Rusland en de raad

DE TOELATING van Rusland tot de Raad van Europa, waarmee de assemblée gisteren heeft ingestemd, betekent dat we het beeld van ons werelddeel zullen moeten bijstellen. Het zal zich uitstrekken tot Vladivostok, en dat is toch even wennen. De Raad van Europa heeft weliswaar reeds Turkije als lid, maar heel Siberië erbij is weer wat anders. Het wordt ook lastig Kaukasische en zelfs Aziatische aanvragen voor het lidmaatschap af te wijzen.

Het conflict in Tsjetsjenië is een reden geweest de toetreding van Rusland op te schorten. De gewelddadige Russische aanpak valt moeilijk te verenigen met de gebruikelijke werkmethoden van de raad. Maar nu geeft de doorslag dat een nieuwe afwijzing het verkeerde signaal zou zijn voor de democratische krachten in Rusland. Dit argument valt een zekere kracht niet te ontzeggen; nog onlangs gaf het ook de doorslag voor het Europese parlement in te stemmen met een douane-unie met Turkije ondanks ernstige bedenkingen over de situatie van de rechten van de mens in dat land. BIJ DE EUROPESE UNIE zijn de rechten van de mens, hoe belangrijk ook, niet de kernactiviteit, bij de Raad van Europa juist wel. Hij biedt onderdak aan het Europese Hof voor de rechten van de mens, dat een unieke doch nog steeds kwetsbare rechtsgang biedt voor individuele klachten van burgers tegen staten. Zal dit hof de tanden niet stuk bijten op een supermogendheid als Rusland? Het Europese rechtssysteem wordt al op de proef gesteld door de uitbreiding met meer dan een dozijn Oosteuropese staten. Het belang van de raad als een voorportaal valt niet te verwaarlozen. Maar de vorige Nederlandse minister van buitenlandse zaken Kooijmans herinnerde in 1993 met reden aan “de noodzaak de principes en waarden van de Raad van Europa te behoeden voor verwatering”.

Voorstanders van toetreding repliceren dat de raad de eerste Europese organisatie wordt waar de Westeuropese staten een onderonsje kunnen hebben met Russen buiten aanwezigheid van de Amerikanen, in tegenstelling dus met de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE). Met name de Fransen heten te hechten aan het exclusieve forum. Het is echter riskant zo'n zwaar politiek gewicht te verlenen aan een organisatie als de raad, die het tot op heden vooral moest hebben van goede werken op de achtergrond. DE BEOOGDE politisering bewijst niet noodzakelijk een dienst aan het respect voor de rechten van de mens en democratie, de Europese culturele identiteit en een moderne samenleving - de drie prioriteiten die de organisatie zich in haar moderniseringsplan van een aantal jaren geleden heeft gesteld.

Het was nu juist de bedoeling dat de Raad van Europa zich door de nadruk op normen en waarden zou onderscheiden van de OVSE, die langs politiek-diplomatieke weg zou proberen de veranderingen op ons continent in goede banen te leiden. De Raad van Europa zou haar de aanwezigheid van de Verenigde Staten als dompteur van de Russische beer nog wel eens kunnen benijden.