Impasse Rijnmond

ALSOF DE POLITIE het al niet moeilijk genoeg heeft opperde minister Dijkstal (Binnenlandse zaken) onlangs in de Eerste Kamer dat er wel eens sneller dan gedacht een nieuwe reorganisatie nodig zou kunnen zijn. Het was allemaal nog heel voorzichtig geformuleerd, maar zorgde meteen voor onrust. Toch had Dijkstal een punt: de politie moet zich voegen naar de algemene bestuurlijke organisatie. De nieuwe regiokorpsen doen dat niet en zweven tussen de direct gekozen bestuurslagen. Eens zal dit “democratisch gat” dienen te worden gedicht, zo heeft de Tweede Kamer ook al uitgesproken, en de aansluiting te worden gemaakt.

De minister liet echter na te vermelden bij wélke bestuurlijke organisatie de politie moet aanhaken. Stadsprovincies voor de drie grote steden zijn in verschillende stadia van voorbereiding, enkele andere stedelijke regio's zitten in de wachtkamer, maar de bewindslieden van binnenlandse zaken zien ook wel iets in de combinatie van krachtdadige gemeentelijke herindeling en een revival van de traditionele provincie. En dan moet ook het oerwoud van gespecialiseerde intergemeentelijke samenwerkingregelingen worden opgeschoond. HOE INGEWIKKELD de knoop is geworden illustreert de impasse over de stadsprovincie Rotterdam die nu in de Tweede Kamer is ontstaan. Rotterdam is de voortrekker van de bestuurlijke reorganisatie, maar ook de erfgenaam van het Openbaar Lichaam Rijnmond dat ten onder is gegaan aan de spanningen tussen regiobestuur en de overheersende centrumgemeente. Opsplitsing van de stad Rotterdam in tien afzonderlijke gemeenten - de concessie aan de bezorgde randgemeenten - werd echter in een referendum verworpen.

Een behoorlijke oplossing is een “breinbreker”, gaf premier Kok toe. Het kabinet heeft tenslotte gekozen voor een centrale stad binnen de rondweg met vier voorsteden als nieuwe gemeenten. Gezien de conflicterende wensen is dat geen onredelijk compromis. Het debat is dit stadium echter kennelijk voorbij. Na de eerste ronde van het kamerbehandeling is de verwarring compleet. Elk van de vier grote fracties wil wat anders.

Om politiek-schaaktechnische redenen zou er tenslotte een tweedeling van de provincie Zuid-Holland uit kunnen komen. Maar dat miskent de reden waarom het werk aan de stadsprovincie eigenlijk is begonnen, de specifieke behoeften van de grootstedelijke regio. De noodzaak van een gerichte aanpak is tot dusverre niet weerlegd. Dat deze democratisch controleerbaar moet zijn evenmin.

De tragikomedie van de Rotterdamse stadsprovincie doet wel enigszins af aan het beeld van “geen woorden maar daden” waarop men zich in deze contreien graag laat voorstaan. Maar dat is geen excuus voor de wetgever in Den Haag. De afstand tussen burger en politiek die door initiatieven als het referendum juist een beetje overbrugd heet te zijn, kan door het klaverjassen in de Kamer alleen maar weer worden vergroot.

WIE EEN ADEQUATE bestuursvorm voor een regio met de grootste haven ter wereld op de lange baan schuift, zit helemaal met lege handen. En over de schouder van Rotterdam kijkt meer dan een dozijn andere stedelijke knooppunten gespannen mee. Nog afgezien van de politieregio's, en de vervoersregio's, en de arbeidsvoorziening, en noem maar op.