JOS KUNST 1936-1996; Zoeker naar stilte

Jos Kunst, die 18 januari op 60-jarige leeftijd overleed, was 'quite a character', zoals de Engelsen een figuur als Kunst noemen. Hij studeerde eerst Romaanse letteren en mathematische logica alvorens voor de muziek te kiezen. Hij promoveerde in 1978 op 'Making Sense in Music' en publiceerde in 1988 een 'Filosofie van de Muziekwetenschap'. Kunst was als componist eerst een leerling van Joep Straesser en later van Ton de Leeuw. Ook de naam van Jan Vriend mag niet onvermeld blijven, want Vriend en Kunst componeerden zelfs tezamen een compositie.

De eerste bijdrage die Kunst leverde aan een Gaudeamusmanifestatie, verliep in de Grote Kerk te Zwolle in 1965 vrijwel geluidloos: veel liefhebbers kwamen niet af op Centrum der Stilte. Vriend maakte hier Terrasses inondées. Insekten voor orkest ging in 1967 in Rotterdamse Doelen en werd bekroond met de AVRO-aanmoedigingsprijs. Twee jaar later kwam de doorbraak met een dubbele selectie: Expulsion voor tape en Arboreal voor groot orkest, dat Kunst de eerste prijs opleverde.

Het was een enerverende tijd, het tijdschrift 'Mens en Melodie' schreef over jonge klankzoekers, die doen denken aan 'kinderen die aan het strand op een ezeltje mogen rijden: ze zijn er niet meer van af te krijgen. Ze clusteren, glissanderen, tremoleren, trommelen en rommelen er onverschrokken op los.'

Inderdaad: kinderen, want het was de tijd van het Musis Lab onder Bernard van Beurden, met veelal jongeren in de gelederen, en het Amsterdams Studenten Kamer Orkest van Jan Vriend, die de professionals in de nieuwe muziek het nakijken gaven! Maar de allesomvattende gebeurtenis was natuurlijk kort na de Gaudeamus Muziekweek van 1969 het optreden van de actiegroep 'De Notenkraker'. Altijd weer worden daarbij de leerlingen van Kees van Baaren eerst genoemd, maar die van Ton de Leeuw (onder wie dus ook Kunst, die vervolgens uit het Genootschap voor componisten stapte) hebben ook een belangrijke rol gespeeld in de clash met het establishment.

Voor mij ligt het zwaartepunt van het componeren bij Kunst in deze tijd: werken als Trajectoire voor koor en orkest, Outward Bond voor orkest, maar ook het uiterst virtuoze No Time At All voor basklarinet en piano. Toen viel geleidelijk de stilte. In 1965 stopte Kunst zelfs met componeren, teleurgesteld over het gemis aan betrokkenheid binnen het wereldje van de steeds zakelijker geworden nieuwe muziek.

Kunst verplaatste het centrum van zijn activiteiten naar lesgeven en zelfs naar het schrijven van gedichten: de bundel Niemand blijft ooit zichzelf (1982). Als docent viel op hoeveel waarde hij hechtte aan de perceptie van de muziek en daar school een interessant spanningsveld. Want de zeer dichte muzikale klankvelden uit de scholen van Varèse en Xenakis, razend virtuoos en uiterst nerveus gespannen, vereisen veel luisterroutine en Kunst en de zijnen hechtten aan een directe emotionele binding met hun publiek.

Kunst koos nooit de gemakkelijkste weg, zo kwam hij tot de absolute afwijzing van van Strawinsky's Psalmensymfonie en alles wat maar in de sfeer van Poulenc viel. Kunst en Vriend vormden het geweten van de avantgarde en ook toen Kunst weer begon te componeren, bleek hij zich aan te passen aan welke gemakzuchtige trend dan ook. Er leefde in deze taaie radicaal een furor divinus, die zich in zijn eigen geestelijke wereld afzette tegen materialistisch denken, wat steeds meer om zich heen greep, een sociaal geëngageerde èn asceet. Kortom, een representant als geen ander van die geladen late jaren zestig.

Tragisch was dat hij zich na een periode van stilte weer manifesteerde met onder meer Topos Teleios (1993-1994) voor strijkkwartet, maar deze nieuwe lijn niet meer heeft kunnen doorzetten. Topos Teleios is in de platonische mystiek de ideale plaats, waarnaar wordt gezocht. Die plaats is zozeer aanwezig is, dat zij degene die zich daar bevindt, geheel absorbeert: een 'centrum der stilte', wat anders? Met Topos Teleios, dat misschien wel moest verschijnen aan het eind van dit gebroken oeuvre, is de kring gesloten.

    • Ernst Vermeulen