de Loor, die Zijlstra op de 1500 meter bijna drie seconden voorbleef en op de drie kilometer slechts tweetiende seconden verspeelde, meende op grond van haar prestaties dat zij recht had op een startplaats in Inzell. De keus voor Zijlstra vindt ze “raar, lullig en onterecht.”