Serviërs 'werken mee' aan onderzoek graven

SARAJEVO, 26 JAN. De Bosnische Serviërs hebben beloofd mee te werken aan het onderzoek naar massagraven in Bosnië. De commandant van de internationale vredesmacht IFOR zei gisteren dat er in Bosnië tussen twee- en driehonderd massagraven zijn.

Onder druk van de internationale gemeenschap en van de Servische president, Slobodan Milosevic, hebben de leiders van de Bosnische Serviërs hun verzet tegen het onderzoek naar de massagraven opgegeven. Gisteren nodigde Milosevic de voltallige leiding van de Bosnische Serviërs uit voor overleg in zijn buitenhuis nabij Belgrado. Daarbij stonden het onderzoek naar de massagraven en de vrijlating van krijgsgevangenen hoog op de agenda.

Volgens bronnen in Belgrado beloofden de Bosnisch-Servische leiders hun medewerking op beide punten, in ruil voor een opheffing van de sancties die Joegoslavië (Servië en Montenegro) anderhalf jaar geleden tegen de Bosnische Serviërs afkondigde wegens hun verzet tegen een vredesregeling.

Woensdag al lieten twee leiders van de Bosnische Serviërs weten zich niet langer te verzetten tegen een internationaal onderzoek naar de massagraven. Nikola Koljevic, 'vice-president' van de 'Servische Republiek' in Bosnië, zei dat de internationale onderzoekers “alles zullen mogen zien” en dat de Bosnische Serviërs “niets zullen verbergen”. Momcilo Krajisnik, de voorzitter van het 'parlement' van de Bosnische Serviërs, zei dat “onze leiding heeft ingestemd met maximale medewerking met elke instantie die de beschuldigingen over massagraven wil onderzoeken”.

IFOR-commandant Leighton Smith heeft gisteren gezegd dat de NAVO-vredesmacht niet in staat is alle massagraven in Bosnië te bewaken om aldus het uitwissen van sporen door de daders van massa-executies te voorkomen. Volgens admiraal Smith zijn er te veel massagraven om ze te kunnen bewaken. “De laatste schatting die mij ter ore is gekomen is dat er tussen twee- en driehonderd vermoedelijke massagraven zijn.” Een daarvan meet twee vierkante kilometer. Smith heeft wel beloofd internationale onderzoekers te beschermen als zij hun onderzoek ter plaatse beginnen.

Vertegenwoordigers van de drie partijen in Bosnië hebben gisteren afgesproken de bewegingsvrijheid van journalisten in heel Bosnië tot prioriteit te maken. Op het ogenblik hebben buitenlandse verslaggevers beperkte vrijheden bij het overschrijden van frontlijnen; plaatselijke journalisten kunnen frontlijnen vrijwel nooit over.

De Kroatische minister van buitenlandse zaken, Mate Granic, heeft - in wat wordt beschouwd als een waarschuwing aan het adres van de Bosnische Kroaten - gezegd dat Kroatië voorstander is van de vorming van een gemengde, uit moslims èn Kroaten bestaande politiemacht in de verdeelde stad Mostar. Die gemengde politiemacht had er bijna twee jaar geleden al moeten zijn. Ze is nooit tot stand gekomen wegens het verzet van de Kroaten van Mostar. (Reuter, AP, AFP)