Pierre Boulez

Birtwistle: o.a. Secret Theatre (DGG 439 910-2) Boulez: o.a.

De Franse componist en dirigent Pierre Boulez is al lang weer uit Nederland vertrokken, nadat hij aan het begin van het seizoen bij de Nederlandse Opera de prestigieuze produktie van Schönbergs Moses und Aron leidde en intussen ook nog het middelpunt was van een festivalletje. Maar in de platenzaak staart hij ons nog steeds met een stoïcijnse blik aan. Deutsche Grammophon wist Boulez van Sony af te troggelen en neemt met hem de twintigste-eeuwse muziekgeschiedenis nog eens door, voordat die definitief voorbij is.

Het resultaat is een eigenzinnige, Bouleziaanse keuze uit de vele hoogtepunten van deze eeuw, vooral de naoorlogse muziek. Steeds weer zijn de uitvoeringen van een ongekende precisie. Maar het kille, analytische oor waar Boulez zich vroeger nog wel eens door wilde laten leiden, heeft met de jaren plaats gemaakt voor meer warmte, voor meer - ik durf het bijna niet te zeggen - muzikaliteit. De hoge kwaliteit van de opnamen draagt daar sterk toe bij.

Vandaar dat het terecht is dat Boulez zich voor de tweede keer aan het kleine oeuvre van Anton Webern waagt. De oude opnamen (die door Sony op cd zijn heruitgegeven) waren een mijlpaal voor de platenindustrie en ze waren van groot belang voor een hernieuwde waardering van Webern. Maar de nieuwe opnamen zijn sprankelender. Boulez lijkt Webern meer in de laat-romantische traditie te plaatsen, en hem niet meer alleen te beschouwen als de grondlegger van het serialisme.

Ook in andere opnamen blijkt Boulez' nadrukkelijke, persoonlijke visie, zowel historisch als zuiver muzikaal, Of hij nu werk van Ravel dirigeert (Daphnis et Chloé en La Valse), van Harrison Birtwistle (ondermeer Secret Theatre), van Ligeti of van zichzelf, en of hij nu voor de Berliner Philharmoniker, The Cleveland Orchestra of het Ensemble InterContemporain staat, steeds weer weet hij de muziek nieuw te laten klinken en een onverwachte kleur te geven.

Een van de allermooiste opnamen tot nu toe, is die van enkele van zijn eigen werken, waaronder ...explosante fixe.... Deze muziek, met zijn onnavolgbare ruimtelijke werking en zijn wisselwerking tussen akoestische instrumenten en de elektronische vervorming van hun klank, komt juist op een cd - het liefst met koptelefoon - het best tot zijn recht. De luisteraar waant zich in een eigenaardig, wonderschoon klanklabyrint.

Behalve dit stuk voor twee fluiten en elektronica, staan op de cd ook twee oudere werken: Notations I-XII, voorbeeldig uitgevoerd door pianist Pierre-Laurant Aimard, en Structures II voor twee piano's door Aimard en Florent Boffard.

    • Paul Luttikhuis