Hockey-jubilaris oogst in Barcelona 'oohs' en 'aahs'

BARCELONA, 27 JAN. De filosofieën van Johan Cruijff zijn vaak even simpel als raak, ondervond Taco van den Honert deze week. De trainer-coach van FC Barcelona leidde dinsdag de Nederlandse hockeyploeg door de catacomben van het Nou Camp-stadion en doceerde zijn gasten en passant een wijze les. “Cruijff stelde het heel eenvoudig: morgen spelen jullie tegen de Belgen, jullie zijn beter en zorg dat dat zo blijft. Laat ze dus niet hockeyen. Hou ze daarom niet op vijf, maar op één meter afstand.” Van den Honert knijpt de ogen toe bij het vertellen van de anekdote en schiet in de lach. “Eigenlijk heel simpel, maar o zo waar.”

De 29-jarige centrumspits van Amsterdam, roepnaam Taak, speelt vandaag tegen Wit-Rusland zijn tweehonderdste interland voor het nationale hockeyteam. Diepeveen (286), Delissen (243), Bovelander (226), Van 't Hek (221), Brinkman (217) en Kruize (202) gaan de behendige pingelaar voor op de ranglijst aller tijden. “Spelen voor Oranje beschouw ik nog altijd als een hele eer, maar het aantal interlands zegt mij niet zoveel. Aan stoppen denk ik voorlopig nog niet. Veel zal afhangen van eventueel succes in Atlanta.”

In 1987 maakte de toenmalige speler van Laren zijn debuut voor de ploeg die destijds gedomineerd werd door mondige types als Tom van 't Hek en Cees Jan Diepeveen. Een harde leerschool voor het onbevangen talent uit 't Gooi. Negen jaar later is Van den Honert een van de routiniers van het elftal. “Ik voel die verantwoordelijkheid, dat wel. Maar ik ben geen prater in het veld zoals Delissen. Mijn verantwoording vertaalt zich in geslaagde acties. Op die manier hoop ik anderen over het dode punt heen te tillen.”

Na vijf duels is de technicus met negen goals topscorer van het olympisch kwalificatietoernooi. In de wedstrijd met de honkbaluitslag (9-4), die van woensdag tegen België, passeerde hij doelman Van Oost liefst vijf keer. De voorlaatste treffer betekende zijn honderdste interlanddoelpunt. Donderdag voegde Van den Honert tegen Groot-Brittannië twee doelpunten aan het totaal toe. Aan de vooravond van zijn tweehonderdste cap staat de teller op 103, drie minder dan Van 't Hek in het shirt van Oranje maakte. Grijnzend: “Die 106 evenaar ik dit toernooi nog wel. Dat kost Tom een etentje.”

Samen met rechterspits Stephan Veen en laatste man Erik Jazet is hij in Barcelona een van de weinigen die zich aan de grauwe middenmaat bij Oranje onttrekken. Met zijn trefzekerheid vanaf de cirkelrand heeft Van den Honert bovendien de gedachten aan Floris-Jan Bovelander, het afwezige strafcornerkanon van Bloemendaal, naar de achtergrond verdrongen. Maar tevreden is de jubilaris niet over zijn eigen optreden. “Ik gooi er hier weliswaar een sloot strafcorners in, maar om nou te zeggen dat ik op m'n best speel: nou nee, niet bepaald.”

Over het wisselvallige spel van Oranje is hij opvallend kort. “Dit toernooi leeft niet. Wij spelen niet vanuit ons hart, omdat we weten dat we ons hoe dan ook plaatsen.” Bovendien worstelt de ploeg volgens Van den Honert met de naweeën van het sprankelende spel zoals de hockeyers dat lieten zien tijdens het WK van ruim een jaar geleden in Australië. “Het niveau dat we daar haalden was enorm hoog. We streven ernaar dat niveau te evenaren, maar voorlopig blijft het bij dat streven en niet meer dan dat.”

Van den Honert benut het pre-olympische toenooi om zijn ritme hervinden. Na het WK bedankte de topscorer van Sydney tijdelijk voor het Nederlands team, hockeymoe als hij was. Het EK liet hij in samenspraak met Oltmans aan zich voorbij gaan. Afgelopen najaar keerde hij terug. De hernieuwde kennismaking liep uit op een teleurstelling. Bij de strijd om de Champions Trophy eindigde Oranje als vierde en Van den Honert deelde in de malaise. “Ik moest duidelijk weer even wennen.”

Vier maanden later is hij hard op weg de faam van dribbelkoning en sleeppush-grootmeester te doen herleven. Op de matig bezette tribunes in Barcelona weerklonken de afgelopen dagen regelmatig bewonderende 'oohs' en 'aahs' wanneer Van den Honert weer een van zijn onnavolgbare slaloms inzette.

Hockey op gevoel, slechts af en toe aangevuld met verstand. “Ik doe vaak maar wat. Het vreemde is: alleen bij een mislukte dribbel herinner ik me wat er precies fout ging. Geslaagde solo's beleef ik in een roes.” Een artistiek kunstenaar met een exacte achtergrond. Van den Honert lijkt een wandelende paradox. Onzin, vindt de student informatica en parttime automatiseringsdeskundige. “Programmeren vergt ook creativiteit.”

    • Mark Hoogstad